Foto omschrijving: Man houdt toespraak voorafgaand aan de doop van een gloednieuw baggerschip

Internationale handel in diensten

Auteurs: Sarah Creemers, Roger Voncken

De VS, het VK, België en Duitsland waren in 2023 de belangrijkste handelspartners van Nederland wat betreft dienstenhandel. Vanuit internationaal perspectief is Nederland belangrijk voor de dienstenexport van België, Roemenië en Litouwen. Voor de dienstenimport van België, IJsland en Finland speelt Nederland een hoofdrol. Nederland in de internationale dienstenhandel Belangrijkste bestemmingen Nederlandse export 2023* Nederland in 2022 hoog aandeel in de export van Nederland in 2022 hoog aandeel in de import van Duitsland VS VK 14% 11% 10% België IJsland Finland 14% 9% 7% Belangrijkste herkomstpartners Nederlandse import 2023* VS België VK 18% 12% 12% België Litouwen Roemenië 14% 7% 7% B r on: CBS , OESO (2024)

In dit hoofdstuk staat de internationale dienstenhandel centraal. Hoe zag de Nederlandse dienstenhandel eruit in 2023? Welke dienstensoorten werden minder in- of uitgevoerd, en welke juist meer? Wat waren de belangrijkste landen van herkomst en bestemming voor de Nederlandse handel in diensten? Hoe belangrijk was Nederland voor de dienstenhandel van andere landen in de wereld? Hoe ontwikkelde het Nederlandse marktaandeel in de wereldhandel zich? Dit hoofdstuk geeft antwoord op deze en andere vragen door de samenstelling en geografische dimensie van de Nederlandse dienstenexport en -import te analyseren.

4.1Belangrijkste bevindingen

Nederlandse dienstenexport in 2023

  • In 2023 exporteerde Nederland ter waarde van 290,8 miljard euro aan diensten naar het buitenland. Dat is 5,5 procent meer dan in 2022.
  • Wanneer we uitgaan van de Nationale Rekeningen – waarin onder andere de bijzondere financiële instellingen buiten beschouwing worden gelaten – is er sprake van een stijging van 4,8 procent. Het exportvolume nam naar schatting af met 1,3 procent ten opzichte van 2022, terwijl de exportprijzen naar schatting stegen met 6,2 procent. Dit betekent dat de groei in exportwaarde volledig toe te schrijven is aan de fors hogere exportprijzen.
  • Met een aandeel van 30,5 procent waren zakelijke diensten in 2023 opnieuw de grootste dienstensoort voor de Nederlandse export qua waarde. Tot de zakelijke diensten behoren industriële diensten, onderhoud en reparatie, bouwdiensten, verzekeringsdiensten, overheidsdiensten en persoonlijke, culturele en recreatieve diensten. Vervoersdiensten en telecommunicatie-, computer- en informatiediensten vervolledigen de top 3.
  • Ten opzichte van 2022 groeide de export van zakelijke diensten in waarde het hardst (+7,6 miljard euro). De grootste absolute daling zien we bij de export van vervoersdiensten; in 2023 was de exportwaarde van deze dienstensoort 3,1 miljard euro lager dan een jaar eerder. De afname speelt zich met name af bij vrachtvervoer per zee en overig vervoer.
  • Duitsland, de VS, het VK, Ierland en Frankrijk waren in 2023 de belangrijkste bestemmingen voor de Nederlandse dienstenexport. 47,6 procent van de Nederlandse dienstenexport was bestemd voor deze vijf grootste exportpartners. De Duitsers, Amerikanen en Britten namen vooral zakelijke diensten en vervoersdiensten bij ons af.
  • De VS was in 2023 de belangrijkste bestemming voor zakelijke diensten uit Nederland. Voor de export van telecommunicatie-, computer- en informatiediensten was dat Ierland. Duitsland was in waarde gemeten onze grootste afnemer van vervoersdiensten in 2023.

Nederlandse dienstenimport in 2023

  • De totale dienstenimport steeg in 2023 ten opzichte van 2022 met 4,8 procent tot 273,3 miljard euro.
  • Wanneer we uitgaan van de Nationale Rekeningen – waarin onder andere de bijzondere financiële instellingen buiten beschouwing worden gelaten – is er sprake van een stijging van 8,2 procent. Het importvolume steeg veel minder hard dan de importprijzen, respectievelijk 0,5 en 7,7 procent.
  • Zakelijke diensten domineerden in 2023 met een aandeel van 34,9 procent de import, gevolgd door vervoersdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom.
  • Ten opzichte van 2022 groeide de import van zakelijke diensten in absolute zin het hardst, namelijk met 7,3 miljard euro. De grootste absolute daling zien we bij de import van vervoersdiensten: in 2023 was de importwaarde van deze dienstensoort 2,8 miljard euro lager dan een jaar eerder. De afname speelt zich met name af bij vrachtvervoer per zee.
  • De VS, het VK, Duitsland, Ierland en Frankrijk waren in 2023 de belangrijkste herkomstpartners voor de Nederlandse dienstenimport. 57,5 procent van de Nederlandse dienstenimport kwam van deze vijf grootste importpartners. Vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom domineerden de Nederlandse import uit de VS. Voor de import uit het VK waren dat zakelijke diensten. Het Duitse importpakket bestond met name uit zakelijke diensten en vervoersdiensten.
  • Het VK was vanuit Nederlandse perspectief in 2023 de belangrijkste leverancier voor zakelijke diensten. Voor de import van vervoersdiensten was dat Duitsland. We haalden in 2023 qua waarde de meeste vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom uit de VS.

Nederland als dienstenleverancier voor andere landen in 2022

  • De cijfers vanuit het internationale perspectief zijn afkomstig van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). De meest recente cijfers zijn van 2022.
  • 2022 was wereldwijd een recordjaar voor de internationale handel in diensten. Nog nooit werden zoveel diensten verhandeld.
  • Nederland leverde in 2022 3,8 procent van alle geëxporteerde diensten wereldwijd, en is daarmee de negende grootste dienstenexporteur ter wereld. De VS is verreweg de belangrijkste leverancier van diensten.
  • Van alle landen maakt België naar verhouding het meest gebruik van Nederlandse diensten. In 2022 was 13,8 procent van de totale dienstimport van onze zuiderburen afkomstig uit Nederland. Ons land is een prominente leverancier van diensten gerelateerd aan het vrachtvervoer evenals van zakelijke diensten.

Nederland als dienstenafnemer van andere landen in 2022

  • Nederland importeerde in 2022 4 procent van alle geïmporteerde diensten wereldwijd, en is daarmee naar waarde de zevende dienstenimporteur ter wereld. De VS, China en Duitsland nemen mondiaal de meeste diensten af, al neemt het belang van China de afgelopen jaren duidelijk af.
  • Van alle landen exporteert België verhoudingsgewijs de meeste diensten naar Nederland; 13,6 procent van de totale Belgische dienstenexport heeft ons land als bestemming. Roemenië en Litouwen zijn andere landen die relatief veel diensten exporteren naar Nederland, beiden vooral vanwege de vrachtvervoerbranche.

Leeswijzer

Dit hoofdstuk behandelt zowel de samenstelling als de geografische dimensie van de Nederlandse dienstenhandel. In paragraaf 4.3 en 4.4 kijken we vanuit een Nederlands perspectief. In paragraaf 4.3 wordt de Nederlandse dienstenexport in meer detail besproken. Hoe is de Nederlandse export samengesteld? Hoe belangrijk zijn andere landen voor de Nederlandse dienstenexport? Details over de dienstenimport staan in paragraaf 4.4. In paragraaf 4.5 en 4.6 draaien we de rollen om en kijken we vanuit het perspectief van onze handelspartners. Op basis van data van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO, 2024) wordt in deze paragrafen ingezoomd op het belang van Nederland als bestemmings- en herkomstland van diensten voor een aantal belangrijke handelslanden. Tevens komt het belang van Nederland in de wereldwijde dienstenhandel aan bod. Deze cijfers zijn afkomstig van de Wereldhandelsorganisatie (WTO, 2024).

4.2Belangrijkste ontwikkelingen Nederlandse dienstenhandel

Goederen zijn tastbaar en vaak input of onderdeel van een productieproces, of voor consumenten te koop in een supermarkt of winkel. Diensten zijn in tegenstelling tot goederen niet tastbaar en minder zichtbaar. Bij de internationale handel in goederen gaat het in principe over fysieke grensoverschrijding door goederen, maar bij diensten gaat het over financiële grensoverschrijding (CBS, 2017).

