Burgers en politie

Dit hoofdstuk gaat over de relatie tussen burger en politie, en meer in het bijzonder over contacten tussen burgers en politie en het oordeel van de burgers over het functioneren van de politie. Een burger kan om verschillende redenen contact hebben met de politie. Men kan een delict aangeven of melden, maar het kan ook gaan om verkeers­zaken, vragen om hulp, openbare orde-problemen of veiligheidskwesties. Het eerste deel van dit hoofdstuk gaat over dit soort contacten tussen burgers en politie. Ook de tevredenheid over de contacten komt aan de orde. In het tweede deel wordt het oordeel van de burger over het functioneren van de politie in de eigen woonbuurt en in het algemeen beschreven. Meer cijfers over burgers en politie, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken, zijn beschikbaar via StatLine.

5.1Contact met politie en tevredenheid over contact

In 2019 geeft 19 procent van de Nederlanders aan in de afgelopen twaalf maanden wel eens contact te hebben gehad met de politie in de eigen gemeente.noot1 Dat is minder dan in 2017 (22 procent) en 2012 (28 procent). Het gaat bij deze contacten bijvoorbeeld om een melding of aangifte van een delict, een bekeuring of waarschuwing, of zomaar een praatje met een agent op straat.

Van degenen die in het afgelopen jaar contact hebben gehad is 66 procent in 2019 (zeer) tevreden over het laatste contact met de politie. Deze tevredenheid is hoger dan in 2017 (61 procent) en 2012 (59 procent). Ten opzichte van 2012 is het aandeel contacten dus afgenomen, terwijl de tevredenheid over de contacten is toegenomen.

66% is tevreden over contact met politie in eigen gemeente Buitenvorm Binnenvorm

De tevredenheid over handhavingscontacten met de politie in de eigen gemeente is het laagst. In 2019 is 56 procent hierover (zeer) tevreden en 22 procent (zeer) ontevreden. Over de contacten in verband met aangifte of melding is 64 procent in 2019 (zeer) tevreden en 17 procent (zeer) ontevreden. Het hoogst is de tevredenheid over andere contacten met de politie. Over deze contacten is 69 procent (zeer) tevreden en 12 procent (zeer) ontevreden.

In vergelijking met 2017 is het tevredenheidspercentage in 2019 met name groter bij de handhavingscontacten, maar ook bij de contacten in verband met aangifte of melding zijn personen vaker tevreden. Alleen het tevredenheidspercentage bij de overige contacten verschilt in 2019 niet wezenlijk ten opzichte van dat in 2017.

Contact met politie naar herkomst

Naar herkomst bestaan er in 2019 geen verschillen in de mate waarin personen contact hebben met de politie in de eigen gemeente. In 2017 hadden personen met een niet-westerse achtergrond nog minder vaak contact dan personen met een Nederlandse achtergrond. De tevredenheid over het contact met de politie is onder personen met een niet-westerse (60 procent) en westerse achtergrond (63 procent) wel lager dan onder personen met een Nederlandse achtergrond (67 procent).

Contact met politie buiten de gemeente

Nieuw in de Veiligheidsmonitor 2019 is dat ook gevraagd is naar het contact van burgers met de politie buiten de eigen woongemeente. In totaal geeft 4 procent van de personen aan dat het bij hun laatste contact ging om politie buiten de gemeente. Wanneer deze personen ook worden meegenomen heeft in totaal 23 procent contact gehad met de politie. Hiervan is 65 procent (zeer) tevreden over dit contact. Vanwege deze nieuwe vraagstelling is het niet mogelijk om dit cijfer te vergelijken met eerdere jaren.

