Preventie

In dit laatste hoofdstuk staat het thema preventie centraal. Wat doen burgers om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van criminaliteit? Eerst komt de gedragsmatige component aan de orde. Daarna wordt ingegaan op de aanwezigheid van preventieve voorzieningen in of rond de eigen woning. Tot slot wordt naar de aanwezigheid en het gebruik van preventieve voorzieningen in de buurt gekeken. Meer cijfers over dit thema zijn beschikbaar via StatLine, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken.

6.1Sociaal-preventief gedrag

Hoe handelen Nederlanders om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van criminaliteit? Om dit sociaal-preventief gedrag te onderzoeken is in de Veiligheidsmonitor voor een viertal preventieve maatregelen gevraagd hoe vaak deze worden genomen om de eigen woning of bezittingen te beveiligen.

De meest getroffen preventieve maatregel is het meenemen van waardevolle spullen uit de auto. In 2019 geeft 69 procent van de mensen aan dit vaak te doen. Dit aandeel is iets hoger dan in 2017 (68 procent) en iets lager dan in 2012 (70 procent). 45 procent zegt ‘s avonds vaak het licht te laten te laten branden wanneer er niemand thuis is. Dit is hoger dan in 2017 (42 procent) en 2012 (41 procent). Het in een bewaakte stalling zetten van de fiets is een maatregel die door 37 procent wordt genomen. Dit is vergelijkbaar met 2017, maar meer dan in 2012 (35 procent). Het thuislaten van waardevolle spullen om diefstal of beroving op straat te voorkomen daarentegen wordt in 2019 met 29 procent minder gedaan dan in voorgaande jaren (30 procent in 2017 en 33 procent in 2012). Het sociaal-preventief gedrag laat op de onderzochte items dus wisselende ontwikkelingen zien. Daarbij zijn de verschuivingen beperkt.

45% laat ’s avonds licht branden bij afwezigheid Buitenvorm Binnenvorm

Sociaal-preventief gedrag naar stedelijkheid

Het sociaal-preventieve gedrag verschilt naar stedelijkheidsgraad van het gebied waar men woont, maar de verschillen zijn per item anders. Zo gebeurt ‘het meenemen van waardevolle spullen uit de auto’ vaker in meer verstedelijkte gebieden dan in minder verstedelijkte gebieden (met uitzondering van zeer sterk verstedelijkte gebieden waar dit vrijwel even vaak gebeurt als in niet stedelijke gebieden), terwijl dit bij ‘het ’s avonds het licht laten branden bij afwezigheid’ juist omgekeerd is: dit gebeurt vaker in minder stedelijke gebieden.

6.2Preventieve voorzieningen in/rond woning

In de Veiligheidsmonitor is gevraagd of een aantal voorzieningen aanwezig zijn om de woning te beveiligen. Buitenverlichting is in 2019 met 74 procent het vaakst aangebracht. Ruim 40 procent van de Nederlanders (43 procent) heeft buitenverlichting met sensor. De helft heeft buitenverlichting zonder sensor. Ook hebben woningen vaak extra veiligheidssloten en/of grendels op de buitendeuren. In 2019 geeft 63 procent van de Nederlanders aan deze preventieve voorziening getroffen te hebben. Andere voorzieningen tegen inbraak komen aanzienlijk minder vaak voor: 21 procent heeft (rol)luiken voor ramen en deuren en 12 procent heeft een alarminstallatie. De aanwezigheid van extra veiligheidssloten, van buitenverlichting en van een alarminstallatie is iets afgenomen in vergelijking met 2017 en 2012. De aanwezigheid van (rol)luiken voor ramen en deuren is juist iets toegenomen in deze periode.

Verder heeft 11 procent in 2019 camerabewaking en 9 procent heeft een raamsticker of certificaat van het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW).

12% heeft thuis een alarminstallatie Buitenvorm Binnenvorm

Preventieve voorzieningen in/rond woning naar stedelijkheid

Buitenverlichting en rolluiken voor ramen en/of deuren zijn in minder verstedelijkte gebieden meer aanwezig dan in meer verstedelijkte gebieden. De aanwezigheid van extra veiligheidssloten en alarminstallaties verschilt relatief weinig naar stedelijkheidsgraad, met uitzondering van zeer sterk stedelijke gebieden: hier zijn deze voorzieningen, net als buitenverlichting en rolluiken duidelijk het minst aanwezig.

Camerabewaking komt even vaak voor in zeer sterk stedelijke gebieden als in niet stedelijke gebieden. Raamstickers of certificaten van het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) zijn het minst aanwezig in niet stedelijke gebieden.