Internationale handel in diensten betreft dienstentransacties tussen twee partijen gevestigd in twee verschillende landen. Meestal gaat het om een transactie tussen bedrijven, maar in sommige gevallen – zoals bij reisverkeer of persoonlijke en culturele diensten – zijn ook personen betrokken. Er is sprake van Nederlandse dienstenexport wanneer iemand in Nederland betaald wordt voor geleverde diensten aan iemand die in het buitenland gevestigd is. Bij Nederlandse dienstenimport betaalt een bedrijf of persoon uit Nederland juist voor geleverde diensten door een bedrijf of persoon gevestigd in het buitenland. Ter illustratie, wanneer een ingenieur in naam van een Nederlands bouwbedrijf naar China vliegt om daar te adviseren over bouwwerkzaamheden dan spreken we over Nederlandse export van ingenieursdiensten naar China. Als een Nederlands IT-bedrijf de hulp inroept van een callcenter uit India, dan spreken we van Nederlandse import van zakelijke diensten.

Internationale handel in diensten mondiaal steeds belangrijker

Hoewel diensten misschien minder zichtbaar zijn dan goederen, spelen ze een cruciale rol in de wereldeconomie. Sinds de jaren 90 van de vorige eeuw is de dienstensector de belangrijkste bron van economische groei geweest. Logistiek, informatietechnologie en financiële diensten zijn niet weg te denken uit moderne economieën, terwijl zakelijke dienstverlening, gezondheidszorg en entertainment wereldwijd tot de snelst groeiende sectoren behoren (WTO & Wereldbank, 2023). Diensten zijn goed voor ruim twee derde van het mondiale bruto binnenlands product (bbp), tweemaal het gezamenlijke aandeel van de landbouw en de industrie. En de dienstensector heeft meer werknemers in dienst en creëert meer banen dan welke andere sector dan ook (Sauvé, 2023).

Daarnaast wijst steeds meer onderzoek erop dat groei van de dienstensector een belangrijke impuls geeft aan de ontwikkeling van landen (Baldwin & Forslid, 2020; Nayyar et al., 2021). Zo toont onderzoek van de Wereldbank (2014) aan dat een toename van 1 procent in de bbp-groei afkomstig uit de dienstensector, samenhangt met een daling van de armoede met ongeveer 0,96 procent. Ter vergelijking, de armoede daalt met 0,67 procent wanneer deze bbp-groei afkomstig is uit de landbouw. De groei in productie-gerelateerde bedrijfstakken heeft geen significante invloed op armoedebestrijding. Het verder liberaliseren van de dienstensector heeft dan ook de potentie voor landen om armoede te verminderen. Er zijn namelijk ook bewijzen van productie-verhogende effecten, die voortkomen uit de handel in diensten (Fu et al., 2023; Nayyar et al., 2021).

Het belang van de dienstensector zien we ook terug in de groeiende handel in diensten. Gedreven door de ontwikkelingen in de informatie- en communicatietechnologie (ICT), is de export van commerciële diensten wereldwijd bijna verdrievoudigd tussen 2005 en 2022. De export van digitaal geleverde diensten groeide zelfs bijna vier keer zo snel. Ook de handel in goederen groeide in deze periode, maar minder hard dan de dienstenhandel (WTO & Wereldbank, 2023). Dat toenemende belang van de internationale handel in diensten geldt ook voor Nederland. De bijdrage van de dienstenexport aan het Nederlandse bbp kwam in 2022 uit op 13,6 procent. In 1995 was nog 7,1 procent van het bbp te danken aan de dienstenexport (CBS, 2016). Om deze cijfers in perspectief te plaatsen: de goederenexport van Nederlandse makelij is in 2022 goed voor 17,2 procent van het Nederlandse bbp en de wederuitvoer van goederen 4,3 procent. Zie ook hoofdstuk 6 van deze publicatie voor meer informatie over de Nederlandse exportverdiensten.

Herontwerp statistiek Internationale Handel in Diensten

Vanwege een herontwerp van de statistiek Internationale Handel in Diensten in 2020 is er sprake van een breuk in de bestaande tijdreeksen voor de internationale dienstenhandel. Hierdoor zijn er twee afzonderlijke verzamelingen tijdreeksen ontstaan: één oorspronkelijke verzameling reeksen voor de periode 2014–2020 (CBS, 2022), en één nieuwe verzameling reeksen die starten in 2020 (CBS, 2023), het jaar waarin het herontwerp plaatsvond. Om toch ontwikkelingen over een langere tijdsperiode in kaart te kunnen brengen zijn er voor deze editie van Nederland Handelsland nieuwe, lange tijdreeksen ontwikkeld waarin trendmatige ontwikkelingen uit de oorspronkelijke reeksen worden gekoppeld aan de waarden en ontwikkelingen uit de ‘nieuwe’ reeksen. Hierdoor is het mogelijk om ontwikkelingen vanaf 2014 in plaats van vanaf 2020 in kaart te brengen. Vooruitlopend op een toekomstige revisie van de tijdreeksen voor de internationale dienstenhandel zijn er daarnaast enkele specifieke en qua impact beperkte wijzigingen in sommige tijdreeksen doorgevoerd op basis van nieuwe informatie over de Nederlandse dienstenhandel.

Groei handelswaarde zet door in 2023

In 2023 exporteerde Nederland ter waarde van 290,8 miljard euro aan diensten, zie figuur 4.2.1. Omgekeerd importeerde ons land voor 273,3 miljard euro aan diensten uit het buitenland. De waarde van de dienstenexport en -import groeide met respectievelijk 5,5 en 4,8 procent ten opzichte van een jaar eerder.

In het begin van 2020 werd de wereld geconfronteerd met het coronavirus. Dit leidde in de daaropvolgende maanden tot maatregelen om de verspreiding van het virus af te remmen. Ook Nederland werd geraakt door de effecten van het coronavirus, en de daaropvolgende maatregelen, wat ook zijn weerslag had op de internationale handel. De Nederlandse dienstenhandel daalde in 2020 sterker dan de goederenhandel. De dienstenhandel werd in vergelijking met de goederenhandel niet alleen harder getroffen, maar ook voor een langere periode (Poulissen et al., 2022 en CBS, 2021; 2022b). De coronacrisis was hiervoor echter niet de enige oorzaak. Eerder onderzoek van het CBS (Poulissen et al., 2022) toonde aan dat ook bedrijfsherstructureringen – mogelijk gedreven door een veranderend fiscaal klimaat in Nederland voor multinationals – de groei van de internationale dienstenhandel afremden. Het jaar 2020 was ook het jaar dat het VK uit de EU stapte, zoals we in het tweede hoofdstuk van deze publicatie kunnen lezen.

4.2.1 Waarde Nederlandse dienstenhandel 1) (mld euro)
Jaar Export Import
2014 153,8 148,4
2015 172,1 191,6
2016 164,0 164,7
2017 179,1 183,9
2018 199,9 206,0
2019 217,7 218,9
2020 200,2 190,8
2021 221,8 210,9
2022 275,5 260,8
2023* 290,8 273,3
1)De cijfers tot en met 2019 zijn in verband met een methodebreuk gebaseerd op een voorlopige teruglegging.

Prijzen dienstenhandel harder gestegen dan volume

Naast de coronacrisis, bedrijfsherstructureringen en de Brexit, hadden wereldwijde verstoringen in productieketens, tekorten aan microchips, hogere energiekosten – en hiermee gepaard gaande hoge inflatiecijfers – mogelijk ook hun weerslag op de internationale dienstenhandel.

Een toegenomen handelswaarde kan het resultaat zijn van een toegenomen dienstenvolume, een toegenomen prijs van deze diensten of een combinatie van beide. Op dit moment zijn er bij het CBS geen gedetailleerde prijsindices voorhanden die het volume- en prijseffect binnen de Internationale Handel in Diensten statistiek van elkaar onderscheiden. Wel is het mogelijk een indicatie te geven op basis van de gegevens die bekend zijn over de opbouw van het bbp vanuit de finale bestedingen, op basis van de Nationale Rekeningen van het CBS (CBS, 2024), zie figuren 4.2.2 en 4.2.3. Hierbij moet wel aangemerkt worden dat deze databronnen niet exact dezelfde principes toepassen ten aanzien van internationale dienstenhandel. Zo zijn de bijzondere financiële instellingen (BFI’s) bijvoorbeeld niet opgenomen bij Nationale Rekeningen.

