Foto omschrijving: Verdrietig meisje

Jeugdzorg en de weg naar volwassenheid

Auteurs: Rudi Bakker, Jennifer Swart, Claire Poppelaars

Bij opgroei- en opvoedingsproblemen kunnen jongeren jeugdhulp ontvangen en bij veiligheidsproblemen, bijvoorbeeld wanneer ouders niet goed voor hun kinderen kunnen zorgen, kunnen jongeren jeugdbescherming ontvangen. Deze zorg is in principe bedoeld voor jongeren tot 18 jaar, maar dat wil niet zeggen dat jongeren daarna geen zorg meer nodig hebben. In de afgelopen twee jaar steeg het aantal jongeren dat verlengde jeugdhulp ontvangt. Dat gold met name voor de jeugdhulp die vanuit het wijk- en buurtteam van de gemeente wordt geleverd, en voor de jeugdhulp met verblijf. Jongeren die in de twee jaar voorafgaand aan hun 18e verjaardag jeugdzorg ontvingen, kregen later vaker volwassenenzorg, waren minder vaak economisch zelfstandig en kwamen vaker in aanraking met criminaliteit. Veel jeugdzorgjongeren kregen vervolgzorg, maar het duurde in veel gevallen enkele maanden voordat dit op gang kwam.

3.1Jeugdzorg in Nederland

In 2018 kregen in Nederland 428 duizend jongeren tot 23 jaar jeugdzorg. Dat is bijna 1 op de 10. De verantwoordelijkheid voor jeugdzorg is in handen van de gemeente. Wanneer de gemeente de zorg direct aan de zorgverlener vergoedt, is sprake van zorg in natura. Het is ook mogelijk dat de jeugdhulp wordt ingekocht met een persoonsgebonden budget (pgb). Dit komt minder voor dan zorg in natura. In 2018 maakten ruim 20 duizend jongeren gebruik van een pgb voor jeugdhulp.

Er bestaan verschillen tussen gemeenten als het gaat om het aandeel jongeren met jeugdzorg. In de meeste gemeenten in de regio Zaanstreek-Waterland ligt het percentage jongeren met jeugdhulp in 2018 bijvoorbeeld onder de 7 procent, maar in veel gemeenten in Midden-Limburg en in Noordoost-Groningen ligt dit percentage boven de 12 procent.

In de volgende paragrafen wordt ingegaan op de vraag hoeveel jongeren van 18 jaar en ouder jeugdzorg ontvangen en hoe het hen na hun jeugdzorg vergaat. De hulp- en zorgvraag van jongeren met jeugdhulp en -bescherming ligt dichter bij elkaar dan van jongeren met jeugdreclassering. Deze groep wordt daarom verder buiten beschouwing gelaten.

417 000 jongeren ontvingen in 2018 jeugdhulp en/of jeugdbescherming
29 000 18‑plussers kregen jeugdhulp in 2018

3.218‑plussers in de jeugdzorg

Jeugdhulp en jeugdbescherming zijn bedoeld voor jongeren tot 18 jaar. Na de 18e verjaardag valt de zorg onder andere wetten. Zo valt beschermd wonen onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Geestelijke gezondheidszorg (GGZ) onder de Zorgverzekeringswet en langdurige zorg en verblijf voor jongeren met een beperking onder de Wet langdurige zorg (Wlz). Enkele vormen van jeugdhulp komen niet onder een andere wet te vallen na de 18e verjaardag, zoals pleegzorg. Omdat jongeren in de jeugdhulp tot een kwetsbare groep behoren, kunnen deze vormen van jeugdhulp worden verlengd tot de 23e verjaardag. Vanaf 1 juli 2018 is de leeftijdsgrens voor pleegzorg verhoogd van 18 naar 21 jaar, tenzij het pleegkind aangeeft geen gebruik meer te willen maken van pleegzorg. Jeugdbescherming eindigt altijd voor de 18e verjaardag en kan worden opgevolgd door beschermd wonen (Wmo).

