Editie 2021Editie 2022

Foto omschrijving: Een Meerkoet zit op een drijvend onbeschut nest van afval met haar pas uitgekomen jong onder haar vleugel op de Amsterdamse gracht. De Meerkoet gebruikt zelfs een mondkapje voor haar nest.

Hoe gaat het met de vogels in de stedelijke omgeving?

Van de 83 vogelsoorten die in steden en dorpen voorkomen, gaan er meer soorten achteruit dan vooruit. Zo gaan merel en huismus in populatie-omvang achteruit, terwijl putter en ooievaar toenemen binnen bebouwd gebied. De indicator ‘vogels van stedelijk gebied’ geeft de gemiddelde trend weer van deze 83 soorten. Deze is in de periode 2007–2020 met iets meer dan 6 procent afgenomen.

Hoe gaat het met de vogels in de stedelijke omgeving?How is the urban bird population doing?Vogels van struweel en struikenBirds of thicket and bushVogels vanopen groenBirds of open greeneryVogels van water en moerasBirds of water and marshlandVogels van bebouwingBirds of city and villageMatige toename Moderate increaseMatige afnameModerate decline

Het CBS berekent trends in de omvang van de populatie en het verspreidingsgebied van een groot aantal planten- en diersoorten uit de Nederlandse natuur. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van waarnemingen die voornamelijk verzameld zijn door vrijwilligers, maar deels ook door professionele waarnemers. Door de trends in samenhang te bekijken ontstaat een redelijk compleet beeld van de toestand en de ontwikkeling van de Nederlandse natuur. Sinds 2007 worden vogels in de stedelijke omgeving van Nederland geteld door middel van het Meetnet Urbane Soorten (MUS)noot1 van Sovon Vogelonderzoek Nederland. Van 83 vogelsoorten zijn voldoende gegevens beschikbaar om een trend voor vogels van het stedelijk gebied te berekenen.

Populatietrend vogels in stedelijk gebied 1) (2007=100)
Waarneming Trend Onzekerheid trend (low) Onzekerheid trend (high)
2007 99,41 100 97,17-10284 97,17-10284
2008 103,87 101,21 99,51-10296 99,51-10296
2009 98,76 101,91 100,56-10339 100,56-10339
2010 101,7 102,05 100,57-10358 100,57-10358
2011 104,08 101,44 99,92-1029 99,92-1029
2012 100,92 100,49 98,93-10198 98,93-10198
2013 97,69 99,17 97,67-10067 97,67-10067
2014 96,7 98,63 97,22-10008 97,22-10008
2015 98,67 97,9 96,31-9945 96,31-9945
2016 98,74 96,01 94,6-975 94,6-975
2017 95,2 94,26 92,82-9569 92,82-9569
2018 89,03 93,32 92,05-9463 92,05-9463
2019 89,5 92,92 91,58-9429 91,58-9429
2020 96,9 93,42 91,28-9539 91,28-9539
Bron: CBS, NEM (Sovon)
1) Exclusief exoten

Slechtvalk verovert bebouwd Nederland

De vogelsoorten van het stedelijk gebied kunnen worden ingedeeld in vijf groepen naar type leefgebied: vogels kenmerkend voor bebouwing (bijvoorbeeld huismus, slechtvalk), bos en park (zanglijster, grote bonte specht), struik en struweel (winterkoning, nachtegaal), open groen (grutto en ooievaar), en water en moeras (ijsvogel, blauwe reiger).

Vogels die sterk geassocieerd worden met bebouwing, zoals gierzwaluw en huismus, gaan als groep vooruit (20 procent). Dat komt echter door de sterke toename van slechts één soort: de slechtvalk. Zonder deze soort zou de gemiddelde trend juist dalen; huismus, kauw, spreeuw en Turkse tortel nemen in aantal af. De slechtvalk komt uit een diep dal en wordt bij zijn herstel geholpen door speciale nestkasten op hoge gebouwen.

