Editie 2021Editie 2022

Foto omschrijving: Een gezin aan het ontbijt

Wat spreken mensen thuis vooral?

De meeste mensen in Nederland, drie kwart van de 15‑plussers, spreken thuis vooral Nederlands. Een kwart gebruikt thuis een andere voertaal. Dat kan dialect zijn, een regionale taal (Fries, Limburgs of Nedersaksisch) of een andere taal (zoals Engels, Pools of Turks). Er zijn wel grote verschillen tussen de provincies.

FryslânDrentheZeelandLimburgNoord-BrabantOverijsselZuid-HollandGroningenNoord-HollandGelderlandUtrechtFlevolandLimburgsNedersaksischFriesDialectNedersaksischDialectAndere taalNedersaksischAndere taalNedersaksischAndere taalAndere taalLimburgishDutchLower SaxonFrisianDialectLower SaxonDialectOtherLower SaxonOther Lower SaxonOther Other Wat spreken mensen thuis vooral?What is the most spoken language or dialect at home?50%40%69%25%11%85%68%24%10%81%86%12%5%91%68%25%11%87%31%61%30%65%46%48%NederlandsOverigOther

Ruim 10 procent van de 15‑plussers spreekt thuis een van de drie door de overheid erkende regionale talen: Fries (2 procent), Nedersaksisch (5 procent) of Limburgs (ruim 3 procent). Het Nedersaksisch komt vooral voor in Gelderland, Overijssel, Drenthe en Groningen. Een dialect wordt door ruim 5 procent van de 15‑plussers in Nederland thuis het meest gesproken en een andere taal, zoals Turks, Engels of Marokkaans/Berbers, door ruim 8 procent. In totaal is bij bijna een kwart van de 15‑plussers de voertaal thuis geen Nederlands, maar een dialect, een regionale taal of een andere taal.

In Limburg en Fryslân is Nederlands het minst vaak de voertaal thuis

Provincies verschillen sterk in de taal of dialect die thuis het meest gesproken wordt, waarbij dialecten en talen zich uiteraard niet aan de provinciegrenzen houden. In Limburg spreekt minder dan de helft (46 procent) en in Fryslân de helft van de mensen thuis vooral Nederlands.

Van de Friezen spreekt 40 procent thuis voornamelijk Fries, van de Limburgers 48 procent Limburgs. Het Nedersaksisch wordt door 31 procent in Drenthe, door 26 procent in Groningen en door 24 procent in Overijssel thuis gebezigd. Inwoners van Zeeland en Noord-Brabant communiceren thuis relatief vaak in een dialect dat niet behoort tot een van de regionale talen. In Flevoland, Noord- en Zuid-Holland spreekt men met ruim 10 procent thuis het vaakst voornamelijk een andere taal, zoals Engels, Turks, Marokkaans/Arabisch en Pools. In Drenthe is dit met 3 procent het minst het geval.

Meest gesproken taal thuis (15 jaar of ouder) (%)
Provincie Nederlands Dialect Nedersaksisch Fries Limburgs Andere taal
Groningen 67,7 0,0 25,5 1,9 0,0 4,9
Fryslân 50,2 2,8 2,8 39,6 0,0 4,6
Drenthe 65,0 0,0 31,3 0,9 0,0 2,8
Overijssel 67,9 0,4 23,6 0,4 0,0 7,8
Flevoland 86,5 1,7 1,1 0,0 0,0 10,7
Gelderland 81,1 0,9 10,2 0,1 0,7 7,0
Utrecht 91,2 2,3 0,7 0,2 0,2 5,5
Noord-Holland 84,9 1,5 0,2 2,2 0,1 11,1
Zuid-Holland 86,4 1,1 0,1 0,0 0,1 12,3
Zeeland 60,9 29,6 0,0 0,0 0,6 8,9
Noord-Brabant 68,7 25,0 0,1 0,1 0,5 5,6
Limburg 46,0 0,6 0,2 0,2 47,9 5,1

Fries en Limburgs ook vaak op andere plekken

Wie thuis Fries of Limburgs spreekt, doet dat vaak ook op andere plekken. Een meerderheid van de ondervraagden geeft aan de ‘thuistaal’ ook te spreken op het werk of op school en bij officiële instanties, zoals het gemeente- of ziekenhuis, in winkels en de horeca, en met buren of vrienden. Het gebruik van het Nedersaksisch buitenshuis is beduidend geringer. Vooral bij officiële instanties wordt maar zelden deze regionale taal gebruikt.

Voorkeurstaal anders dan Nederlands, thuis en elders (% van 15 jaar of ouder)
Werk / school Instanties Winkels/horeca Stad/dorp Buren/vrienden
Dialect 43,6 30,7 61,7 82,8 89,3
Neder-
saksisch
38,5 15,6 44,7 74,1 89,7
Fries 58,0 54,5 77,6 89,5 89,5
Limburgs 51,4 42,7 81,5 88,0 94,0
Andere taal 36,1 10,4 15,2 25,2 81,1

Hoe komt het CBS aan deze cijfers?

De cijfers komen uit het CBS-onderzoek Sociale samenhang en welzijn, dat in 2019 onder ruim 7,5 duizend personen is uitgevoerd. De deelnemers gaven antwoord op de vraag: ‘Welke taal of welk dialect wordt bij u thuis het meest gesproken?’. Daarbij konden ze kiezen uit een lijst met 111 talen en dialecten. Bovendien konden ze een taal of dialect toevoegen als die niet op de lijst voorkwam. In totaal werden 149 talen en dialecten vermeld.

De vragen

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

niets (blanco) een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
0 (0,0) het cijfer is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
* voorlopige cijfers
** nader voorlopige cijfers
- (indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
2016–2017 2016 tot en met 2017
2016/2017 het gemiddelde over de jaren 2016 tot en met 2017
2016/’17 oogstjaar, boekjaar, schooljaar, enz. beginnend in 2016 en eindigend in 2017
2004/’05-2016/’17 oogstjaar enz., 2004/’05 tot en met 2016/’17

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Concept & beeldredactie

Irene van Kuik

Infographics

Hendrik Zuidhoek

Janneke Hendriks

Richard Jollie

Redactie

Gert Jan Wijma

Karolien van Wijk

Michel van Kooten

Paul de Winden

Ronald van der Bie

Sidney Vergouw

Vertaling

Frans Dinnissen

Gabriëlle de Vet

Eindredactie

Elma Wobma

Veel dank aan alle andere CBS’ers die hebben bijgedragen aan deze editie.