In 2018 ontvingen 417 duizend jongeren jeugdhulp en/of jeugdbescherming. Sinds de invoering van de Jeugdwet op 1 januari 2015 is het aantal jongeren met deze ondersteuning toegenomen met bijna 16 procent. In 2015 waren dit nog 360 duizend jongeren. Het aantal van hen dat na hun 18e verjaardag jeugdhulp ontving groeide met bijna 52 procent, van 19 duizend in 2015 naar ruim 29 duizend in 2018. Dat is 7 procent van alle jongeren met jeugdzorg. Omdat de jeugdbescherming altijd eindigt als jongeren de leeftijd van 18 jaar bereiken, gaat het hier alleen om jongeren die jeugdhulp ontvangen.

Het grootste deel van de geleverde jeugdzorg bestaat uit jeugdhulp zonder verblijf. Bijna 14 procent van de jeugdhulptrajecten bestaat uit hulp die geleverd is door het wijk- of buurtteam van de gemeente. Wijk- en buurtteams bestaan uit verschillende medewerkers op het gebied van zorg en welzijn. Zij kunnen korte, lichte ondersteuning bieden, of indien nodig zwaardere hulp regelen. Ruim 70 procent van de hulp bestaat uit overige vormen van jeugdhulp zonder verblijf, waarbij de jongere voor een gesprek, therapie of training naar een jeugdhulpaanbieder gaat of waarbij de jeugdhulpaanbieder de jongere thuis of op school bezoekt.

Ruim 8 procent van alle jeugdzorgtrajecten wordt gevormd door jeugdhulp met verblijf, waarbij de jongere niet thuis woont. Hieronder vallen onder andere pleegzorg en het verblijf in logeerhuizen en instellingen voor gesloten jeugdzorg.

De jeugdbeschermingsvormen Ondertoezichtstelling en Voogdij, 7 procent van de trajecten, worden dwingend opgelegd door een rechter. Het doel van de kinderbeschermings­maatregelen is het opheffen van de bedreiging voor de veiligheid en ontwikkeling van het kind. Een kind of jongere wordt dan ‘onder toezicht gesteld’ of ‘onder voogdij geplaatst’. Jeugdbescherming stopt wanneer de jongere de leeftijd van 18 jaar bereikt.

Jongeren van 18 jaar en ouder kregen relatief vaker hulp van het wijk- en buurtteam van de gemeente, 24 procent van de trajecten, en hebben vaker jeugdhulp met verblijf, 16 procent van de trajecten, dan de jongeren in de lagere leeftijdscategorieën. Een mogelijke verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat gemeenten en instellingen hun kwetsbare jongeren, die op hun 18e niet zelfstandig verder kunnen, in zorg houden totdat vervolgzorg en/of geschikte huisvesting beschikbaar is.

3.3Hoe vergaat het jongeren na jeugdhulp en jeugdbescherming?

De overgang naar volwassenheid kan voor kwetsbare en minder zelfredzame jongeren lastig zijn. De doelstelling van het Actieprogramma Zorg voor de Jeugd (Rijksoverheid, 2018) is dat deze jongeren tijdig voorbereid moeten worden op zelfstandigheid, ze geholpen moeten worden bij het vinden van passende en betaalbare huisvesting en ze ondersteuning moeten krijgen bij de overgang van school naar werk. Om te onderzoeken hoe de overgang naar volwassenheid is voor jongeren die jeugdzorg ontvingen en hoe het hen is vergaan ten opzichte van hun leeftijdgenoten zonder jeugdzorg, is een groep jongeren gevolgd die 18 jaar werd in 2016 en in de voorafgaande twee jaar jeugdhulp of jeugdbescherming kreeg.

3.3.1_Jeugdmonitor jongeren daarvan zijn oud-jeugdzorg- gebruikers met recent jeugdzorgverleden jongeren werden 18 jaar in 2016 3.3.1 Jeugdzorggebruik van 18-jarigen 32 000 jongeren daarvan hadden een lopend jeugdzorgtraject 20 000 jongeren daarvan ontvingen verlengde jeugdzorg 11 000 200 000

Van de Nederlandse bevolking werden in 2016 ruim 200 duizend jongeren 18 jaar. Bijna 32 duizend van deze jongeren ontvingen jeugdhulp of jeugdbescherming in de twee jaar voor hun 18e verjaardag. Voor een deel van de oud-jeugdzorggebruikers liep de jeugdzorg door tot de 18e verjaardag en was er nog sprake van een lopend zorgtraject wanneer de jongere 18 jaar werd. Dit was bij bijna 20 duizend jongeren het geval. Van deze groep jongeren met een lopend zorgtraject ontvingen nog bijna 11 duizend jongeren een vorm van jeugdhulp na hun 18e verjaardag.

