Foto omschrijving: Donald Trump schudt Ursula von der Leyen de hand na het bereiken van een handelsovereenkomst.

Tussen samenwerking en conflict: het EU-handelsbeleid ten aanzien van de Verenigde Staten

Auteurs: Loe Franssen, Dio Limpens, Shalane Pijnenburg

De Europese Unie en de Verenigde Staten zijn als handelspartners nauw met elkaar verweven, maar hun relatie wordt regelmatig overschaduwd door handelsconflicten. In dit hoofdstuk brengen we drie belangrijke EU-maatregelen tegen de VS in kaart: (i) het langdurige luchtvaartgeschil over staatssteun aan Airbus en Boeing, (ii) de EU-vergeldingsmaatregelen op Amerikaanse staal- en aluminiumheffingen uit 2018, (iii) en de vrijwaringsmaatregelen die de EU vervolgens instelde op staal. Naast de omvang van de heffingen die daarbij hoorden, laten we ook zien welke producten door deze handelsconflicten zijn getroffen en hoe de invoer van deze goederen zich in de loop van de tijd heeft ontwikkeld. Bovendien tonen we hoe deze casussen samenkomen in het meest recente, maar voorlopig opgeschorte, maatregelenpakket van 2025.

2.1Inleiding

De handelsrelatie tussen de EU en de VS wordt gekenmerkt door intensieve handelsstromen en behoort tot een van de omvangrijkste ter wereld. Samen zijn de EU en de VS goed voor zo’n 30 procent van de mondiale handel in goederen en diensten (Europese Raad & Raad van de EU, 2025). Jaarlijks gaan er goederen en diensten ter waarde van miljarden euro’s over en weer, variërend van industriële producten tot landbouwgoederen en digitale diensten. Zo bedroeg de EU-uitvoer van goederen naar de VS in 2024 zo’n 532 miljard euro, terwijl de EU-lidstaten samen voor 333 miljard euro aan goederen uit de VS importeerden (Eurostat, 2025). Specifiek voor Nederland geldt dat de VS eveneens een belangrijke handelspartner is, aangezien de VS in 2024 het tweede belangrijkste herkomstland was voor de Nederlandse goederenimport en de vijfde bestemming voor de Nederlandse goederenexport (Creemers et al., 2025). Voor de dienstenhandel was de VS in 2024 zelfs de belangrijkste importpartner en de op één na belangrijkste exportpartner voor Nederland (Rooyakkers & Vissers, 2025).

Ondanks de sterke economische verwevenheid wordt de handelsrelatie tussen de EU en de VS regelmatig op de proef gesteld door uiteenlopende belangen. In de afgelopen decennia heeft de EU op verschillende momenten invoerheffingen ingesteld op producten afkomstig uit de VS, veelal als reactie op Amerikaanse importmaatregelen of als gevolg van langlopende handelsgeschillen. Omgekeerd heeft ook de VS meermaals vergeldings­heffingen opgelegd aan producten uit de EU. Zo waren er in de afgelopen jaren conflicten rondom landbouwsubsidies en subsidies aan vliegtuigbouwers, alsook over Amerikaanse invoerheffingen op wasmachines en zonnepanelen, en op staal en aluminium.

De geschiedenis van de handelsrelatie tussen de EU en de VS laat zien dat handelsconflicten tussen beide partijen geen nieuw fenomeen zijn. In de jaren ’90 ontstond bijvoorbeeld het hormoonvleesconflict, waarbij een EU-verbod op rundvlees – dat met groeihormonen was behandeld – leidde tot Amerikaanse sancties (Lynn, 2008), en het zogeheten bananengeschil over markttoegang voor bananen uit voormalige Europese kolonies, wat eveneens resulteerde in Amerikaanse tegenmaatregelen (Barkham, 1999). Dergelijke kwesties variëren van concrete geschillen over staatssteun, zoals in de luchtvaartsector, tot bredere beleidskwesties zoals nationale veiligheid of milieuregels. In veel gevallen escaleerden deze conflicten tot formele procedures bij de Wereldhandelorganisatie (WTO), vaak met vergeldingsmaatregelen als gevolg. Volgens de WTO behoren de EU en de VS tot de actiefste leden in het indienen van geschillen (Schneider-Petsinger, 2020), wat de structurele en langdurige aard van deze onderlinge spanningen deels onderstreept.

