Economie

Cijfers - Industrie

De omzet in de industrie steeg in het vierde kwartaal van 2016 na negen kwartalen van omzetdalingen met 1,1 procent op jaarbasis. In de meubelbranche was de stijging met 8,2 procent het sterkst. Vooral de omzetstijging in de aardolie-, chemische, farmaceutische, rubber- en  kunststofproductenindustrie droeg bij aan de stijgende lijn in de totale industrie. Ondanks de omzetstijging in het vierde kwartaal daalde de omzet in de industrie in 2016 met 2,9 procent.

De afzetprijzen in de industrie lagen in het vierde kwartaal van 2016 2,5 procent hoger dan aan het eind van 2015. De prijsstijgingen in de aardolie-industrie in het vierde kwartaal volgden op afspraken die gemaakt zijn in het kader van het OPEC-akkoord. Ook in de basismetaalindustrie, de voedingsmiddelenindustrie, de chemische, de metaalproducten- en auto-industrie stegen de prijzen. De prijzen in de elektrotechnische en machine-industrie daalden het hardst, met 2,9 procent. Op jaarbasis was de prijsdaling evenwel 3,6 procent.

Het aantal uitgesproken faillissementen in de industrie is sterk gedaald sinds 2013. In 2013 gingen 839 bedrijven failliet, in 2016 waren dat er nog 365. Dit is een daling van 56,5 procent.

Van elke euro die de Nederlandse industrie verdient, wordt 70 cent door de export opgebracht. Onze maakindustrie voegde in 2015 ruim 71 miljard euro aan waarde toe, waarvan bijna 50 miljard euro te danken was aan export. De chemische industrie is voor 92 procent afhankelijk van export. De meubelindustrie is daarentegen veel meer op de binnenlandse markt gericht.

De exportafhankelijkheid van de meubelindustrie is 29 procent. Duitsland, België, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, de Verenigde Staten en Italië zijn in 2015 de belangrijkste exportlanden, net als in 2006. China staat op zeven en is de belangrijkste runner up. Het aandeel van China in de totale exportverdiensten in de industrie is sinds 2006 gestegen van 1,3 procent tot 2,9 procent.

Lees verder...

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Leeswijzer

Verklaring van tekens

Niets (blanco) Een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. Het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
* Voorlopige cijfers
** Nader voorlopige cijfers
2016-2017 2016 tot en met 2017
2016/2017 Het gemiddelde over de jaren 2016 tot en met 2017
2016/’17 Oogstjaar, boekjaar, schooljaar enz., beginnend in 2016 en eindigend in 2017
2014/’15-2016/’17 Oogstjaar, boekjaar, enz., 2014/’15 tot en met 2016/’17

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Erratum

Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze publicatie is samengesteld, is er toch achteraf een onvolkomenheid geconstateerd. Onze excuses hiervoor.

Dinsdag 16 oktober 2018

Economie – Cijfers bouwen en wonen

In de inleidende tekst zijn enkele percentages niet juist. De omzet van de burgerlijke en utiliteitsbouw is in 2016 9,4 procent en niet 9,2 procent. De omzet van de grond-, weg- en waterbouw ging 1,4 procent achteruit i.p.v. 1,0 procent. De omzet van kleine bedrijven steeg met gemiddeld 8,5 procent i.p.v. 8,6 procent.