De export van goederen is veel sterker in prijs gestegen dan de export van diensten; zie hoofdstuk 3 van deze publicatie voor de volume- en prijsontwikkeling van de Nederlandse goederenhandel. Zo steeg de prijs van geëxporteerde goederen met 21 procent tussen 2021 en 2022, terwijl de prijsstijging van geëxporteerde diensten maar 6,6 procent was. De stijging van exportprijzen is grotendeels te verklaren doordat geïmporteerde producten, die als input zijn gebruikt bij het produceren van de export, in prijs zijn gestegen. De prijsstijgingen van goederen en diensten in Nederland werden in 2022 vooral veroorzaakt door prijsstijgingen uit het buitenland (Groot et al., 2023).

De totale exportwaarde van diensten steeg tussen 2022 en 2023 met 5,5 procent tot 290,8 miljard euro. Volgens de concepten van de Nationale Rekeningen, was dit percentage 4,8 procent. De exportprijzen stegen in 2023 met 6,2 procent ten opzichte van een jaar eerder. In de periode 2015–2023 stegen de exportprijzen enkel in 2022 harder. Figuur 4.2.2 laat zien dat het exportvolume in 2023 zelfs afnam. Dit betekent dat de groei in exportwaarde volledig toe te schrijven is aan de fors hogere exportprijzen.

4.2.2 Nederlandse export van diensten (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Jaar Volume Prijs
2018 7,9 2,1
2019 3,9 2,0
2020 -10,3 1,2
2021 1,1 2,8
2022* 11,9 6,6
2023* -1,3 6,2

In 2023 werd door Nederland voor een recordbedrag aan diensten geïmporteerd. De importwaarde steeg in 2023 met 4,8 procent ten opzichte van 2022 tot 273,3 miljard euro. Volgens de concepten van Nationale Rekeningen – waarin bijvoorbeeld de bijzondere financiële instellingen buiten beschouwing worden gelaten – dan is er zelfs sprake van een stijging van 8,2 procent. De belangrijkste oorzaak van de stijging waren wederom de fors hogere importprijzen, zie figuur 4.2.3. Het importvolume steeg tussen 2022 en 2023 met 0,5 procent; daar waar de prijsstijging 7,7 procent bedroeg. Door de geïmporteerde inflatie houdt Nederlands relatief minder over aan de handel, omdat de prijzen van de diensten die we importeerden uit het buitenland veel harder zijn gestegen dan de prijzen van de diensten die we exporteerden (Groot et al., 2023).

4.2.3 Nederlandse import van diensten (% verandering t.o.v. een jaar eerder)
Jaar Volume Prijs
2018 6,7 2,1
2019 -1,8 2,3
2020 -10,8 1,4
2021 -2,9 3,1
2022* 10,5 7,8
2023* 0,5 7,7

4.3Nederlandse export van diensten in detail

In figuur 4.3.1 wordt de samenstelling van de Nederlandse export van diensten weergegeven. Net zoals in voorgaande jaren waren in 2023 de zakelijke diensten de belangrijkste dienstensoort voor de Nederlandse export. Van alle door Nederland geëxporteerde diensten betrof 30,5 procent zakelijke diensten, gevolgd door vervoersdiensten – met een aandeel van 19,9 procent – en telecommunicatie-, computer- en informatiediensten – met een aandeel van 14,3 procent. De exportwaarde van vervoersdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom was in 2023 lager dan in 2022.

4.3.1 Exportwaarde naar dienstensoort 1) (mld euro)
Jaar Zakelijke diensten Vervoersdiensten Telecommunicatie-, computer- en informatiediensten Vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom Reisverkeer Financiële diensten Overig
2023* 88,6 57,9 41,4 38,7 19,3 17,5 27,4
2022 81,0 61,0 38,6 39,9 15,7 12,5 26,8
2019 68,2 43,6 31,4 31,1 17,6 8,8 17,2
2015 49,4 34,3 34,8 20,9 12,4 6,0 14,3
1)De cijfers tot en met 2019 zijn in verband met een methodebreuk gebaseerd op een voorlopige teruglegging.

Groei bij export van zakelijke en financiële diensten…

Bij zakelijke diensten en telecommunicatie-, computer- en informatiediensten zien we een hogere waarde ten opzichte van een jaar eerder. In tabel 4.3.2 kijken we in meer detail naar de dienstensoorten. We zien een groei bij met name technische, aan de handel gerelateerde en overige diensten, professionele en managementadviesdiensten, computer- en informatiediensten. Bedrijven in Nederland exporteerden in 2023 ter waarde van 17,5 miljard euro aan financiële diensten naar het buitenland. Dat is 40 procent meer dan in 2022. Deze forse stijging is vooral toe te schrijven aan de indirect waargenomen diensten van financiële instellingen, zie ook tabel 4.3.2. Het zijn de kosten die indirect betaald worden voor bankdiensten. Denk bijvoorbeeld aan het renteresultaatnoot1 van banken. Het aandeel van financiële diensten in het Nederlandse exportpakket nam daarmee toe van 4,5 procent in 2022 naar 6,0 procent in 2023.

… maar krimp bij export van vervoersdiensten

De export van vervoersdiensten was in 2023 zo’n 3,1 miljard euro minder dan in 2022. Die afname kan toegeschreven worden aan een lagere exportwaarde van vrachtvervoer per zee en overig vervoer mede vanwege flinke prijsschommelingen in de nasleep van de coronacrisis. Wanneer bedrijven of personen in Nederland vervoersdiensten leveren aan buitenlandse bedrijven of consumenten dan is er sprake van export. De transactie met een buitenlandse partij is van belang en niet in welk land de daadwerkelijke uitvoering van de dienst plaatsvindt. Ook de export van intellectueel eigendom was in 2023 kleiner dan in 2022. We zien een afname van 1,2 miljard euro, oftewel –‍3,1 procent.

Recordwaarde inkomend reisverkeer

Door de coronamaatregelen viel het internationale reisverkeer in 2020 sterk terug: in 2020 gaven Nederlanders 50,3 procent minder uit in het buitenland dan in 2019. Inkomend reisverkeer zijn bestedingen van buitenlandse reizigers in Nederland, oftewel export van reisverkeersdiensten. In het 2023 was het inkomend reisverkeer voor het eerst weer hoger dan in 2019, het laatste jaar voor de coronacrisis. Met een aandeel van 6,6 procent van de totale exportwaarde waren reisverkeersdiensten in 2023 de vijfde grootste dienstensoort, net zoals in 2022. We zien in 2023 een groei van 23 procent (+3,6 miljard euro) ten opzichte van 2022. Deze stijging geldt zowel voor het zakelijk als het privé reisverkeer.

4.3.2Exportwaarde top 6 dienstensoorten, in detail
2022 2023*
mld euro
Zakelijke diensten 81,0 88,6
R&D diensten 6,7 6,6
Professionele en management­advies­diensten 34,2 36,4
Technische, aan de handel gerelateerde en overige diensten 40,1 45,5
Vervoersdiensten 61,0 57,9
Zeevaart 16,6 14,7
Luchtvaart 17,7 17,9
Overig vervoer 25,0 23,5
Post- en koeriersdiensten 1,6 1,8
Telecommunicatie-, computer- en informatiediensten 38,6 41,4
Telecommunicatiediensten 4,4 4,8
Computerdiensten 26,3 28,1
Informatiediensten 7,9 8,5
Vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom 39,9 38,7
Franchises en soortgelijke rechten 17,0 12,5
Vergoedingen voor het gebruik van R&D . .
Vergoedingen voor het gebruik van software 3,4 3,8
Vergoedingen voor het gebruik van audiovisuele producten . .
Reisverkeer 15,7 19,3
Zakelijk reisverkeer 4,5 5,7
Privé reisverkeer 11,2 13,7
Financiële diensten 12,5 17,5
Expliciet in rekening gebrachte financiële diensten 11,3 12,0
Indirect waargenomen diensten van financiële instellingen 1,2 5,5

Europa blijft belangrijkste bestemming voor Nederlandse diensten

In figuur 4.3.3 wordt het aandeel in de exportwaarde in 2023 voor de verschillende regio’s visueel weergegeven. In 2023 was 69,8 procent van alle dienstenuitvoer uit Nederland bestemd voor Europese landen, terwijl maar 15,0 procent bestemd was voor de Amerikaanse markt en 12,4 procent voor de Aziatische markt. Het Europese exportaandeel was in 2015 59,7 procent: Europa is dus belangrijker geworden als afnemer van Nederlandse diensten. Tegelijkertijd nam het Amerikaanse exportaandeel af met 8,0 procentpunt tussen 2015 en 2023. Dit sluit aan bij eerder onderzoek van het CBS, waaruit bleek dat vooral naar landen buiten de EU sprake is van een afname van de dienstenexport (Poulissen et al, 2022). Daarin is Nederland niet uniek. Cijfers van de OESO wijzen er op dat internationale handel steeds regionaler wordt; een verschuiving die aansluit bij de huidige geopolitieke trend om minder afhankelijk te zijn van andere machtsblokken (The Economist, 2019).