5.2Tevredenheid met functioneren politie

Functioneren politie in de buurt

In de Veiligheidsmonitor is aan alle respondenten gevraagd hoe tevreden of ontevreden ze zijn over het functioneren van de politie in de buurt. Hieruit blijkt dat 28 procent (zeer) tevreden is. Verder is 6 procent in 2019 (zeer) ontevreden en 17 procent is niet tevreden en niet ontevreden. Het grootste deel (47 procent) geeft aan dit niet te kunnen beoordelen. 2 procent heeft de vraag niet beantwoord. Wanneer de antwoorden ‘kan dit niet beoordelen’ en ‘geen antwoord’ buiten beschouwing worden gelaten, is met 54 procent meer dan de helft (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in de buurt, en 12 procent (zeer) ontevreden.

Functioneren politie in het algemeen

Naast het oordeel van de burger over het functioneren van de politie in de buurt is ten slotte ook diens oordeel over het functioneren van de politie in het algemeen onderzocht. Daarvoor is op de eerste plaats aan alle respondenten gevraagd hoe tevreden of ontevreden ze zijn over het functioneren van de politie in het algemeen. In 2019 is 35 procent hierover (zeer) tevreden. Verder is 7 procent in 2019 (zeer) ontevreden en 21 procent is niet tevreden en niet ontevreden. Net als bij de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt geeft ook hier het grootste deel aan dit niet te kunnen beoordelen (35 procent) of geeft geen antwoord (2 procent). Wanneer degenen zonder oordeel of antwoord buiten beschouwing worden gelaten, is 56 procent (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in het algemeen, en 11 procent (zeer) ontevreden.

28% is tevreden over functioneren politie in buurt Buitenvorm Binnenvorm

Ontwikkeling tevredenheid functioneren politie

De tevredenheid over het functioneren van de politie is in de afgelopen jaren toegenomen. Het aandeel Nederlanders dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de politie in de buurt is gestegen van 25 procent in 2012 naar 28 procent in 2019. Het percentage dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de politie in het algemeen is toegenomen 29 procent in 2012 naar 35 procent in 2019.

In de periode 2005–2019 is de tevredenheid over het contact met de politie in de gemeente en over het functioneren van de politie in de buurt gestegen. Vooral de laatste jaren is de waardering voor beiden gegroeid. De stijging van de tevredenheid over het politiecontact sinds 2005 is iets groter dan die van de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt (23 versus 14 procent).

Tevredenheid functioneren politie naar stedelijkheid

In zeer sterk stedelijke gebieden is het percentage inwoners dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de politie groter dan in minder verstedelijkte gebieden. Zo is 31 procent van de inwoners van sterk stedelijke gebieden (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in de buurt, terwijl dit aandeel in weinig en niet verstedelijkte gebieden rond de 25 procent ligt.

Een vergelijkbaar verschil bestaat bij het oordeel over het functioneren van de politie in het algemeen. In zeer sterk verstedelijkte gebieden is 39 procent hierover (zeer) tevreden, terwijl dit aandeel zich in minder verstedelijkte gebieden wat boven de 30 procent beweegt.

Tevredenheid functioneren politie in buurt naar politieregio

Op het schaalniveau van de tien regionale eenheden varieert het aandeel inwoners dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de politie in de buurt in 2019 van 32 procent in de regionale eenheid Amsterdam tot 23 procent in de eenheid Limburg. Op het niveau van de 167 basisteams lopen de uitkomsten uiteen van 42 procent in het basisteam Jan Hendrikstraat tot 17 procent in het basisteam Heuvelland.

In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams de tevredenheid met het functioneren van de politie in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheids­marges rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde. Zo is de tevredenheid hoger dan gemiddeld in de regionale eenheden Amsterdam en Den Haag, en lager dan gemiddeld in de eenheden Limburg, Noord-Holland, Oost-Brabant en Zeeland – West-Brabant.

Tevredenheid functioneren politie in buurt naar 70 000+ gemeente

De inwoners van de 70 000+ gemeenten zijn in 2019 iets tevredener over het functioneren van de politie in de buurt dan landelijk gemiddeld. In de 70 000+ gemeenten geeft 29 procent aan (zeer) tevreden te zijn over het functioneren van de politie in de buurt tegen 27 procent landelijk. Vooral in de G4 is men hierover met 32 procent relatief positief. In de G40 is dit 28 procent en in de overige 70 000+ gemeenten 30 procent. In vergelijking met 2017 is deze tevredenheid voor het totaal van de 70 000+ gemeenten niet veranderd.