15% van de jeugdzorgjongeren ontvangt binnen 1 maand volwassenenzorg Buitenvorm Binnenvorm

Een op de vier 18‑plussers krijgt binnen een half jaar ook volwassenenzorg

Jongeren kunnen na hun 18e verjaardag volwassenenzorg ontvangen vanuit de Wmo, de Wlz en de Zorgverzekeringswet. Vanuit de Zorgverzekeringswet zijn onder meer zorg op het gebied van Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ), wijkverpleging en zorg voor zintuiglijk gehandicapten geregeld. In 2016 ontving ruim 15 procent van de jongeren met een lopend zorgtraject binnen één maand na hun 18e verjaardag volwassenenzorg. Dit aandeel zorggebruikers liep op tot 20 procent binnen drie maanden en tot ruim 25 procent binnen zes maanden. Het grootste deel van de jongeren stroomde na de 18e verjaardag de volwassenen GGZ of de Wmo in, met respectievelijk bijna 12 en 11 procent.noot1 Een kleine 3 procent stroomt de Wlz in en minder dan 1 procent heeft vervolgzorg in de vorm van wijkverpleging en zorg zintuiglijk gehandicapten. De relatief hoge instroom in de Wmo en GGZ laat het beeld zien dat de vervolgzorg voor jongeren uit de jeugdzorg voornamelijk gericht is op psychische en persoonlijke begeleiding en minder op medische zorg. Bij leeftijdgenoten zonder recent jeugdzorgverleden ligt het totale zorggebruik op 1 procent binnen zes maanden na de 18e verjaardag.

Oud-jeugdzorggebruikers relatief minder vaak economisch zelfstandig

Van de oud-jeugdzorggebruikers volgde het overgrote merendeel op 18‑jarige leeftijd nog onderwijs en/of had werk. Minder dan 4 procent volgde geen onderwijs en had ook geen werk. Bij jongeren zonder jeugdzorg was dat minder dan 2 procent. Financieel gezien zijn de verschillen groter. Van de oud-jeugdzorggebruikers met een inkomen uit werk of een eigen onderneming was ruim 16 procent economisch zelfstandig, terwijl 40 procent van hun leeftijdsgenoten zonder jeugdzorg economisch zelfstandig was. Daarnaast had ruim 3 procent van de oud-jeugdzorggebruikers een betalingsachterstand van 6 maanden of meer voor hun zorgpremie. Van de jongeren zonder jeugdzorg had minder dan 1 procent een betalingsachterstand voor hun zorgpremie.

Ruim de helft jongeren met jeugdhulp met verblijf woont na 18e zelfstandig

Van de bijna 32 duizend oud-jeugdzorggebruikers die gevolgd werden, ontvingen bijna 6 duizend jongeren jeugdzorg met verblijf, zoals pleegzorg, gezinsgerichte opvang of gesloten jeugdhulp. De jongeren die jeugdhulp met verblijf hadden tussen hun 16e en 18e jaar woonden relatief vaak zelfstandig in hun 19e levensjaar, 54 procent. Bij jongeren die enkel jeugdzorg zonder verblijf hadden en jongeren die geen jeugdzorg ontvingen was dit 12 procent. Meer dan 85 procent woonde op 18‑jarige leeftijd bij hun ouders. Institutioneel wonen kwam met name voor onder jongeren die jeugdhulp met verblijf ontvingen in de jaren voor hun 18e verjaardag, ruim 8 procent woonde op 18‑jarige leeftijd institutioneel. Van de jongeren zonder jeugdhulp met verblijf en de jongeren zonder jeugdzorg woonde minder dan 1 procent institutioneel op 18‑jarige leeftijd.

Oud-jeugdzorggebruikers zijn vaker verdachte en slachtoffer van criminaliteit

Oud-jeugdzorggebruikers kwamen in 2017 relatief vaker in aanraking met criminaliteit dan hun leeftijdgenoten. Van de oud-jeugdzorggebruikers stond ruim 6 procent geregistreerd bij de politie als slachtoffer van een misdrijf en 6 procent als verdachte van een misdrijf. Onder de jongeren zonder jeugdzorg stond 4 procent geregistreerd als slachtoffer van een misdrijf en minder dan 2 procent als verdachte van een misdrijf.

