Foto omschrijving: Camper staat op een camping.

Logies­accommodaties in tijden van corona

6.1Inleiding

In dit hoofdstuk wordt kort ingegaan op de situatie van Nederlandse logiesaccommodaties: de hotels, huisjesterreinen, kampeerterreinen, groepsaccommodaties en dergelijke. Hoe verging het deze tijdens de eerste zes maanden van de coronacrisis? Het antwoord hierop wordt in paragraaf 6.2 voor de branche als geheel gegeven. In paragraaf 6.3 worden de regionale verschillen gepresenteerd. In paragraaf 6.4 ten slotte wordt ingegaan op de achtergrond van deze verschillen.

6.2Het landelijke beeld

Een sterke terugval in maart

De haarscherpe trendbreuk die de Nederlandse economie in 2020 kende, geldt zeker ook voor de toeristenindustrie. In 2019 was er bij de Nederlandse logiesaccommodaties met bijna 46 miljoen gasten en 123 miljoen overnachtingen sprake van een record. Ook in de maanden januari en februari 2020 was er nog sprake van groei ten opzichte van een jaar eerder. Daarna daalde het aantal overnachtingen in de logiesaccommodaties plotseling zeer sterk.

In maart daalde het aantal gasten en overnachtingen met meer dan de helft ten opzichte van een jaar eerder. Dit hangt voor een groot deel samen met de eerste gedeeltelijke lockdown die half maart werd afgeroepen. Het effect is wel iets versterkt doordat carnaval in 2020 in februari viel en een jaar eerder in maart. In april kwam de sector nagenoeg tot stilstand. Er waren toen 95 procent minder gasten en bijna evenzoveel minder overnachtingen dan in april 2019. In mei en juni was er enig herstel, maar ook in juni ontvingen toeristische accommodaties nog maar half zo veel gasten als een jaar eerder. In juli en augustus zette het herstel verder door. Het aantal gasten bleef nog achter, maar het aantal overnachtingen was in juli en augustus respectievelijk 3,5 en 1,6 procent hoger dan een jaar eerder.

6.2.1 Overnachtingen in Nederlandse logiesaccommodaties (x mln)
Maand 2019 2020
jan 5,496 5,944
feb 5,464 6,373
mrt 7,248 3,453
apr 11,177 0,747
mei 10,539 3,085
jun 13,754 7,706
jul 15,622 16,171
aug 18,983 19,284
sep 11,298 .
okt 10,422 .
nov 6,975 .
dec 6,463 .

Nederlanders keerden terug in de zomer

Achter de cijfers over de zomermaanden zit een enorme verschuiving. Het aantal Nederlandse gasten en overnachtingen door Nederlanders nam sterk toe en steeg zelfs ruim uit boven dat in 2019. Het aantal buitenlandse gasten en overnachtingen door buitenlanders steeg echter maar mondjesmaat en haalde het niet bij dat in 2019. In augustus lag het aantal overnachtingen door buitenlandse gasten meer dan 40 procent beneden het aantal van augustus 2019. Omdat buitenlandse gasten vaak in hotels overnachten, hadden vooral deze het (ook in de zomer) zwaar. Normaliter is iets meer dan de helft van de hotelgasten een buitenlander.

6.3Grootste daling in Noord-Holland

Hoe pakte een en ander regionaal uit? Om dit te onderzoeken is gekeken naar het aantal overnachtingen in logiesaccommodaties in de maanden maart tot en met augustus 2020. Verreweg de grootste klappen vielen in de provincie Noord-Holland. Hier waren in deze periode 58 procent overnachtingen minder dan in dezelfde periode een jaar eerder. In Nederland als geheel was dat 35 procent. Noord-Holland (met name de regio Amsterdam) is op het gebied van toerisme een grootmacht. In maart t/m augustus 2019 vonden hier bijna 21 miljoen overnachtingen plaats, meer dan een kwart van het Nederlandse totaal. Een groot deel hiervan betreft buitenlandse hotelgasten. Zij bleven zoals gezegd ook in de zomermaanden van 2020 grotendeels weg. Waar in bijna alle andere provincies het aantal overnachtingen in de zomermaanden hoger lag dan een jaar eerder, bleef dit in Noord-Holland in alle maanden lager dan een jaar eerder. In juli en augustus was het verlies nog altijd 30 procent.