Deze spanningen bereikten dit jaar een nieuw hoogtepunt. Als reactie op aanhoudende spanningen rond Amerikaanse industriepolitiek en handelspraktijken kondigde de Europese Unie op 24 juli 2025 namelijk een nieuw en omvangrijk pakket handelsmaatregelen aan tegen de Verenigde Staten. Hoewel de invoering van dit pakket voorlopig is opgeschort, onderstreept het de oplopende frustratie bij de EU over de handelsverhoudingen met de VS. Deze recente ontwikkeling vormt de aanleiding voor dit hoofdstuk: waar komt die spanning vandaan, en welke eerdere conflicten hebben hieraan bijgedragen?

Om die vraag te beantwoorden, lichten we drie handelsconflicten uit waarin de EU in het verleden gerichte invoerheffingen instelde tegenover de VS: (i) het langdurige luchtvaartgeschil over staatssteun aan Airbus en Boeing, (ii) de EU-vergeldingsmaatregelen op Amerikaanse staal- en aluminiumheffingen uit 2018, (iii) en de EU-vrijwarings­maatregelen op staal. Naast de context en opzet van deze maatregelen brengen we ook in kaart hoe de invoer van de getroffen producten zich heeft ontwikkeld door de jaren heen. Samen geven deze casussen een beeld van hoe de handelsrelatie tussen de EU en de VS zich heeft ontwikkeld van samenwerking naar herhaalde confrontatie, en vormen ze de achtergrond van het meest recente, opgeschorte maatregelenpakket van 2025.

Leeswijzer

In paragraaf 2.2 geven we ten eerste een visueel overzicht van de verschillende maatregelen die de EU in de laatste tien jaar heeft ingesteld op import uit de VS. In paragraaf 2.3 bekijken we dan het meest recente – en voorlopig opgeschorte – pakket van 2025. De drie paragraven daarna zullen drie voorname casussen uit het verleden beschrijven: wat was de aanleiding, om hoeveel producten en welke heffingen ging het, en hoe ontwikkelde de handel in die producten zich in die periode? Paragraaf 2.7 vat de voornaamste bevindingen tot slot samen.

6 458 productcodes staan momenteel klaar om onder heffing gesteld te worden
28,2% gemiddelde heffing op hoogtepunt van de vergeldingsmaatregelen in 2018

2.2Handelsconflicten vanuit een chronologisch perspectief

Figuur 2.2.1 geeft een tijdlijn weer, met daarin een overzicht van de drie handelsconflicten tussen de EU en de VS die in dit hoofdstuk centraal staan. Per conflict zijn de belangrijkste gebeurtenissen weergegeven, zoals de invoering, aanpassing en beëindiging of verlenging van de maatregelen. Hiermee wordt inzichtelijk hoe de maatregelen zich tot elkaar verhouden en hoe lang deze van kracht zijn geweest. Naast de gebeurtenissen rondom deze specifieke conflicten toont de tijdlijn ook enkele bredere ontwikkelingen die mogelijk invloed hebben gehad op het verloop van deze handelsmaatregelen. Hierbij gaat het met name om het begin van de presidentschappen van Trump en Biden, om een beeld te geven van de politieke context waarin de conflicten zich afspeelden.

Het luchtvaartgeschil gaat terug tot 2004, terwijl de gebeurtenissen rondom het staal- en aluminiumconflict en de vrijwaringsmaatregelen op staal pas beginnen na de start van Trumps eerste termijn in 2017. De tijdlijn laat vervolgens zien hoe de handelsconflicten zich ontwikkelen na het aantreden van president Biden in januari 2021, waarbij veel van de eerder ingevoerde maatregelen worden opgeschort of herzien. Ten slotte wordt de periode na de start van Trumps tweede termijn in beeld gebracht. Medio 2025 bereidt de EU een nieuw pakket vergeldingsheffingen voor, bestaande uit producten die al eerder betrokken waren bij de drie afzonderlijke handelsconflicten. Dit laat zien dat historische maatregelen en geschillen een rol blijven spelen bij nieuwe politieke ontwikkelingen en de vorming van nieuwe maatregelen.