69,8% van de Nederlandse dienstenuitvoer in 2023 is bestemd voor andere Europese landen

De eengemaakte of interne markt van de EU zorgt voor het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal. Het stimuleert economische groei, handel en innovatie (Barendregt & Wijffelaars, 2017; Europese Raad, 2024). Om ervoor te zorgen dat bedrijven makkelijker in andere EU-landen hun diensten kunnen aanbieden, werd in 2006 de Europese dienstenrichtlijn geïntroduceerd (Van der Heijden et al., 2021). Volgens de Europese Commissie creëerde de interne markt sinds 1993 2,5 miljoen nieuwe banen in de EU, zorgde de markt voor een vervijfvoudiging van de onderlinge handel tussen lidstaten en werd er meer dan 800 miljard euro aan extra inkomen gegenereerd (EU Monitor, 2023). Toch wordt de handel in diensten vaak nog gehinderd door verschillen in nationale regelgeving (Barendregt & Wijffelaars, 2017; Europese Raad, 2024). In eerder onderzoek (CBS, 2022c) stonden we al stil bij de barrières waarmee bedrijven, die willen starten met export van diensten of hun dienstenexport willen uitbreiden, tegenaan lopen.

4.3.3 Exportwaarde naar regio, 2023*
Regio 2023*
Europa 69,8
Amerika 15,0
Azië 12,4
Afrika 1,2
Overig 1,6

Duitsland, VS en VK belangrijkste exportpartners

Figuur 4.3.4 laat zien dat de belangrijkste exportpartners al jaren buurland Duitsland, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk zijn. In 2023 was ruim een derde van de exportwaarde bestemd voor deze drie partners. Het exportpakket naar Duitsland bestond in 2023 voor 26,8 procent uit zakelijke diensten. Ook vervoers- en reisverkeersdiensten maakten een relatief groot deel uit. Zakelijke diensten domineren met een aandeel van 45,5 procent de export naar de Verenigde Staten, gevolgd door vervoersdiensten en telecommunicatie-, computer- en informatiediensten. Deze drie dienstensoorten speelden ook een grote rol in de export naar het Verenigd Koninkrijk.

Het relatieve belang van Duitsland nam in 2023 toe: van 13,3 procent in 2022 naar 14,0 procent in 2023. De waarde van de dienstenexport naar Duitsland kwam in 2023 uit op 40,6 miljard euro. Dat was een groei van 11 procent ten opzichte van 2022. Met een groei van 4,0 miljard euro jaar-op-jaar is Duitsland in absolute termen de grootste stijger. Die groei was met name te danken aan een hogere exportwaarde aan zakelijke diensten, waaronder technische en aan de handel gerelateerde diensten, reisverkeersdiensten en financiële diensten naar onze oosterburen.

Ierland en Frankrijk vervolledigen de top 5, met een exportaandeel van respectievelijk 7,0 en 6,1 procent. De waarde van de Nederlandse export naar Ierland was in 2023 12,0 procent lager dan in 2022. Na veranderingen van fiscale regels, waaronder de fiscale behandeling van multinationals (NOS Nieuws, 2021; Poulissen et al., 2022; Taylor, 2020), zien we met name een lagere exportwaarde aan vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom.

4.3.4 Exportwaarde naar partner 1) (mld euro)
Exportpartner 2023* 2022 2019 2015
Duitsland 40,6 36,6 28,9 20,0
VS 31,0 30,0 22,3 19,4
VK 28,9 27,2 25,0 17,9
Ierland 20,3 23,1 12,8 7,7
Frankrijk 17,7 15,8 11,8 8,1
Zwitserland 17,6 18,8 10,9 11,0
België 17,1 16,0 12,3 9,2
Italië 8,1 7,5 6,2 3,4
Spanje 7,2 6,3 4,8 2,7
Zweden 6,7 6,4 4,5 2,6
Luxemburg 5,0 5,1 2,7 1,8
Polen 4,5 4,1 3,2 1,9
Denemarken 4,4 4,6 2,8 1,9
Saoedi-Arabië 4,2 3,9 3,8 4,2
Taiwan 4,1 3,6 0,9 0,6
1)De cijfers tot en met 2019 zijn in verband met een methodebreuk gebaseerd op een voorlopige teruglegging.

Bijna de helft van de exportwaarde naar de vijf grootste exportpartners

In figuur 4.3.5 zien we het aandeel van de vijf belangrijkste exportpartners qua waarde in de zes grootste dienstensoorten. In 2023 was 47,6 procent van de Nederlandse dienstenexport bestemd voor de vijf grootste exportpartners. Dat waren Duitsland, de VS, het VK, Ierland en Frankrijk. Bij de financiële diensten is het aandeel van de top 5 bestemmingen het grootste, met 60,2 procent van de totale exportwaarde aan financiële diensten. In 2023 gingen qua waarde de meeste financiële diensten naar het VK. Bij het reisverkeer is het aandeel van de top 5 bestemmingen het tweede grootste, met 57,5 procent van het totale inkomende reisverkeer. Met een aandeel van 42,7 procent was Duitsland met ruime voorsprong het belangrijkste land voor de export van reisverkeer. Ook bij de export van vervoersdiensten was Duitsland de grootste afnemer in 2023, al is het verschil met de nummer twee de VS kleiner: 16,0 procent ten opzichte van 11,4 procent. De VS was de belangrijkste bestemming voor zakelijke diensten: 15,9 procent ging naar dit land. 14,3 procent van alle export van telecommunicatie-, computer- en informatiediensten ging naar Ierland in 2023. Daarmee nam Ierland de grootste waarde van deze dienstensoort af.

4.3.5 Top 5 exportpartners en dienstensoorten, 2023* (%)
Dienstensoort Duitsland VS VK Ierland Frankrijk Overig
Zakelijke diensten 12,3 15,9 10,6 5,1 6,4 49,6
Vervoersdiensten 16,0 11,4 11,2 2,4 6,1 52,9
Telecommunicatie-,
computer- en
informatiediensten
11,6 10,1 10,1 14,3 6,6 47,3
Vergoedingen voor
gebruik van
intellectueel eigendom ¹⁾
6,9 4,7 9,0 . 5,5 73,9
Reisverkeer 42,7 4,5 6,4 0,8 3,0 42,5
Financiële diensten 13,2 8,3 16,7 11,3 10,7 39,8
1)De exportwaarde van vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom is exclusief Ierland, omwille van geheimhouding.
Zakelijke diensten zijn de belangrijkste dienstensoort voor de Nederlandse invoer én uitvoer in 2023. Deze diensten zijn goede voor circa een derde van de totale handelswaarde. Export Import Zakelijke diensten (30%) Vervoersdiensten (20%) Telecommunicatie-, computer- en informatiediensten (14%) Reisverkeer (7%) Zakelijke diensten (35%) Vervoersdiensten (18%) Telecommunicatie-, computer- en informatiediensten (10%) Reisverkeer (7%) 4.3.6 Internationale handel in diensten naar soort, 2023*

4.4Nederlandse import van diensten in detail

Figuur 4.4.1 geeft de samenstelling van de Nederlandse import van diensten weer. De zes grootste dienstensoorten waren in 2023 goed voor 90,9 procent van de totale Nederlandse dienstenimport. De zakelijke diensten voerden de ranking aan, gevolgd door vervoersdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom. Net geen 35 procent van de Nederlandse importwaarde werd in 2023 gevormd door zakelijke diensten. Voor vervoersdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom was dat respectievelijk 17,6 en 14,1 procent. De import van de overige diensten – industriële diensten, onderhouds- en reparatiediensten, bouwdiensten, verzekeringsdiensten, persoonlijke, culturele en recreatieve diensten, en overheidsdiensten – zijn slechts verantwoordelijk voor een klein deel van de totale Nederlandse dienstenimport.

De importwaarde van vervoersdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom was in 2023 lager dan in 2022. De andere dienstensoorten hadden in 2023 een hogere importwaarde dan in 2022.

4.4.1 Importwaarde naar dienstensoort 1) (mld euro)
Jaar Zakelijke diensten Vervoersdiensten Vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom Telecommunicatie-, computer- en informatiediensten Reisverkeer Financiële diensten Overig
2023* 95,4 48,0 38,7 27,1 19,7 19,7 24,8
2022 88,1 50,8 40,8 26,4 17,9 14,9 22,0
2019 76,7 33,5 41,3 17,7 20,8 11,1 17,7
2015 48,8 20,4 39,1 44,9 18,0 9,0 11,5
1)De cijfers tot en met 2019 zijn in verband met een methodebreuk gebaseerd op een voorlopige teruglegging.