6.3.1 Overnachtingen in logiesaccommodaties, maart-augustus 2020 (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Provincie Overnachtingen
Noord-Holland -57,6
Zuid-Holland -39,4
Noord-Brabant -35,5
Limburg -32,7
Utrecht -32,4
Flevoland -23,6
Zeeland -22,8
Drenthe -22,7
Overijssel -20,5
Gelderland -18,5
Fryslân -12,4
Groningen -10,2
.
Nederland -34,8

Na Noord-Holland was Zuid-Holland de meest getroffen provincie. Ook Zuid-Holland kent normaal gesproken een behoorlijk aantal overnachtingen, in maart t/m augustus 2019 nog bijna 10 procent van het totaal voor heel Nederland. Net als in Noord-Holland waren hier in juli en augustus 2020 (opgeteld) minder overnachtingen dan een jaar eerder. In alle andere provincies was er die maanden sprake van een stijging.

6.3.2 Overnachtingen in logiesaccommodaties, 2020 (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Groningen (minst getroffen provincie) Noord-Holland (meest getroffen provincie)
jan 13,4 3,2
feb 18,8 5,5
mrt* -37,0 -57,6
apr* -85,2 -95,6
mei* -50,7 -82,9
jun* -26,2 -63,4
jul* 29,5 -30,4
aug* 43,8 -29,8
* voorlopige cijfers

Het minst getroffen waren de provincies Groningen en Fryslân. Over de hele periode bezien kwam het verlies aan overnachtingen in beide provincies uit op iets meer dan 10 procent. In de maanden maart-juni kenden de provincies een kleinere daling dan gemiddeld (ten opzichte van een jaar eerder). In de maanden juli en augustus kenden ze een veel grotere stijging dan gemiddeld.

6.4Regionale verschillen verklaard

De regionale verschillen tussen de ontwikkelingen sinds de coronacrisis laten zich grotendeels verklaren uit het aandeel buitenlandse gasten en het (hiermee samenhangende) aandeel hotelovernachtingen dat de regio’s normaal gesproken kennen. Buitenlandse gasten waren goed voor twee derde van de overnachtingen in Noord-Holland in de periode maart t/m augustus 2019. In Groningen was dat minder dan een derde. In totaal, dat wil zeggen inclusief Nederlanders, vond ruim 70 procent van alle overnachtingen in Noord-Holland in deze periode plaats in hotels. In Groningen was dat 46 procent; ook dat is overigens meer dan gemiddeld. De provincie Noord-Holland verzorgde in deze periode 43 procent van alle overnachtingen door buitenlanders, en twee derde van alle hotelovernachtingen door buitenlanders.

De grote magneet van Noord-Holland is uiteraard Amsterdam. In maart–augustus 2019 vond twee derde van alle Noord-Hollandse hotelovernachtingen plaats in de gemeente Amsterdam en maar liefst drie kwart van alle Noord-Hollandse hotelovernachtingen van buitenlandse gasten. De stad kende in 2020 dan ook een enorme terugval. Over de hele periode maart t/m augustus was het aantal hotelovernachtingen in Amsterdam drie kwart lager dan een jaar eerder.

Wat hierboven voor Groningen is gezegd geldt ook voor Fryslân. Rekening houdend met het belang van deze maanden voor de provincie, kende Fryslân zelfs de minst sterke terugval in de maanden maart t/m juni. Maar door de hogere groei in Groningen in de zomer kwam laatstgenoemde toch als minst getroffen provincie uit de bus. Overigens is de bijdrage van Groningen aan het Nederlandse toerisme bescheiden. In maart t/m augustus 2019 vond hier slechts 1,4 procent van alle overnachtingen plaats. Het aandeel van Fryslân in deze periode bedroeg 5,5 procent.