Tijdlijn met daarin de voornaamste gebeurtenissen in handelsconflicten tussen de EU en de VS in de periode 2004 tot en met medio 2025. Er worden drie casussen uitgelicht: het langdurige luchtvaartgeschil over staatssteun aan Airbus en Boeing, de EU-vergeldingsmaatregelen op Amerikaanse staal- en aluminiumheffingen uit 2018, en de vrijwaringsmaatregelen die de EU vervolgens instelde op staal. 2.2.1 T i jdl i jn v o o r n a a m s t e g eb e ur t e n i s s e n i n h a n d e l sc o n fl i c t e n EU- V S 25 juli 2025 EU t r eft onderling ak k oo r d o v er v e r geldingsheffingen en v e r v olgens een ak k oo r d met V S o v er opscho r ting . 11 juli 2025 V erhoging algemene i n v oerheffing v oor de EU naar 30% . 2 april 2025 S ta r t algemene i n v oerheffing v an 10% door V S . 5 maa r t 2021 EU en V S scho r ten heffingen ee r st 4 maanden en dan 5 jaar op . 31 oktober 2021 V S zet staal en aluminium heffingen om in quota & EU scho r t v e r geldings- maat r egelen op . 17 mei 2021 EU scho r t v e r geldings- heffingen gedee l telijk op . 13 oktober 2020 W T O staat EU-heffingen op V S toe (4 mld do l lar) . L u c h t v a art g e s chil V e rg e l d i n g s p ak k e t 2025 S t a al & a l u m i n i u m c o n fl i c t S t a al vr i j w ar i n g s m a a t r e g e l e n - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 20 ja n u ari 2025 S t art Tr u m ps t w ee d e t erm i jn - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 20 ja n u ari 2021 S t art p r e s id e n t s c h a p B id e n - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 2 f ebruari 2019 Definitie v e quota op 26 p r oductcategorieën we r eldwijd . 2 oktober 2019 W T O staat V S -heffingen aan EU toe (7,5 mld do l lar) . 18 juli 2018 EU v oorlopige quota in 23 staalp r oducten . 20 juni 2018 V e r geldingsmaat r egelen tegen Ameri k aanse p r oducten ter w aa r de v an 3,2 milja r d do l la r . 1 juni 2018 Ameri k aanse i n v oe r - heffingen op staal (25%) & aluminium (10%) . 26 maa r t 2018 EU onderzoekt ge v olgen heffingen v oor de eigen staalindustrie . - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 20 ja n u ari 2017 S t art Tr u m ps ee r s t e t erm i jn - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 7 f ebruari 2006 S ta r t W T O onderzoek steun aan Boeing . 20 juli 2005 S ta r t W T O onderzoek steun aan Airbus . 27 juni 2005 W T O klacht v an EU o v er V S steun aan Boeing . 6 oktober 2004 W T O klacht v an V S o v er EU steun aan Airbus . L egenda V S EU W T O

Data over Europees handelsbeleid

Informatie over EU-invoerheffingen komt uit de zogenaamde Integrated Tariff of the European Union (TARIC) database van de Europese Commissie. Deze database hebben we eerder gebruikt in de Internationaliserings­monitor van 2024 (Franssen et al. 2024). We identificeren de producten en bijhorende heffingen aan de hand van de Europese wetgeving die eraan ten grondslag ligt. Dit stelt ons in staat om deze heffingen op een zeer gedetailleerd niveau in kaart te brengen.

In de TARIC-database worden handelsmaatregelen vastgelegd op het niveau van een tiencijferige code. Deze bestaat uit een achtcijferige CN-code, die het product zelf beschrijft, aangevuld met twee extra cijfers – de TARIC-extensie – die een beleids- of productspecificatie toevoegen.

Die TARIC-extensie kan op twee manieren worden gebruikt. Soms maakt ze een echte productspecificatie binnen een CN-code, bijvoorbeeld bij staal, waar de extra cijfers onderscheid maken tussen gelegeerd en niet-gelegeerd staal of tussen verschillende vormen en diktes. In andere gevallen verwijst de TARIC-extensie echter uitsluitend naar een beleidsmaatregel, zoals een anti-dumpingrecht of safeguard-maatregel die alleen geldt voor invoer uit een bepaald land. De onderliggende CN8‑code blijft dan hetzelfde product beschrijven. Sommige TARIC-extensies zijn bovendien tijdelijk en verdwijnen weer zodra de bijbehorende maatregel vervalt, waardoor codes niet altijd consistent zijn over de tijd.