Een plus voor zakelijke en financiële diensten…

Onder meer bij de zakelijke diensten en financiële diensten zien we een hogere waarde ten opzichte van een jaar eerder. In de meer gedetaillerde tabel 4.4.2 zien we een groei bij met name technische en aan de handel gerelateerde diensten, professionele en managementadviesdiensten, en indirect waargenomen diensten van financiële instellingen. De import van zakelijke diensten groeide in 2023 hard: 7,3 miljard euro meer als in 2022. Bedrijven in Nederland importeerden in 2023 ter waarde van 19,7 miljard euro aan financiële diensten uit het buitenland. Dat is 32,1 procent meer dan in 2022. Net als bij de uitvoer hangt deze stijging grotendeels samen met een toename van de indirect waargenomen diensten van financiële instellingen. Het aandeel van financiële diensten in het Nederlandse importpakket nam toe van 5,7 procent in 2022 naar 7,2 procent in 2023.

…en een min voor vervoersdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom

De import van vervoersdiensten was in 2023 zo’n 2,8 miljard euro minder dan in 2022. Die afname kan toegeschreven worden aan een lagere importwaarde van vrachtvervoer per zee. De vervoersdiensten hebben aan belang ingeboet: het aandeel in de totale importwaarde nam af van 19,5 procent in 2022 naar 17,6 procent in 2023. De import van intellectueel eigendom – betaalde vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom – was in 2023 fors kleiner dan in 2022. We zien een afname van 2,1 miljard euro, oftewel –‍5,2 procent. Deze daling speelt met name bij de import van franchises en soortgelijke rechten. Het importaandeel van deze dienstensoort daalde van 15,6 procent in 2022 naar 14,1 procent een jaar later.

Uitgaand reisverkeer nog steeds lager dan voor corona

In 2023 waren de bestedingen van Nederlandse reizigers in het buitenland 5,3 procent lager dan in 2019. Door de coronamaatregelen vielen deze fors terug in 2020 en 2021. Het uitgaand reisverkeer is aan een opmars bezig, maar bereikte in 2023 het pre-coronaniveau nog net niet. De uitgaven door Nederlandse reizigers tijdens hun verblijf in het buitenland, ook wel uitgaand reisverkeer genoemd, worden gezien als import van diensten. In 2019 bestond 9,5 procent van de totale importwaarde uit reisverkeersdiensten. In 2020 en 2021 is dat belang afgenomen tot 3,8 procent, waarna het in 2023 weer wat opliep tot 7,2 procent.

4.4.2Importwaarde top 6 dienstensoorten, in detail
2022 2023*
mld euro
Zakelijke diensten 88,1 95,4
R&D diensten 7,5 7,7
Professionele en managementadviesdiensten 51,2 55,8
Technische en aan de handel gerelateerde diensten 29,4 31,9
Vervoersdiensten 50,8 48,0
Zeevaart 12,8 9,9
Luchtvaart 6,7 6,4
Overig vervoer 29,8 30,1
Post- en koeriersdiensten 1,5 1,5
Vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom 40,8 38,7
Franchises en soortgelijke rechten 16,2 12,7
Vergoedingen voor het gebruik van R&D . .
Vergoedingen voor het gebruik van software 9,0 10,1
Vergoedingen voor het gebruik van audiovisuele producten . .
Telecommunicatie-, computer- en informatiediensten 26,4 27,1
Telecommunicatiediensten 4,8 4,7
Computerdiensten 19,2 19,6
Informatiediensten 2,4 2,8
Reisverkeer 17,9 19,7
Zakelijk reisverkeer 1,7 2,4
Privé reisverkeer 16,2 17,3
Financiële diensten 14,9 19,7
Financiële diensten (expliciet in rekening gebracht) 12,0 13,1
FISIM 2,9 6,6

Belang Amerika als importregio minder groot t.o.v. 2015

De Nederlandse dienstenimport is vooral gericht op het Europese continent. In 2023 kwam 68,0 procent van de Nederlandse dienstenimport uit Europese landen, zie figuur 4.4.3. Naast Europa is ook het Amerikaanse continent voor ons land een belangrijke leverancier van diensten. In 2023 bedroeg de Nederlandse import van diensten uit Amerikaanse landen 60,3 miljard euro, dat is 2,6 keer meer dan de import uit Azië en 26 keer meer dan de import uit Afrika. Het Amerikaanse importaandeel was in 2015 37,8 procent. Een jaar later was dat aandeel al gedaald naar een vergelijkbaar niveau als 2023. Desalniettemin is Amerika dus minder belangrijk geworden als leverancier voor Nederlandse diensten in de periode 2015–2023. Tegelijkertijd nam het Europese importaandeel in die periode toe met 14,1 procentpunt.

4.4.3 Importwaarde naar regio, 2023*
Regio 2023*
Europa 68,0
Amerika 22,1
Azië 8,3
Afrika 0,8
Overig 0,8

Bijna een vijfde van de dienstenimport uit de VS

Kijken we naar de individuele landen, dan werden de meeste diensten in 2023 vanuit de Verenigde Staten geïmporteerd, zie figuur 4.4.4. Dat is niet veranderd sinds 2015. De importwaarde lag in 2023 op 50,2 miljard euro. Het importpakket uit de VS bestond in 2023 voor 41,7 procent uit vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom. Ook zakelijke diensten maakten een relatief groot deel uit. De totale diensteninvoer uit de VS was in 2023 zo’n 1,3 miljard euro lager dan in 2022. Die krimp komt op conto van een lagere import van vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom uit de VS.

Zakelijke diensten domineren met een aandeel van 31,6 procent de import uit Duitsland, gevolgd door vervoers- en reisverkeersdiensten. Duitsland en Ierland gingen er in 2023 wel op vooruit als dienstenleverancier. We zien voor beide landen samen een toename van 5,6 miljard euro ten opzichte van 2022. Duitsland en Ierland hadden daarmee in 2023 een importaandeel van respectievelijk 11,8 en 8,3 procent. In het geval van Duitsland was die groei met name te danken aan een hogere importwaarde aan financiële diensten. Voor Ierland zien we tussen 2022 en 2023 een hogere importwaarde voor vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom.

4.4.4 Importwaarde naar partner 1) (mld euro)
Importpartner 2023* 2022 2019 2015
VS 50,2 51,6 41,0 32,5
VK 33,2 31,7 28,2 19,1
Duitsland 32,3 29,0 24,3 15,8
Ierland 22,6 20,4 14,5 10,1
Frankrijk 18,8 18,2 11,2 6,9
België 18,4 17,3 12,0 8,3
Spanje 7,7 7,0 6,2 4,2
Italië 7,0 6,7 5,8 3,7
Polen 6,5 6,1 4,3 2,0
India 6,2 5,1 3,6 1,8
Zwitserland 5,6 5,2 8,9 14,5
Zweden 3,9 3,5 2,0 1,5
Luxemburg 3,8 3,4 3,0 2,4
Canada 3,1 3,1 2,6 1,1
Singapore 3,0 3,0 2,7 2,0
1)De cijfers tot en met 2019 zijn in verband met een methodebreuk gebaseerd op een voorlopige teruglegging.

Meer dan de helft van de betalingen voor gebruik intellectueel eigendom gericht aan de VS

Figuur 4.4.5 geeft voor de zes belangrijkste dienstensoorten qua importwaarde weer wat het aandeel van de vijf belangrijkste herkomstlanden is. In 2023 kwam 57,5 procent van de Nederlandse dienstenimport uit de vijf grootste importpartners. Dat waren de VS, het VK, Duitsland, Ierland en Frankrijk. De import van vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom, financiële diensten, zakelijke diensten, en telecommunicatie-, computer- en informatiediensten was geconcentreerd bij de vijf grootste importpartners. We importeerden in 2023 meer dan de helft van deze dienstensoorten uit de VS, het VK, Duitsland, Ierland en Frankrijk. Betalingen voor het gebruik of distributie van intellectueel eigendom worden voornamelijk gedaan aan de VS. De import van vervoers- en reisverkeersdiensten is minder geconcentreerd bij de vijf grootste importpartners; de vijf belangrijkste importpartners zijn samen goed voor respectievelijk 40,8 en 39,0 procent van de importwaarde van vervoers- en reisverkeersdiensten. De vervoersdiensten werden voor het grootste deel uit Duitsland en België gehaald. Duitsland, Spanje, Frankrijk, België en Italië zijn de landen waar Nederlandse reizigers in 2023 het meeste geld uitgaven.