Trend van vogels in stedelijk gebied naar voorkeur leefomgeving (2007 = 100)
Open groen Open groen onzekerheid trend (low) Open groen onzekerheid trend (high) Water en moeras Water en moeras onzekerheid trend (low) Water en moeras onzekerheid trend (high) Bebouwing Bebouwing onzekerheid trend (low) Bebouwing onzekerheid trend (high) Bos/Park Bos/Park onzekerheid trend (low) Bos/Park onzekerheid trend (high) Struik/Struweel Struik/Struweel onzekerheid trend (low) Struik/Struweel onzekerheid trend (high)
2007 100 92,06-10813 92,06-10813 100 93,87-10601 93,87-10601 100 89,98-1096 89,98-1096 100 95,82-10411 95,82-10411 100 94,53-10552 94,53-10552
2008 106,04 101,24-11109 101,24-11109 102,71 98,98-10664 98,98-10664 103,79 97,34-10957 97,34-10957 98,84 96,22-10149 96,22-10149 98,66 95,45-10198 95,45-10198
2009 109,41 105,06-11397 105,06-11397 105,91 102,59-10935 102,59-10935 106,5 101,51-11169 101,51-11169 97,66 95,36-10014 95,36-10014 96,67 94,1-9939 94,1-9939
2010 110,51 106,03-11537 106,03-11537 109,19 105,64-1126 105,64-1126 108,31 103,11-11404 103,11-11404 96,3 93,88-9895 93,88-9895 94,19 91,5-9705 91,5-9705
2011 108,19 103,96-11257 103,96-11257 113,2 109,88-11656 109,88-11656 108,85 103,84-11424 103,84-11424 94,57 92,28-9702 92,28-9702 90,73 87,92-936 87,92-936
2012 104,93 100,63-10951 100,63-10951 116,7 113,3-11998 113,3-11998 108,78 103,87-11376 103,87-11376 92,86 90,32-955 90,32-955 87,36 84,52-9015 84,52-9015
2013 103,71 99,59-10838 99,59-10838 116,43 113,01-11976 113,01-11976 108,64 104,39-1131 104,39-1131 90,94 88,48-9334 88,48-9334 85,61 82,75-8841 82,75-8841
2014 103,57 99,19-10775 99,19-10775 117,46 114,02-12108 114,02-12108 109,2 105,02-11349 105,02-11349 89,9 87,68-9221 87,68-9221 83,39 80,89-8592 80,89-8592
2015 102,66 98,28-10704 98,28-10704 118,66 114,81-12262 114,81-12262 110 105,24-11518 105,24-11518 88,91 86,64-9125 86,64-9125 80,32 77,72-8302 77,72-8302
2016 97,3 93,13-10127 93,13-10127 120,83 117,4-12429 117,4-12429 110,26 105,99-11503 105,99-11503 87,73 85,53-8991 85,53-8991 74,28 71,92-7688 71,92-7688
2017 92,24 88,19-9623 88,19-9623 123,2 120,13-12638 120,13-12638 111,13 107,1-11566 107,1-11566 86,28 84,11-8848 84,11-8848 69,26 66,7-7208 66,7-7208
2018 89,7 86,17-9321 86,17-9321 125,7 122,86-12858 122,86-12858 113,54 110,03-11726 110,03-11726 84,26 82,36-8624 82,36-8624 67,06 64,72-6959 64,72-6959
2019 88,69 84,82-9243 84,82-9243 128,22 125,2-13142 125,2-13142 117,21 113,49-12089 113,49-12089 81,96 79,85-8411 79,85-8411 66,59 64,25-6903 64,25-6903
2020 90,14 84,4-9591 84,4-9591 130,36 125,85-13535 125,85-13535 122,55 116,47-12874 116,47-12874 79,54 76,14-8289 76,14-8289 68,74 65 - 72 65 - 72
Bron: CBS, NEM (Sovon)

Meer watervogels, minder vogels in stedelijk groen

Watervogels, zoals grauwe gans, krakeend en kleine mantelmeeuw, gaan in dorpen en steden als groep vooruit: de gemiddelde trend is met 30 procent gestegen sinds 2007. Vogels die kenmerkend zijn voor bossen en parken (–20 procent), open groen (–10 procent) en struik en struweel (–30 procent) gaan binnen de stedelijke omgeving juist flink achteruit.

De vragen

Noten

Meetnet Urbane Soorten (MUS)

Binnen het Meetnet Urbane Soorten (MUS) wordt de aantalsontwikkeling gevolgd van alle broedvogelsoorten van de stedelijke omgeving. De term ‘stedelijke omgeving’ wordt breed opgevat, en omvat naast steden en dorpen ook parken, bedrijven- en industrieterreinen, volkstuincomplexen en sportterreinen. Vrijwilligers kiezen een beschikbaar postcodegebied en identificeren en tellen alle vogels op 8–12 meetpunten binnen dat gebied. Op elk meetpunt wordt exact 5 minuten geteld. Het meetnet richt zich op alle broedvogelsoorten inclusief exoten als halsbandparkiet, nijlgans en stadsduif. In de indicator zijn deze exoten buiten beschouwing gelaten.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

niets (blanco) een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
0 (0,0) het cijfer is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
* voorlopige cijfers
** nader voorlopige cijfers
- (indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
2016–2017 2016 tot en met 2017
2016/2017 het gemiddelde over de jaren 2016 tot en met 2017
2016/’17 oogstjaar, boekjaar, schooljaar, enz. beginnend in 2016 en eindigend in 2017
2004/’05-2016/’17 oogstjaar enz., 2004/’05 tot en met 2016/’17

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Concept & beeldredactie

Irene van Kuik

Infographics

Hendrik Zuidhoek

Janneke Hendriks

Richard Jollie

Redactie

Gert Jan Wijma

Karolien van Wijk

Michel van Kooten

Paul de Winden

Ronald van der Bie

Sidney Vergouw

Vertaling

Frans Dinnissen

Gabriëlle de Vet

Eindredactie

Elma Wobma

Veel dank aan alle andere CBS’ers die hebben bijgedragen aan deze editie.

Erratum

Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze publicatie is samengesteld, zijn er achteraf enkele onvolkomenheden geconstateerd. Onze excuses hiervoor.

Datum: 29 september 2022

In het figuur ‘Opgesteld vermogen en elektricititeitsproductie van windmolens’ waren de eenheden van het bovenste en onderste deel van de figuur verwisseld (kwH en megawatt). Dit is nu gecorrigeerd.

Datum: 21 oktober 2022

In het figuur ‘Gemiddelde fietsafstand naar reismotief’ waren de getallen verwisseld. Dit is nu gecorrigeerd. De cijfers in de tekst waren juist.