Daarom is het tellen van het aantal maatregelen goed mogelijk op het 10‑cijferige TARIC-niveau, terwijl analyses van het aantal getroffen producten of de waarde van getroffen handel beter op het CN8‑niveau worden uitgevoerd, om dubbeltellingen te voorkomen en consistentie door de tijd te waarborgen. Die aanpak proberen we in dit hoofdstuk zoveel mogelijk te volgen.

2.3Het aangekondigde EU-vergeldingspakket in 2025

Nieuwe Amerikaanse invoerheffingen onder de tweede termijn van president Trump

Na zijn herverkiezing in november 2024 kondigde president Trump op verschillende momenten nieuwe handelsmaatregelen aan. Zo kondigde de VS op 10 februari 2025 een herinvoering en uitbreiding van de aanvullende invoerheffingen op staal en aluminium uit 2018 en 2020 aan. Hiermee traden de bestaande heffingen van respectievelijk 25 en 10 procent opnieuw in werking, terwijl de bestaande importheffing op aluminium van 10 procent werd verhoogd naar 25 procent. Tegelijkertijd werden nieuwe invoerheffingen van 25 procent ingesteld op aanvullende staal- en aluminiumproducten. Op 26 maart 2025 werden ook personenvoertuigen en bepaalde auto-onderdelen getroffen met een aanvullende heffing van 25 procent (Bown, 2025). Kort daarop, op 4 april 2025, werden bier en lege aluminiumblikjes eveneens onderworpen aan een aanvullende importheffing van 25 procent (Lawder, 2025). Parallel hieraan werd op 2 april 2025 een algemene aanvullende invoerheffing van 10 procent aangekondigd, die vanaf 5 april 2025 zou gelden voor alle import uit alle landen, inclusief de EU. Aanvankelijk was voorzien dat deze heffing voor de EU op 9 april 2025 zou worden verhoogd naar 20 procent, maar deze verhoging werd meerdere keren opgeschort. Uiteindelijk kondigde de VS op 11 juli 2025 aan dat de heffing per 1 augustus 2025 niet naar 20 maar naar 30 procent zou stijgen, en dit voor onbeperkte duur van toepassing zou zijn (Europese Commissie, 2025a).

EU bereidt vergeldingspakket voor

Als reactie op de nieuwe Amerikaanse maatregelen kondigde de EU aan een vergeldings­pakket gereed te hebben dat zou worden ingevoerd als er geen akkoord met de VS zou worden bereikt. Dit pakket bestaat uit een combinatie van heringevoerde heffingen op producten die eerder al door EU-maatregelen waren getroffen en nieuwe heffingen op een aanvullende set goederen. In totaal omvat het pakket bijna 6,5 duizend (8‑digit) producten, met een totale waarde van 93 miljard euro (CBS, 2025). Het pakket was aanvankelijk gepland om op 7 augustus 2025 in werking te treden.

Op 27 juli 2025 bereikten de EU en de VS echter alsnog een akkoord over de nieuwe Amerikaanse handelsmaatregelen. Hiermee werd de invoering van de algemene invoerheffing van 30 procent op goederen uit de EU onmiddellijk afgewend. Het akkoord bevatte onder meer een heffingsplafond van 15 procent op de meeste EU-goederen. Daarnaast zouden de Amerikaanse heffingen op onder anderen EU-vliegtuigen en onderdelen, en bepaalde chemicaliën en geneesmiddelen worden verlaagd om enkele belangrijke Europese industrieën te ontlasten (Europese Commissie, 2025b). Naar aanleiding van dit akkoord besloot de EU het vergeldingspakket voorlopig voor zes maanden op te schorten (Payne, 2025). Deze opschorting kan echter ieder moment worden teruggedraaid indien de VS het akkoord verbreekt of aanvullende invoerheffingen doorvoert.