4.4.5 Top 5 importpartners en dienstensoorten, 2023* (%)
Dienstensoort VS VK Duitsland Ierland Frankrijk Overig
Zakelijke diensten 14,4 16,0 10,7 8,4 7,2 43,3
Vervoersdiensten 8,3 7,4 13,4 3,5 8,1 59,2
Telecommunicatie-,
computer- en
informatiediensten
15,0 15,7 10,9 9,5 4,0 45,0
Vergoedingen voor
gebruik van intellectueel
eigendom ¹⁾
54,2 5,4 3,9 . 1,9 34,6
Reisverkeer 4,6 5,7 18,3 0,6 9,8 61,0
Financiële diensten 14,9 13,5 13,0 3,4 13,9 41,3
1)De importwaarde van vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom is exclusief Ierland, omwille van geheimhouding.

4.5Belang van Nederland als diensten­leverancier voor andere landen

Tot dit punt hebben we de dienstenhandel vanuit Nederlands perspectief belicht. In de komende twee paragrafen analyseren we de dienstenhandel vanuit een internationaal perspectief. Deze paragraaf gaat in op de rol die Nederland vervult als leverancier van diensten in de wereldeconomie, en voor individuele landen. Paragraaf 4.6 maakt eenzelfde analyse, maar dan vanuit het perspectief van Nederland als afnemer van internationale diensten.

Zoals eerder aangehaald in dit hoofdstuk neemt het belang van diensten in de wereldeconomie snel toe. De handel in diensten groeit sneller dan de handel in goederen. Demografische trends, technologische innovaties en hogere inkomens wijzen op een verdere toename van de dienstenhandel in de toekomst. Britse analyses gaan ervan uit dat in 2035 de handel voor 28 procent uit diensten bestaat, ten opzichte van 21 procent in 2021 (UK Government, 2023). Sommige scenario’s van de Wereldhandelsorganisatie gaan er zelfs van uit dat het aandeel van diensten in de wereldhandel tegen 2040 met 50 procent toeneemt (WTO, 2019).

Het moet nog blijken of deze scenario’s realiteit worden, maar vast staat wel dat diensten steeds belangrijker worden in de wereldeconomie én -handel. En dat terwijl diensten moeilijker te verhandelen zijn dan goederen. Een jurist, gevestigd in Utrecht, is bijvoorbeeld niet bevoegd om testamenten op te stellen in New York. En een tandarts uit Londen kan vanuit zijn woonplaats geen vullingen plaatsen in Maastricht. Handel in diensten kent dan ook traditioneel hogere kosten in vergelijking tot goederenhandel. Dit komt grotendeels door complexere beleidsregimes en de zogenaamde ‘proximity burden’; bij diensten is doorgaans een grotere noodzaak dat leveranciers en consumenten dichtbij elkaar in de buurt zijn, in vergelijking tot de goederenhandel (The Economist, 2019; WTO, 2019). Daartegenover staat dat de enorme vooruitgang in informatie- en communicatie­technologieën, zoals het internet, wat een enorme impuls is geweest voor de handel in diensten. Deze technologische ontwikkelingen vergroten de mogelijkheden om diensten op afstand te leveren.

Gebruik van databronnen voor het internationale perspectief

Om de Nederlandse dienstenhandel in internationaal perspectief te plaatsen, inclusief het belang van Nederland voor de handel van individuele handelspartners, zijn we afhankelijk van internationale databronnen.

In de vorige editie van Nederland Handelsland hebben we een verrijkte en geharmoniseerde dataset van WTO-OESO gebruikt – genaamd BaTIS – om de Nederlandse dienstenhandel met verschillende handelspartners en dienstensoorten te analyseren. Een nieuwe editie van die dataset is op het moment van het schrijven van dit hoofdstuk niet beschikbaar. Daarom maken we nu gebruik van informatie uit alternatieve bronnen. Hiervoor gebruiken we de ‘International trade in services’ dataset van OESO (2024) en de ‘Commercial services exports by sector and partner’ dataset van de Wereldhandels­organisatie (WTO, 2024). Het meest recente verslagjaar is voor beide databronnen 2022.

Voor de analyse van de wereldaandelen in de dienstenhandel is het belangrijk dat de data zo compleet mogelijk is met rapporterende landen voor de meest recente jaren. Omdat hierbij een uitsplitsing naar dienstensoort of partnerlanden niet nodig is, hebben we gekozen voor de WTO-data, die is samengesteld met gegevens van het IMF, Eurostat, OESO en nationale statistische instituten. Deze databron bevat de meest recente gegevens over de totale export en import van de rapporterende landen. Voor de bilaterale handelsrelaties gebruiken we de OESO-dataset, die de hoogste vullingsgraad heeft voor de belangrijke Nederlandse handelspartners in 2022. Nadeel is wel dat niet alle landen hierin zijn opgenomen. Het is een selectie van OESO-landen.

Deze twee bronnen dienen tevens als basis voor de BaTIS-dataset, maar zijn niet gebalanceerd of verrijkt. Dit betekent dat er discrepanties kunnen zijn tussen de import- en exporttotalen tussen individuele landen, en op totaalniveau, en dat er mogelijk gaten in de data zitten. Omdat in deze editie noodgedwongen andere datasets gebruikt zijn, kunnen de cijfers afwijken van eerdere edities van Nederland Handelsland.

Wereldwijd nog nooit zoveel internationale diensten geleverd als in 2022

De mondiale dienstenexport lijkt zich definitief hersteld te hebben van de coronacrisis. In 2022 exporteerden landen wereldwijd een recordhoogte aan diensten: ter waarde van 7 094 miljard US dollar. Dat is een stijging van ruim 14 procent ten opzichte van 2021 en een stijging van ruim 12 procent ten opzichte van 2019, het vorige recordjaar. In 2010 – het beginjaar van onze analyses – rapporteerde de Wereldhandelsorganisatie een wereldwijde dienstenexport ter waarde van 3 986 miljard US dollar.

7 094 miljard US dollar werd er wereldwijd aan diensten geëxporteerd in 2022

Ondanks stabiele rol, daalt Nederland op de ranglijst van belangrijkste dienstenleveranciers

Figuur 4.5.1 laat zien dat Nederland tot de belangrijkste dienstenexporteurs van de wereld behoort. In 2022 stond ons land op een negende plek wat betreft omvang van de dienstenexport, met een aandeel van 3,8 procent. Het belang van Nederland bleef redelijk stabiel; het aandeel schommelt tussen 2010 en 2022 rond de vier procent. Wel is Nederland sinds 2010 drie plekken gedaald op de ranglijst. Nederland is sindsdien ingehaald door Ierland, India en Singapore.

Van alle landen in de top 10 zijn deze drie landen ook het meest in belang toegenomen. Ierland spant daarbij de kroon. Sinds 2010 heeft deze relatief kleine economie haar belang als dienstenexporteur met 2,7 procentpunt zien toenemen tot 5 procent. Dat is dus ruim een verdubbeling van het belang. Dit aandeel verdient wel enige nuance. Het kan namelijk niet los gezien worden van Ierlands aantrekkelijke vennootschapsbelasting, wat het een trekpleister heeft gemaakt voor multinationale tech- en farmabedrijven. Deze bedrijven verdienen weliswaar veel geld in Ierland – wat ook het bbp omhoog stuwt – maar sluizen de winst meestal door naar hun hoofdkantoren of brievenbusfirma’s in het buitenland (The Economist, 2023). India dankt zijn groei voornamelijk aan de sterk ontwikkelde IT-dienstensector, met een sterke focus op software-, financiële en bedrijfsondersteunende diensten. Dat zorgt er mede voor dat de groei van de Indiase digitale industrie ruim 2 keer zo groot is dan de groei van de gehele nationale economie (Cremers et al., 2023; Gajbhiye et al., 2022). Singapore profiteert op zijn beurt van recente hervormingen om de handelsbeperkingen in de dienstensector te verminderen (OESO, 2023).

