Editie 2021Editie 2021

Foto omschrijving: Koeien in een halfopen schuur staren in de camera van de fotograaf

Hoeveel landbouwdieren telt ons land?

De Nederlandse varkensstapel kromp in 2021 iets naar bijna 11,4 miljoen varkens. De omvang van de kippenstapel nam het laatste jaar af naar bijna 100 miljoen dieren. De rundveestapel bleef met 3,8 miljoen runderen nagenoeg gelijk, het aantal melkgeiten steeg licht naar 482 duizend.

Hoeveel landbouwdieren telt ons land?850 000Schapen11 400 000Varkens3 800 000Rundvee99 900 000Kippen480 000Melkgeiten

Minder varkens

Volgens de landbouwtelling op 1 april 2021 waren er 512 duizend (4,3 procent) minder varkens dan in 2020. De omvang van de Nederlandse varkensstapel schommelt al jaren rond de 12 miljoen. De varkens staan evenwel op steeds minder bedrijven. Het aantal bedrijven met varkens is in 10 jaar tijd afgenomen van 6,5 duizend in 2011 tot 3,4 duizend in 2021.

De daling van het aantal varkens en varkensbedrijven is mede het gevolg van de stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij en de Subsidieregeling sanering varkenshouderij (SRVnoot1).

Veestapel (2011 = 100)
Jaartal Melkgeiten Schapen Varkens Overige runderen (vooral vleesvee) Melkkoeien en jongvee voor de melkveehouderij Kippen
2011 100 100 100 100 100 100
2012 109 96 98 99 100 98
2013 110 95 98 99 105 101
2014 118 88 98 98 108 106
2015 131 87 101 97 111 110
2016 138 72 100 98 115 109
2017 150 73 100 99 108 109
2018 172 80 100 104 99 108
2019 182 84 99 108 94 105
2020 190 82 96 108 95 105
2021* 192 78 92 106 95 103
* voorlopige cijfers

Minder kippen

Het aantal kippen is 2 procent lager dan een jaar eerder. De krimp wordt veroorzaakt door de daling van het aantal vleeskuikens. Dat nam met 2 miljoen dieren af naar 47 miljoen (–‍4,3 procent). Het aantal leghennen groeide met 119 duizend juist iets naar 43,3 miljoen. 

Groei melkgeitenstapel Gelderland en Noord-Brabant gestopt

De laatste twee decennia is het aantal melkgeiten bijna vervijfvoudigd. In 2021 telde Nederland ruim 482 duizend melkgeiten, 1,2 procent meer dan het jaar daarvoor. De meeste melkgeiten worden gehouden in Noord-Brabant (141 duizend) en Gelderland (117 duizend). Meer dan de helft van het aantal melkgeiten in Nederland is dus in deze twee provincies te vinden.

In verband met de mogelijke gezondheidsrisico’s voor omwonenden hebben meerdere provincies een stopnoot2 op de geitenhouderij ingesteld. Toch bleef het aantal dieren in Noord-Brabant en Gelderland tot 2020 toenemen, in 2021 was deze jarenlange stijging afgevlakt.

Aantal melkgeiten (x 1 000)
Jaartal Gelderland Noord-Brabant
2011 50,26 83,20
2012 55,95 94,10
2013 58,01 93,85
2014 67,85 97,53
2015 78,69 108,71
2016 84,63 106,71
2017 89,10 117,36
2018 104,99 128,68
2019 113,14 134,68
2020 117,38 141,37
2021* 117,23 141,38
* voorlopige cijfers

Rundveestapel nauwelijks gewijzigd

In 2021 telde Nederland 17 duizend (0,4 procent) minder runderen dan een jaar eerder. Er stonden 1,57 miljoen melkkoeien geregistreerd, 1,4 procent minder dan een jaar eerder. Het aantal vleeskalveren is met 2,3 procent afgenomen naar ruim 1 miljoen dieren. In 2018 werd voor het eerst de grens van 1 miljoen vleeskalveren bereikt.