Preventieve voorzieningen in/rond woning: een somscore

Op basis van de uitkomsten voor de verschillende soorten preventieve voorzieningen is een somscore berekend. Camerabewaking en raamstickers of certificaten van het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) zijn hierbij buiten beschouwing gelaten, omdat deze in 2019 voor het eerst zijn bevraagd. De somscore is nu vergelijkbaar met die in eerdere VM-edities en loopt van 0 tot en met 4, waarbij 0 betekent dat de respondent zegt dat thuis geen van de voorzieningen aanwezig zijn en 4 betekent dat alle vier de voorzieningen thuis aanwezig zijn. Het landelijke gemiddelde van de somscores bedraagt in 2019 een 1,7. Dit ligt iets lager dan in 2017 en 2012. Hieronder is het gemiddelde van de somscores gebruikt om regionale verschillen in de aanwezigheid van preventieve voorzieningen in/‌rond de woning in beeld te brengen.

Preventieve voorzieningen in/rond woning naar politieregio

Op het schaalniveau van de tien regionale eenheden varieert het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen in 2019 van 1,2 in de regionale eenheid Amsterdam tot 2,1 in de regionale eenheid Limburg. Op het niveau van de 167 basisteams varieert dit gemiddelde van 0,8 in de basisteams Zuid-de Pijp en Centrum-Burgwallen tot 2,5 in basisteam Echt.

In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen – rekening houdend met de betrouwbaarheidsmarges rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde. Zo is de aanwezigheid van preventieve voorzieningen hoger dan gemiddeld in de regionale eenheden Oost-Nederland, Zeeland – West-Brabant, Oost-Brabant en Limburg. Deze aanwezigheid is lager dan gemiddeld in de eenheden Noord-Nederland, Midden-Nederland, Noord-Holland, Amsterdam, Den Haag en Rotterdam,

6.3Preventieve voorzieningen in de buurt

In 2019 is voor het eerst gevraagd naar de aanwezigheid en het gebruik van preventieve voorzieningen in de buurt. Whatsapp-buurtpreventie komt met 43 procent het vaakst voor. Minder vaak naar eigen zeggen is er in de buurt Burgernet (29 procent), een buurt- of burgerwacht (18 procent) of een andere vorm van buurtbescherming (7 procent).

Hoewel Whatsapp-buurtpreventie het vaakst aanwezig is, wordt hier niet het meeste gebruik van gemaakt. Indien er Burgernet is, geeft 57 procent hier gebruik van te maken. Bij andere (dan de genoemde) vormen van buurtbescherming is dit 47 procent, bij Whatsapp-buurtpreventie 42 procent en bij een buurt- of burgerwacht 20 procent.

Bij deze cijfers geeft een grote groep aan niet te weten of de betreffende voorziening in de buurt aanwezig is en of ze er gebruik van maken (variërend van 27 procent bij Whatsapp-buurtpreventie tot 61 procent bij andere vormen van buurtbescherming).

Preventieve voorzieningen in de buurt naar stedelijkheid

Een buurt- of burgerwacht is het minst aanwezig in niet stedelijke gebieden, terwijl Whatsapp-buurtpreventie en Burgernet juist minder vaak in de zeer sterk stedelijke gebieden voorkomen. De aanwezigheid van andere vormen van buurtbescherming verschilt nagenoeg niet naar stedelijkheidsgraad. Verder wordt er in minder verstedelijkte gebieden meer gebruik gemaakt van buurtpreventie dan in meer verstedelijkte gebieden. Dit geldt voor alle onderscheiden vormen van buurtbescherming.

43% zegt dat Whatsapp-buurtpreventie aanwezig is in buurt Buitenvorm Binnenvorm

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

. Gegevens ontbreken
* Voorlopig cijfer
** Nader voorlopig cijfer
x Geheim
Nihil
(Indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
0 (0,0) Het getal is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
Niets (blank) Een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
2018–2019 2018 tot en met 2019
2018/2019 Het gemiddelde over de jaren 2018 tot en met 2019
2018/’19 Oogstjaar, boekjaar, schooljaar enz., beginnend in 2018 en eindigend in 2019
2016/’17–2018/’19 Oogstjaar, boekjaar, enz., 2016/’17 tot en met 2018/’19

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Auteurs

Math Akkermans

Willem Gielen

Rianne Kloosterman

Kim Knoops

Ger Linden

Elke Moons

Met medewerking van

José Gouweleeuw

Jos Kickken

Ralph Meijers

Inge Muijs

Marie-José Poublon-Schijns