Op het niveau van de 52 afzonderlijke 70 000+ gemeenten varieert het aandeel inwoners dat tevreden is met het functioneren in 2019 van 36 procent in de gemeente ’s Gravenhage tot 20 procent in de gemeente Emmen.

In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70 000+ gemeenten de tevredenheid met het totale functioneren van de politie in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheids­marges rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het gemiddelde van deze 70 000+ gemeenten. In de gemeenten Amsterdam, ’s Gravenhage, Leiden en Leidschendam-Voorburg is deze tevredenheid hoger dan gemiddeld en in de gemeenten Alphen aan den Rijn, Emmen, Haarlem, Heerlen, Maastricht, Oss, Sittard-Geleen en Venlo lager dan gemiddeld.

Beschikbaarheid politie in de buurt

Behalve het oordeel over het functioneren van de politie in de buurt is ook het oordeel over de beschikbaarheid van de politie door middel van – negatief geformuleerde – stellingen onderzocht. In 2019 zijn mensen met 47 procent het meest negatief over de zichtbaarheid van de politie; 39 procent vindt dat de politie ‘te weinig uit de auto komt in de buurt’. Het minst onderschreven wordt de stelling dat de politie ‘niet snel komt als je ze roept’ (14 procent).

In vergelijking met 2017 is het aandeel dat het (helemaal) eens is met deze negatieve stellingen in 2019 lager. Dat geldt alleen niet voor de stelling ‘Je ziet de politie in de buurt te weinig’, waarbij er tussen 2017 en 2019 geen verschil zichtbaar is. Ten opzichte van 2012 zijn minder mensen het (helemaal) eens met alle negatieve stellingen; het oordeel over de beschikbaarheid van de politie in de buurt is dus over de hele linie verbeterd.

Beschikbaarheid politie in buurt naar stedelijkheid

In zeer sterk stedelijke gebieden zijn de inwoners het met een aantal negatieve stellingen over de beschikbaarheid van de politie in de buurt minder eens dan in sterk-, matig-, weinig- of niet-stedelijke gebieden. Dat geldt niet voor de stelling ‘De politie heeft hier te weinig tijd voor allerlei zaken’, waarbij de percentages naar stedelijkheid niet wezenlijk van elkaar verschillen. En bij de stelling ‘De politie komt hier te weinig uit de auto’ verschillen zeer sterk stedelijke gebieden tevens niet van de niet-stedelijke gebieden.

Noten

In de Veiligheidsmonitor 2019 is de vraagstelling over het contact met de politie wat aangepast. Waar eerder alleen gevraagd werd naar het contact met de politie in de gemeente, is in 2019 gevraagd of het ging om contact met de politie in de buurt, elders in de gemeente of buiten de gemeente. Om de cijfers te kunnen vergelijken met eerdere edities is hier het contact met de politie in de buurt en elders in de gemeente samengenomen. Het contact met de politie buiten de eigen gemeente is bij het vaststellen van dit cijfer buiten beschouwing gelaten.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

. Gegevens ontbreken
* Voorlopig cijfer
** Nader voorlopig cijfer
x Geheim
Nihil
(Indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
0 (0,0) Het getal is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
Niets (blank) Een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
2018–2019 2018 tot en met 2019
2018/2019 Het gemiddelde over de jaren 2018 tot en met 2019
2018/’19 Oogstjaar, boekjaar, schooljaar enz., beginnend in 2018 en eindigend in 2019
2016/’17–2018/’19 Oogstjaar, boekjaar, enz., 2016/’17 tot en met 2018/’19

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Auteurs

Math Akkermans

Willem Gielen

Rianne Kloosterman

Kim Knoops

Ger Linden

Elke Moons

Met medewerking van

José Gouweleeuw

Jos Kickken

Ralph Meijers

Inge Muijs

Marie-José Poublon-Schijns