Combinatie van oude en nieuwe maatregelen

Figuur 2.3.1 laat zien welke productgroepen uit het vergeldingspakket in 2024 de hoogste EU-invoerwaarde uit de VS hadden en dus het meest getroffen zouden worden door aanvullende invoerheffingen. Vooral lucht- en ruimtevaartproducten worden zwaar geraakt, met een EU-invoerwaarde van 11,5 miljard euro uit de VS. Ook medische apparaten en meet-, controle- en analyse-instrumenten behoren tot de zwaarst getroffen groepen, met respectievelijk 6,3 en 4,8 miljard euro. Daarnaast worden landbouwgoederen, zoals oliehoudende zaden, fruit en noten, evenals consumentengoederen zoals personen­voertuigen en parfums, aanzienlijk geraakt.

2.3.1 Belangrijkste productgroepen naar importwaarde onder vergeldingspakket, 2024 (mld euro)
categorie Waarde
Lucht- en
ruimtevaartuigen
en onderdelen
11,53
Medische
instrumenten en
apparaten
6,30
Meet-, controle-
en analyse-
instrumenten
4,79
Oliehoudende
zaden voor fijne
oliën
2,75
Elektrische
machines en
apparaten
2,45
Fruit en noten 2,39
Personenvoertuigen 2,05
Parfums en
cosmetica
(m.u.v. zeep)
1,93
Bron: CBS, Comext (2025)

Het vergeldingspakket komt gedeeltelijk voort uit maatregelen die eerder zijn ingesteld tijdens de drie handelsconflicten die in dit hoofdstuk centraal staan. Om een vergelijking te maken tussen de producten uit het vergeldingspakket en de getarifeerde producten uit de drie handelsconflicten dienen we producten op een hoger aggregatie niveau (8‑digits) te bekijken dan de productcodes die normaliter bij TARIC bekend zijn (10‑digits). Dit komt omdat in de gepubliceerde verordening de codes van het vergeldingspakket bijna geheel op GN8‑classificatie (8‑digits) zijn opgesteld. Van de 6 458 producten in het vergeldingspakket van 2025, stammen er 129 uit de maatregelen rondom het luchtvaartgeschil, 167 uit de vergeldingsmaatregelen van 2018 en 51 uit de vrijwaringsmaatregelen op staal, zie figuur 2.3.2. Verder komt nog een vijftal codes voor in zowel de vergeldingsmaatregelen van 2018 als in de vrijwaringsmaatregelen op staal van 2019. Van de productcodes welke niet terug zijn gevonden bij eerdere verordeningen van de drie conflicten hebben 5 908 codes een heffing hoger dan 0 procent. Hiermee is dit opgeschorte pakket vele malen groter in omvang en zwaarder dan de drie casussen waar al verordeningen voor waren. De productcodes met een 0 procent heffing staan dusdanig in de verordening, omdat de VS bij het opmaken van de verordening geen vrijwaringsmaatregelen had getroffen voor deze codes. Het schenkt de commissie wel het mandaat om in het geval van wijzigingen aan de Amerikaanse zijde, dit snel aan te passen, net als alle andere productcodes in de verordening.

In de volgende paragrafen worden deze drie handelsconflicten afzonderlijk belicht. Daarbij beschrijven we welke producten destijds werden getarifeerd en welke opnieuw in het vergeldingspakket van 2025 zijn opgenomen. Ook presenteren we de gemiddelde importheffingen en importwaardes van deze producten over de jaren en gaan we in op de aanleiding en het verloop van de maatregelen.

2.3.2 Opbouw EU-vergeldingspakket 2025
Opbouw Luchtvaartgeschil (2020) Vergeldingsmaatregelen (2018) Vrijwaringsmaatregelen (2019) Pakket van 2018 & 2019 Rest (0% heffing) Rest (>0% heffing)
Aantal producten (cn8) 129 167 51 5 198 5908
Bron: CBS, TARIC (2025)