3.4Begrippen

Economische zelfstandigheid

Economische zelfstandigheid is een begrip dat beleidsmatig verbonden is met het bestaansminimum: iemand wordt als economisch zelfstandig beschouwd als het individuele netto jaarinkomen uit arbeid en eigen onderneming op of boven de drempelwaarde ligt van de beleidsnorm voor het individuele inkomensminimum. Die drempelwaarde is gelijkgesteld aan 70% van het wettelijke netto minimumloon, oftewel de netto bijstand van een alleenstaande in het verslagjaar.

Geregistreerd slachtofferschap

Geregistreerd slachtofferschap betreft de slachtoffers die aangifte hebben gedaan bij de politie. Het gaat hierbij niet om het totaal aan jongeren dat slachtoffer is geweest van een misdrijf, zoals dat gemeten wordt in de Veiligheidsmonitor. De cijfers over slachtofferschap op basis van de Veiligheidsmonitor worden gepresenteerd in hoofdstuk 8 van dit Jaarrapport.

Geregistreerde verdachten

Geregistreerde verdachten betreffen personen die als verdachte van een misdrijf zijn geregistreerd bij de politie. Deze personen zijn niet per definitie veroordeeld en hoeven niet de daadwerkelijke dader te zijn. Bovendien worden daders van misdrijven niet altijd als verdachte geregistreerd.

Jeugdhulptraject

Een jeugdhulptraject bestaat uit een combinatie van hulpvorm en aanvangsdatum. Een jongere kan per verslagperiode één jeugdhulptraject doorlopen, maar ook meerdere hulptrajecten na elkaar, of meerdere hulptrajecten tegelijkertijd.

3.5Meer informatie en literatuur

Meer informatie

In de onderzoeksbeschrijving Beleidsinformatie Jeugd staat beschreven hoe de cijfers worden samengesteld.

Cijfers over jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering zijn te vinden op Jeugdmonitor StatLine.

Voor meer informatie over jeugdzorgjongeren na hun 18e verjaardag zie maatwerktabel Jeugdzorgjongeren na hun 18e verjaardag, 2016.

Literatuur

Rijksoverheid (2018). Actieprogramma Zorg voor de Jeugd.

Noten

De volwassenen GGZ biedt een vervolg op de jeugd GGZ. De Wmo ondersteuning (waaronder beschermd wonen en persoonlijke begeleiding) biedt een vervolg op jeugdbescherming en persoonlijke ondersteuning vanuit de jeugdhulp.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

. Gegevens ontbreken
* Voorlopig cijfer
** Nader voorlopig cijfer
x Geheim
Nihil
(Indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
0 (0,0) Het getal is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
Niets (blank) Een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
2018–2019 2018 tot en met 2019
2018/2019 Het gemiddelde over de jaren 2018 tot en met 2019
2018/’19 Oogstjaar, boekjaar, schooljaar enz., beginnend in 2018 en eindigend in 2019
2016/’17–2018/’19 Oogstjaar, boekjaar, enz., 2016/’17 tot en met 2018/’19

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Auteurs

1. Inleiding

Ruud van Herk (VWS)

2. Jongeren in Nederland

Dominique van Roon

3. Jeugdzorg en de weg naar volwassenheid

Rudi Bakker, Jennifer Swart en Claire Poppelaars

4. Opgroeien in de bijstand

Daniël Herbers

5. School

Brigitta Struijkenkamp en Marijke Hartgers

6. Werk

Willem Gielen

7. Leefstijlverschillen tussen jongvolwassenen

Jan-Willem Bruggink

8. Veiligheid

Lisanne Jong en Willem Gielen

9. Jongeren in Caribisch Nederland

Suzanne Loozen, Carel Harmsen en Linda Fernandez Beiro

10. Welzijn van jongeren

Moniek Coumans

11. Jongeren en internetgebruik

Judit Arends-Tóth

12. Gemeenten willen maatwerkdata voor uitvoering jeugdhulpbeleid

Jaap van Sandijk (Freelance journalist)

Redactie

Astrid Pleijers

Robert de Vries

Francis van der Mooren

Linda Fernandez Beiro

Eindredactie

Karolien van Wijk