De rundveestapel groeide vooral tussen 2014 en 2016 door het loslaten van de melkquota. Door de sterke toename van het aantal melkkoeien werd het productieplafond voor fosfaat overschreden. In 2017 is het fosfaatreductieplan voor de Nederlandse melkveehouderij in werking getreden, waardoor bedrijven melkvee van de hand moesten doen met het doel de groei van de veestapel te stoppen. De rundveestapel kromp in de jaren 2017, 2018 en 2019. In 2020 was er weer een bescheiden groei van de rundveestapel (+0,7 procent).

Rundveestapel (x mln)
Melk -en kalfkoeien (>= 2 jaar) Jongvee voor de melkveehouderij Vleeskalveren Overig rundvee
2011 1,5 1,2 0,9 0,3
2012 1,5 1,2 0,9 0,3
2013 1,6 1,2 0,9 0,3
2014 1,6 1,3 0,9 0,3
2015 1,6 1,3 0,9 0,3
2016 1,7 1,3 1,0 0,2
2017 1,7 1,2 1,0 0,2
2018 1,6 1,0 1,0 0,2
2019 1,6 0,9 1,1 0,2
2020 1,6 0,9 1,1 0,2
2021* 1,6 1,0 1,0 0,2
* voorlopige cijfers

De vragen

Noten

Stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij en Subsidieregeling sanering varkenshouderij (SRV)

Sinds 1 januari 2013 moeten intensieve veehouderijen voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting. In dit besluit zijn de maximale emissiewaarden voor ammoniak opgenomen. Het Actieplan Ammoniak Veehouderij was landelijk gedoogbeleid bij het Besluit emissiearme huisvesting. Bedrijven die op termijn wilden stoppen, konden tot 1 januari 2020 de stoppersregeling gebruiken om te voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting. Varkenshouders die deelnamen aan de stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij hoefden hun stallen niet aan te passen aan de besluithuisvesting. Wel dienden zij vanaf 1 januari 2013 met andere maatregelen een even grote emissiereductie te realiseren als wanneer zij emissiearme stalsystemen zouden hebben toegepast om aan het Besluit emissiearme huisvesting te voldoen. Met deze regeling kregen ondernemers die binnen aanzienbare tijd met het bedrijf wilden stoppen, de mogelijkheid om hun bedrijf nog enkele jaren voort te zetten. Deze ondernemers wilden liever geen grote investeringen meer in het bedrijf doen. Varkenshouders die wilden stoppen, konden zich eveneens opgeven voor de Subsidieregeling sanering varkenshouderij (SRV). Deelnemers aan de stoppersregeling konden niet meedoen aan de SRV en ontvingen dan ook geen vergoeding voor het waardeverlies of de sloop van de stallen.

Geitenhouderijstop

Op 7 juli 2017 werd door de provincie Noord-Brabant een geitenstop ingesteld in verband met de mogelijke gezondheidsrisico’s voor omwonenden. Ruim een maand later volgde de provincie Gelderland met een geitenstop. Later volgden meer provincies. Bestaande geitenboerderijen mogen niet meer uitbreiden, nieuwe geitenbedrijven mogen zich niet in de provincie vestigen en het omzetten van een bedrijf naar een geitenhouderij is niet toegestaan.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

niets (blanco) een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
0 (0,0) het cijfer is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
* voorlopige cijfers
** nader voorlopige cijfers
- (indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
2016-2017 2016 tot en met 2017
2016/2017 het gemiddelde over de jaren 2016 tot en met 2017
2016/'17 oogstjaar, boekjaar, schooljaar, enz. beginnend in 2016 en eindigend in 2017
2004/'05-2016/'17 oogstjaar enz., 2004/'05 tot en met 2016/'17

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Concept & beeldredactie

Irene van Kuik

Infographics

Janneke Hendriks

Richard Jollie

Hendrik Zuidhoek

Redactie

Ronald van der Bie

Annelie Hakkenes-Tuinman

Michel van Kooten

Sidney Vergouw

Paul de Winden

Karolien van Wijk

Gert Jan Wijma

Vertaling

Frans Dinnissen

Gaby de Vet

Eindredactie

Elma Wobma

Dank aan alle CBS-collega’s die hebben bijgedragen aan deze editie