2.4Het luchtvaartgeschil: wederzijdse beschuldigingen van staatssteun

Een van de langstlopende handelsconflicten tussen de EU en de VS betreft de vermeende staatssteun aan vliegtuigfabrikanten Boeing en Airbus. Al vanaf de jaren ’90 waren er spanningen over de manier waarop beide partijen hun luchtvaartindustrie ondersteunden. Airbus, het Europese luchtvaartconsortium dat in 1970 werd opgericht door Frankrijk, Duitsland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk, begon eind jaren ’80 marktaandeel te winnen met toestellen zoals de A320. Hierdoor groeide bij de VS de bezorgdheid over mogelijk oneerlijke concurrentie door subsidies van de (toenmalige) EU-lidstaten Frankrijk, Duitsland, Spanje en het VK (Wittig, 2010). Nederland was hierbij geen directe partij, aangezien alleen de vier betrokken landen subsidies verstrekten. Daaropvolgende procedures bij de voorloper van de WTO, de GATT, resulteerden in 1992 in een overeenkomst over de toelaatbare omvang van overheidssteun. Deze bilaterale overeenkomst stond toe dat Airbus leningen mocht ontvangen tot maximaal 33 procent van de totale ontwikkelingskosten, terwijl Boeing recht had op directe subsidies tot maximaal 3 procent van de omzet van de Amerikaanse civiele luchtvaartindustrie (Airbus, z.d.).

In 2004 trok de VS zich echter eenzijdig terug uit deze overeenkomt en diende een klacht in bij de WTO over Europese steun aan Airbus. Anders dan bij latere handelsgeschillen ging aan de Amerikaanse terugtrekking en klacht tegen Airbus geen officieel onderzoek vooraf, maar werd er direct besloten een WTO-zaak aan te spannen (USTR, 2004). Dit gebeurde op het moment dat Airbus de A380- en A350‑projecten lanceerde en Boeing op het punt stond zijn leidende positie op de markt voor vliegtuigen met meer dan honderd stoelen te verliezen. De Amerikaanse terugtrekking kwam daardoor niet geheel onverwacht. Als reactie daarop diende de EU een tegenklacht in over Amerikaanse steun aan Boeing, waarmee het luchtvaartgeschil tussen de EU en de VS officieel begon (Wittig, 2010).

108,2 miljoen euro aan producten op luchtvaartheffingen lijst ingevoerd uit de VS door Nederland

In de jaren die volgden ontstond een langdurige juridische strijd waarin beide partijen elkaar beschuldigden van het verstrekken van verboden subsidies. Zo ontving Airbus in deze periode staatssteun voor de ontwikkeling van de Airbus A350, terwijl Boeing aanzienlijke belastingvoordelen van de Amerikaanse overheid verkreeg voor de in 2013 aangekondigde Boeing 777X. Beide partijen boekten wisselend succes in hun procedures bij de WTO. Zo oor­deel­de de WTO in 2010 dat bepaalde subsidies aan Airbus verboden waren en daarom moesten worden beëindigd, maar een jaar later werd dit oordeel deels teruggedraaid. In 2016 werden de belastingvoordelen voor de Boeing 777X als verboden aangemerkt, maar ook dat besluit werd een jaar later weer ingetrokken (Shalal & Hepher, 2021).

Luchtvaartgeschil leidt tot invoerheffingen op uiteenlopende producten

Zoals ook weergegeven in figuur 2.2.1, kreeg de VS in oktober 2019 toestemming van de WTO om voor 7,5 miljard US dollar aan invoerheffingen op producten uit de EU in te stellen, als reactie op ongeoorloofde staatssteun aan Airbus. De WTO bepaalde dit bedrag op basis van de omvang en aard van de vastgestelde negatieve handelsgevolgen van de illegale steun in de periode 2011–2013 (WTO, 2019). De heffingen betroffen onder meer Airbus vliegtuigen, maar ook andere Europese goederen zoals kaas, wijn, olijven en whisky (Wittig, 2021). Deze Amerikaanse heffingen golden echter niet uniform voor alle EU-lidstaten, maar troffen specifieke producten uit specifieke EU-landen (USTR, 2020). Toen de WTO een jaar later oordeelde dat ook de VS onterechte subsidies aan Boeing had verstrekt, kreeg de EU het recht om voor 4 miljard US dollar aan tegenmaatregelen in te stellen. In november 2020 voerde de EU invoerheffingen in op een breed scala aan Amerikaanse producten, waaronder Boeing vliegtuigen, maar ook rum, noten, tractoren en videogames (Stearns, 2020).