4.5.1 Aandeel in wereldwijde dienstenexport (%)
jaar Verenigde Staten Verenigd Koninkrijk China Duitsland Ierland Frankrijk India Singapore Nederland Japan
2010 14,6 7,6 4,5 5,7 2,3 5,1 2,9 2,5 4,1 3,4
2011 14,4 7,7 4,5 5,6 2,4 5,3 3,1 2,7 3,9 3,1
2012 14,9 7,7 4,4 5,5 2,3 5,1 3,2 2,8 3,7 3
2013 14,7 7,6 4,2 5,6 2,4 5,2 3,1 2,9 3,7 2,8
2014 14,4 7,6 4,2 5,7 2,5 5,2 3 2,9 3,9 3,1
2015 15,3 7,6 4,4 5,6 2,7 5,1 3,1 3,1 3,9 3,2
2016 15,4 7,3 4,1 5,8 2,9 5,1 3,2 3 3,8 3,5
2017 15,1 7 4,1 5,8 3,3 4,9 3,3 3,1 4 3,4
2018 14,2 7,1 4,4 5,8 3,7 5 3,4 3,4 4,3 3,2
2019 14,1 6,8 4,5 5,6 4,1 4,7 3,4 3,5 4,4 3,3
2020 13,9 7,6 5,4 6,1 5,6 4,7 3,9 4,1 4,4 3,1
2021 12,9 7,3 6,3 6,3 5,6 4,9 3,9 4,3 4,1 2,7
2022 13,1 7 6 5,8 5 4,8 4,4 4,1 3,8 2,4
Bron: CBS, WTO

Grote economieën als de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Japan boeten sinds 2010 juist qua belang in als dienstenleverancier op het mondiale toneel. Desalniettemin blijven de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk de twee belangrijkste leveranciers van diensten op het wereldtoneel met een gezamenlijk aandeel van ruim 20 procent. Japan – de derde economie in de wereld – staat nog net in de top 10 van belangrijkste internationale dienstenleveranciers.

Nederlandse diensten verreweg het belangrijkst voor België

Van alle landen maakt België naar verhouding het meest gebruik van Nederlandse diensten. In 2022 was 13,8 procent van de totale dienstimport afkomstig uit Nederland. In geen enkel ander land in de OESO-database, met een dienstenimport van minstens 1 miljard dollar, nam Nederland een groter deel van de totale dienstenimport voor zijn rekening. Nederland was daarmee de belangrijkste leverancier van diensten voor België. Nederland is voor België een prominente leverancier van vrachtvervoer via onder andere de weg, over het spoor en over het water. Ook voor technische, aan de handel verbonden en overige zakelijke diensten weten onze zuiderburen ons goed te vinden.

Andere landen volgen op gepaste afstand. En het zijn niet per se landen die geografisch het dichts bij Nederland liggen, waarin Nederland een relatief groot belang vertegenwoordigd in hun dienstenimport. Finland en Roemenië completeren immers de top 3, zie figuur 4.5.2. Diensten gerelateerd aan vrachtvervoer over de zee zijn de belangrijkste Nederlandse diensten waar Finland gebruik van maakt. Terwijl aankopen van diensten en goederen door seizoenarbeiders en andere tijdelijke arbeidskrachten voor het relatief hoge aandeel Nederlandse diensten zorgen in de Roemeense import.

Ierland is een opvallende stijger in dit overzicht. Ierland is een van de grootste exporteurs van computerdiensten, met een wereldwijd aandeel van 27 procent in 2021. En de vraag naar computerdiensten is de afgelopen jaren flink toegenomen. De wereldwijde export van computerdiensten lag in 2022 45 procent hoger dan pre-corona. De pandemie heeft deze groei versterkt door de toename van thuiswerken, online leren en entertainment. Ook de vraag naar software, cloudservices, machine learning en verbeterde cyberbeveiliging blijft wereldwijd toenemen (WTO, 2023). Nederland maakt dus in toenemende mate ook gebruik van de Ierse computerdiensten.

4.5.2 Aandeel Nederlandse diensten in import van partnerlanden 1) (%)
land 2022 2021
België 13,8 13,9
Finland 6,7 6,4
Roemenië 6,6 6,0
Ierland 6,4 4,5
Polen 5,6 6,1
Zweden 5,6 5,6
Frankrijk 5,6 5,4
Duitsland 4,9 5,0
Tsjechië 4,7 4,6
Italië 4,1 4,5
Bron: OESO (2024)
1) Landen met minimaal 1 miljard US dollar dienstenimport uit Nederland in 2022

Kijken we naar de landen die voor minder dan 1 miljard US dollar Nederlandse diensten inkopen, dan valt vooral IJsland op. In 2022 maakten Nederlandse diensten 9,4 procent uit van de totale import van diensten van IJsland. Een jaar eerder was dat zelfs 11,1 procent. Net als bij Finland zijn het vooral diensten gerelateerd aan vrachtvervoer en ondersteunde diensten via de zee, die dit relatief grote belang van Nederland in de IJslandse dienstenimport verklaren.

4.6Belang van Nederland als dienstenafnemer voor andere landen

De Wereldhandelsorganisatie rapporteerde voor 2022 een wereldwijde import van diensten ter waarde van 6 554 miljard US dollar. De oplettende lezer merkt op dat dit bedrag afwijkt van de eerder gerapporteerde export, terwijl dit bedrag logischerwijs hetzelfde zou moeten zijn. Immers, de import van het ene land is de export van het andere. De data van de Wereldhandelsorganisatie is echter niet geharmoniseerd, en niet van alle landen zijn de handelsstomen bekend, waardoor er verschillen optreden. Voor meer informatie zie ook het leeskader in paragraaf 4.5. Toch blijkt ook hier – net als we gezien hebben bij de export – dat nog nooit zo veel internationale diensten ingekocht zijn als in 2022: een stijging van bijna 15 procent ten opzichte van een jaar eerder.

Wereldwijd maken zes landen meer gebruik van buitenlandse diensten dan Nederland

Het aandeel van Nederland in de wereldwijde dienstenimport was 4 procent in 2022. Dat is 0,4 procentpunt lager dan de vier voorgaande jaren. Wanneer we de afgelopen twee decennia in ogenschouw nemen, dan valt toch een toenemende rol van ons land waar te nemen in de mondiale dienstenimport. In 2022 nam Nederland wereldwijd de zevende plek in wat betreft de omvang van de dienstenimport.

De belangrijkste inkopers van buitenlandse diensten zijn de Verenigde Staten, China en Duitsland, zie figuur 4.6.1. Samen zijn deze drie landen de bestemming van bijna een kwart van alle internationale diensten wereldwijd. Waar zowel de Verenigde Staten en Duitsland in 2022 weer meer diensten uit het buitenland haalden – in vergelijking tot 2019 – deed China dat niet. In hoeverre dit nog te maken heeft met de naweeën van de coronacrisis en/of dit strategische keuzes zijn, is niet geheel duidelijk. In 2019 voerde China al minder diensten in dan een jaar eerder. Het zorgt er in ieder geval voor dat het belang van China als bestemming van diensten op mondiaal niveau afneemt, al behoudt het in 2022 wel nog nipt de tweede plaats op deze ranglijst.

4.6.1 Aandeel in wereldwijde dienstenimport (%)
land Verenigde Staten China Duitsland Ierland Verenigd Koninkrijk Frankrijk Nederland Singapore India Japan
2010 11,2 5,0 6,8 2,8 4,9 4,7 3,5 2,6 3 4,2
2011 10,6 5,7 6,8 2,8 4,7 4,7 3,5 2,7 2,9 4,0
2012 10,5 6,3 6,6 2,5 4,6 4,5 3,2 3,0 2,9 4,1
2013 9,8 7,0 6,9 2,5 4,6 4,8 3,2 3,2 2,7 3,6
2014 9,5 8,4 6,4 2,7 4,7 4,9 3,7 3,2 2,5 3,7
2015 10,1 8,9 6,1 3,6 4,9 4,7 4,3 3,3 2,5 3,6
2016 10,4 9,1 6,4 4,4 4,8 4,8 3,7 3,2 2,7 3,8
2017 10,4 8,7 6,5 4,3 4,6 4,6 4,0 3,4 2,9 3,6
2018 9,7 9,0 6,4 4,2 4,9 4,7 4,4 3,4 3,0 3,5
2019 9,8 8,3 6,2 6,2 4,7 4,4 4,4 3,4 3,0 3,6
2020 9,4 7,7 6,4 7,5 4,4 4,5 4,4 4,3 3,1 4,0
2021 9,8 7,5 6,8 6,1 4,6 4,5 4,4 4,3 3,4 3,7
2022 10,6 7,1 7,0 5,7 4,8 4,4 4,0 3,9 3,8 3,2
Bron: CBS, WTO

Nederland is de belangrijke afzetmarkt voor Belgische diensten

Van alle landen opgenomen in de OESO-database, gaan bij België verhoudingsgewijs de meeste diensten naar Nederland; 13,6 procent van de totale Belgische dienstenexport heeft ons land als bestemming. Daarmee is Nederland in 2022 de belangrijkste exportpartner van België. In 2021 was dit aandeel nog 14,7 procent. Diensten gerelateerd aan overig vervoer, expliciet in rekening gebrachte financiële diensten, en andere zakelijke diensten spelen hierin een voorname rol.