Zeeland tijd lang volledig op slot

De verschillen tussen de provincies kunnen ook te maken hebben met verschillen in het beleid gedurende de eerste gedeeltelijke lockdown. In Nederland zijn de beslissingen hierover deels genomen op het niveau van de veiligheidsregio’s. Begin april waren bijvoorbeeld alle groepsaccommodaties dicht, maar bleven veel hotels en vakantiehuisjes open. Een aantal veiligheidsregio’s hield toen echter ook alle huisjesterreinen en soms ook alle hotels (inclusief pensions en jeugdaccommodaties) gesloten. De meest rigoureuze sluiting vond plaats in Zeeland (dit vormt in zijn geheel een veiligheidsregio) en de regio Rotterdam-Rijnmond, waar alle accommodaties werden gesloten. In Twente, Hollands-Midden (in Zuid-Holland) en een aantal veiligheidsregio’s binnen de provincie Noord-Brabant waren toen ook de huisjesterreinen dicht, maar bleven de hotels open. De meeste maatregelen zijn uiterlijk 1 juli beëindigd.

Kijken we naar de terugval in het voorjaar, dan lijken deze verschillen enig effect te hebben gehad. Zo kende Zeeland kende in april met 99 procent de sterkste teruggang. Maar de verschillen waren in deze periode niet groot: met 85 procent was de terugval in Groningen het kleinst. Over de hele periode maart t/m augustus heeft Zeeland zeker niet het slechtste gepresteerd, maar ergens in de middenmoot. Voor Zeeland geldt dat de terugloop van buitenlandse gasten kleiner was dan in andere provincies. Na Noord-Holland moet Zeeland het het meeste hebben van buitenlandse gasten: in 2019 waren deze in de betreffende maanden goed voor 56 procent van alle overnachtingen.

Wat bij Noord- en Zuid-Holland ook nog een rol zou kunnen spelen is dat veel mensen grote steden als toeristische bestemming dit jaar hebben vermeden. Dit kan voor Zeeland juist gunstig hebben uitgepakt, want ondanks de grote afhankelijkheid van buitenlanders die de provincie normaal gesproken heeft, was de terugval er heel wat minder dan in voornoemde provincies. Wat hierbij meegespeeld kan hebben is dat Zeeland vooral in trek is bij Belgen en Duitsers, die in de regel met de auto komen. Veel buitenlandse toeristen in Noord- en Zuid-Holland komen normaal gesproken met het vliegtuig. Tot slot hebben de noordelijke provincies mogelijkerwijs ook geprofiteerd van het feit dat de eerste golf van de coronapandemie hier minder hevig woedde dan in de rest van het land. Het omgekeerde zou kunnen gelden voor Noord-Brabant en Limburg, waar de pandemie op zijn hevigst was.

6.5Literatuur

Open literatuurlijst

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

. Gegevens ontbreken
* Voorlopig cijfer
** Nader voorlopig cijfer
x Geheim
Nihil
(Indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
0 (0,0) Het getal is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
Niets (blank) Een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
2019–2020 2019 tot en met 2020
2019/2020 Het gemiddelde over de jaren 2019 tot en met 2020
2019/’20 Oogstjaar, boekjaar, schooljaar enz., beginnend in 2019 en eindigend in 2020
2017/’18–2019/’20 Oogstjaar, boekjaar, enz., 2017/’18 tot en met 2019/’20

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Edgar Angus

Charlotte Brand

Paul Couzy

Annelie Hakkenes-Tuinman

Lieneke Hoeksma

Richard Jollie

Michel van Kooten

Hans Langenberg

Nico Mens

Mark Ramaekers

Luuk Schreven

Sidney Vergouw

Lona Verkooijen

Karolien van Wijk