Gemiddelde EU-heffing op door luchtvaartgeschil getroffen producten bereikt 31 procent

De impact van het luchtvaargeschil op de EU-importheffingen is duidelijk zichtbaar in figuur 2.4.1. Hier zien we de gemiddelde EU-importheffing voor de producten waarop de invoerheffingen van toepassing waren. Tussen 1994 en 2020 was de gemiddelde heffing op deze producten relatief stabiel tussen de 5 en 8 procent. In november 2020, na het WTO-besluit dat de EU het recht gaf om tegenmaatregelen te nemen tegen de VS, stijgt de gemiddelde importheffing echter abrupt naar 31 procent. Deze verhoging blijkt van korte duur. In maart 2021, kort na de aantreding van voormalig president Biden, kwamen de EU en de VS overeen om de heffingen tijdelijk op te schorten voor een periode van vier maanden (Europese Commissie, 2021a). In datzelfde jaar werden ook de Amerikaanse heffingen op staal en aluminium opgeschort (USTR, 2021). Biden stemde hiermee in om de handels­spanningen tussen beide partijen te verminderen, wat volgens het Witte Huis zijn inzet benadrukte om het partnerschap tussen de VS en de EU te herstellen (Palmer, 2021). In juli 2021 werd die opschorting vervolgens met vijf jaar verlengd (Europese Commissie, 2021b). Als gevolg daarvan daalde de gemiddelde heffing in maart 2021 weer naar 6 procent, waarna het op dit relatief lage niveau blijft. De verlenging van de opschorting werd internationaal gezien als een signaal van wederzijdse bereidheid tot samenwerking, onder meer met het oog op de toenemende concurrentie van China in de wereldwijde vliegtuigindustrie (Blenkinsop, 2021).