Niet alleen neemt Roemenië relatief veel diensten af uit Nederland – zoals we gezien hebben in paragraaf 4.5 – Nederland is ook een belangrijke bestemming voor Roemeense diensten, met name door de vrachtvervoerbranche. Datzelfde geldt voor Litouwen. Voor grote Europese economieën is het belang van Nederland als bestemming wat minder groot, maar deze landen staan wel nog in de top 10 landen met het hoogste Nederlandse aandeel in hun export. Voor zowel Frankrijk, Spanje en Duitsland is Nederland de zesde exportbestemming van diensten; voor het Verenigd Koninkrijk is ons land de vijfde exportbestemming.

4.6.2 Aandeel Nederlandse diensten in export van partnerlanden 1) (%)
land 2022 2021
België 13,6 14,7
Roemenië 7,1 7,6
Litouwen 6,8 6,1
Polen 6,7 7,1
Frankrijk 5,7 5,9
Spanje 5,6 5,9
Duitsland 5,5 5,5
Verenigd Koninkrijk 4,6 4,7
Oostenrijk 4,3 3,7
Italië 4,3 4,3
Bron: CBS, OESO
1)Landen met minimaal 1 miljard US dollar dienstenexport naar Nederland in 2022

4.7Literatuur

Open literatuurlijst

Literatuur

Baldwin, R., & Forslid, R. (2020). Globotics and development: When manufacturing is jobless and services are tradable. NBER Working Paper, Nr. 26731. National Bureau of Economic Research.

Barendregt, E., & Wijffelaars, M. (2017). De interne markt is een onvoltooid succes. Economische Statistische Berichten, 102, 4754S.

CBS (2016, 13 oktober). Export van diensten goed voor 10 procent bbp. Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2017). Internationaliseringsmonitor 2017, tweede kwartaal: Internationale handel in diensten. Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2021, 30 maart). Dienstenexport in 2020 sterker gedaald dan goederenexport. Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2022a). Internationale handel; invoer en uitvoer van diensten 2014–2020. [Dataset]. Geraadpleegd op 15 april 2024.

CBS (2022b, 6 juni). Dienstenimport terug op pre-coronaniveau. Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2022c). Internationaliseringsmonitor 2022, tweede kwartaal: Belemmeringen dienstenhandel. Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2023). Internationale handel; invoer en uitvoer van diensten naar land, kwartaal. [Dataset]. Geraadpleegd op 15 april 2024.

CBS (2024). Bbp, productie en bestedingen; kwartalen, mutaties, nationale rekeningen. [Dataset]. Geraadpleegd op 5 april 2024.

Cremers, D., Herbers, D., & Rooyakkers, J. (2023). Het economisch profiel van India. In S. Creemers & D. Herbers (Reds.) Internationaliseringsmonitor 2023, eerste editie: India. Centraal Bureau voor de Statistiek.

EU Monitor (2023). 30 jaar interne markt: wat is het en wat levert het op? Geraadpleegd op 18 april 2024.

Europese Raad (2024). Eengemaakte markt van de EU. Geraadpleegd op 18 april 2024.

Fu, X., Wang, T., & Yang, H. (2023). Does Service Trade Liberalization Promote Service Productivity? Evidence from China. Sustainability MDPI, 15(8), 1–22.

Gajbhiye, D., Arora, R., Nahar, A., Yangdol, I. & Thakur, I. (2022). Measuring India’s Digital Economy. RBI Bulletin December 2022. Reserve Bank of India.

Groot, S., Nauta, L., & Džambo, I. (2023, 12 oktober). Grote verschillen tussen sectoren in ontwikkeling operationele winsten. Rabobank: RaboResearch. Geraadpleegd op 15 april 2024.

Heijden, van der, M., Hemmerlé, Y., Öztürk, B., Schalk, van, I., & Schuijren, C. (2021). Veranderende internationale samenhangen en de Nederlandse economie: trends, drijfveren en consequenties. De Nederlandsche Bank. Geraadpleegd op 18 april 2024.

Nayyar, G., Hallward-Driemeier, M., & Davies, E. (2021). At Your Service?: The Promise of Services-Led Development. International Bank for Reconstruction and Development/The World Bank.

NOS Nieuws (2021, 7 oktober). Ierland toch akkoord, wereldwijde minimum winstbelasting dichterbij. Geraadpleegd op 19 april 2024.

OESO (2023). OECD Services Trade Restrictiveness Index (STRI): Singapore – 2023. OECD Publishing.

OESO (2024). International Trade in Services. [Dataset]. Geraadpleegd op 1 mei 2024.

OESO-WTO (2023). WTO-OECD Balanced Trade in Services dataset. [Dataset]. Geraadpleegd op 23 juni 2023.

Poulissen, D., Rooyakkers, J., & Smit, R. (2022). De internationale dienstenhandel in woelige tijden. In D. Herbers & J. Rooyakkers (Reds.), Internationaliserings­monitor 2022, tweede kwartaal: Dienstenhandel: Ontwikkelingen en belemmeringen. Centraal Bureau voor de Statistiek.

Sauvé, P. (2023, 19 september). Services offer a springboard to jobs and growth for developing countries. Wereldbank Blogs. Geraadpleegd op 25 april 2024.

Taylor, C. (2020, 13 oktober). FDI firms surprised by budget intellectual property change. The Irish Times. Geraadpleegd op 19 april 2024.

The Economist (2019, 24 januari). Globalisation has faltered. The Economist. Geraadpleegd op 23 mei 2024.

The Economist (2023, 31 oktober). What’s weird about Ireland’s GDP? The Economist. Geraadpleegd op 24 mei 2024.

UK Government (2023). Global Trade Outlook. February 2023. UK Government.

Wereldbank (2014). Africa’s Pulse: an analysis of issues shaping Africa’s economic future. Working Paper, No. 91207. World Bank Group.

WTO (2019). World Trade Report 2019: The Future of Services Trade. World Trade Organization.

WTO (2023). Global Trade Outlook and Statistics. World Trade Organization.

WTO & Wereldbank (2023). Trade in services for development: fostering sustainable growth and economic diversification. Geraadpleegd op 25 april 2024.

WTO (2024). Commercial services exports by sector and partner – annual (Million US dollar). [Dataset]. Geraadpleegd op 1 mei 2024.

Noten

Banken ontvangen een hogere rente op verstrekte leningen en betalen een lagere rente op spaartegoeden dan de zogenaamde interbancaire rente, de rentevoet die banken elkaar in rekening brengen als zij aan elkaar lenen.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

niets (blanco) een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
0 (0,0) het cijfer is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
* voorlopige cijfers
** nader voorlopige cijfers
- (indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
2016–2017 2016 tot en met 2017
2016/2017 het gemiddelde over de jaren 2016 tot en met 2017
2016/’17 oogstjaar, boekjaar, schooljaar, enz. beginnend in 2016 en eindigend in 2017
2004/’05-2016/’17 oogstjaar enz., 2004/’05 tot en met 2016/’17

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Auteurs

Nieke Aerts

Arjen Berkenbos (DNB)

Timon Bohn

Sarah Creemers

Marieke Houben-van Herten

Bas Kerckhoffs

Robin Konietzny

Tom Notten

Leen Prenen

Pascal Ramaekers

Janneke Rooyakkers

Anne Maaike Stienstra (DNB)

Roger Voncken

Stef Weijers

Manon Weusten

Redactie

Sarah Creemers

Marieke Houben-van Herten

Janneke Rooyakkers

Roger Voncken

Eindredactie

Sarah Creemers

Marieke Houben-van Herten

Roger Voncken

Dankwoord

We danken de volgende personen voor hun constructieve bijdrage aan deze editie van Nederland Handelsland:

Loe Franssen

Daan in ’t Veld (PBL)

Marjolijn Jaarsma

Dio Limpens

Angie Mounir

Tim Peeters

Davey Poulissen

Niels Schoenaker

Roos Smit

Michelle Steenmeijer

Harry Wilting (PBL)

Khee Fung Wong

CBS CCN Logistiek

CBS CCN Redactie en Visualisatie

CBS Vertaalbureau

We danken ook de volgende medewerkers van het ministerie van Buitenlandse Zaken voor hun feedback op een eerdere versie van Nederland Handelsland:

Diederik Berghuijs

Vasant Bhoendie

Jeroen Jacobs

Harry Oldersma