2.4.1 Gemiddelde EU-importheffing onder maatregelen in luchtvaartgeschil (%)
Jaar Heffing (gerealiseerd) Heffing (inactief)
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 2,5 .
1994 8,2 .
1994 8,2 .
1994 8,2 .
1994 8,2 .
1995 7,4 .
1995 7,4 .
1995 7,4 .
1995 7,4 .
1995 7,4 .
1995 7,4 .
1995 7,2 .
1995 7,1 .
1995 7,1 .
1995 7,1 .
1995 7,1 .
1995 7,1 .
1996 6,6 .
1996 6,6 .
1996 6,6 .
1996 6,6 .
1996 6,6 .
1996 6,6 .
1996 6,3 .
1996 6,3 .
1996 6,3 .
1996 6,3 .
1996 6,3 .
1996 6,3 .
1997 6,2 .
1997 6,2 .
1997 6,2 .
1997 6,2 .
1997 6,2 .
1997 6,2 .
1997 6,0 .
1997 6,0 .
1997 6,0 .
1997 6,0 .
1997 6,0 .
1997 6,0 .
1998 5,5 .
1998 5,5 .
1998 5,5 .
1998 5,5 .
1998 5,5 .
1998 5,5 .
1998 5,3 .
1998 5,3 .
1998 5,3 .
1998 5,3 .
1998 5,3 .
1998 5,3 .
1999 5,2 .
1999 5,2 .
1999 5,2 .
1999 5,2 .
1999 5,2 .
1999 5,2 .
1999 5,0 .
1999 5,0 .
1999 5,0 .
1999 5,0 .
1999 5,0 .
1999 5,0 .
2000 4,8 .
2000 4,8 .
2000 4,8 .
2000 4,8 .
2000 4,8 .
2000 4,8 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2001 5,2 .
2001 5,2 .
2001 5,2 .
2001 5,2 .
2001 5,2 .
2001 5,2 .
2001 5,3 .
2001 5,3 .
2001 5,3 .
2001 5,3 .
2001 5,3 .
2001 5,3 .
2002 5,7 .
2002 5,7 .
2002 5,7 .
2002 5,7 .
2002 5,7 .
2002 6,7 .
2002 5,5 .
2002 5,5 .
2002 5,5 .
2002 5,5 .
2002 5,5 .
2002 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2003 5,5 .
2004 5,7 .
2004 5,7 .
2004 6,6 .
2004 6,8 .
2004 7,0 .
2004 7,1 .
2004 7,3 .
2004 7,5 .
2004 7,7 .
2004 7,9 .
2004 8,1 .
2004 8,2 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2005 6,1 .
2006 6,1 .
2006 6,1 .
2006 6,1 .
2006 6,1 .
2006 6,1 .
2006 6,1 .
2006 5,7 .
2006 5,7 .
2006 5,7 .
2006 5,7 .
2006 5,7 .
2006 5,7 .
2007 5,7 .
2007 5,7 .
2007 5,7 .
2007 5,7 .
2007 5,7 .
2007 5,7 .
2007 5,6 .
2007 5,6 .
2007 5,6 .
2007 5,6 .
2007 6,6 .
2007 6,6 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2008 7,5 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2009 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2010 7,9 .
2011 7,8 .
2011 7,8 .
2011 7,8 .
2011 7,7 .
2011 7,7 .
2011 7,7 .
2011 7,7 .
2011 7,6 .
2011 7,6 .
2011 7,6 .
2011 7,6 .
2011 7,6 .
2012 7,2 .
2012 7,2 .
2012 7,2 .
2012 7,2 .
2012 7,1 .
2012 7,2 .
2012 7,1 .
2012 7,1 .
2012 7,1 .
2012 7,1 .
2012 7,1 .
2012 7,1 .
2013 7,1 .
2013 7,1 .
2013 7,4 .
2013 7,4 .
2013 7,4 .
2013 7,4 .
2013 7,2 .
2013 7,2 .
2013 7,2 .
2013 7,2 .
2013 7,2 .
2013 7,2 .
2014 7,2 .
2014 7,2 .
2014 7,2 .
2014 7,2 .
2014 7,2 .
2014 7,2 .
2014 7,1 .
2014 6,9 .
2014 7,0 .
2014 7,0 .
2014 7,0 .
2014 7,0 .
2015 6,9 .
2015 6,9 .
2015 6,9 .
2015 6,9 .
2015 6,9 .
2015 6,9 .
2015 6,8 .
2015 6,8 .
2015 6,8 .
2015 6,8 .
2015 6,8 .
2015 6,8 .
2016 6,8 .
2016 6,8 .
2016 6,8 .
2016 6,8 .
2016 6,8 .
2016 6,8 .
2016 6,3 .
2016 6,3 .
2016 6,3 .
2016 6,3 .
2016 6,3 .
2016 6,3 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2017 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2018 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2019 6,2 .
2020 6,1 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 6,2 .
2020 30,9 .
2020 30,9 .
2021 30,8 .
2021 30,8 .
2021 6,0 .
2021 6,0 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2021 6,1 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2022 6,2 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2023 6,8 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,2 .
2024 6,4 .
2024 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2025 6,4 .
2026 6,4 6,4
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2026 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2027 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
2028 . 34,7
Bron: CBS, TARIC (2025)

Voor de door het luchtvaartgeschil getroffen producten laat figuur 2.4.1 niet alleen de gerealiseerde gemiddelde EU-importheffing zien, maar ook een weergave van de gemiddelde heffing als het 2025‑pakket in werking zou treden. Op 8‑digit productniveau blijkt dat in totaal 128 producten die eerder onder de maatregelen rondom het luchtvaartgeschil vielen, terugkeren in het nieuwe pakket. Slechts tien producten keren niet terug. Opvallend is dat de gemiddelde heffing onder het 2025‑pakket duidelijk hoger ligt dan in de periode 2020–2021, toen de maatregelen van het luchtvaartgeschil van kracht waren. Dit komt doordat de meeste producten toen werden getroffen door een aanvullende heffing van 25 procent, terwijl het nieuwe pakket een aanvullende heffing van 30 procent toepast.

EU-maatregelen tegen 260 Amerikaanse producten na WTO-uitspraak over staatssteun

De EU-tegenmaatregelen troffen in totaal 260 afzonderlijke Amerikaanse producten op 10‑digit productniveau, wat neerkomt op zo’n 130 verschillende productcategorieën op 8‑digit niveau (Europese Commissie, 2021c). Figuur 2.4.2 geeft voor de productgroepen met het hoogste aantal getroffen producten weer hoeveel afzonderlijke goederen onderhevig waren aan de aanvullende invoerheffingen, en wat de gemiddelde heffing was binnen elke groep. Vooral onbewerkte tabak en tabaksafval werden relatief vaak geraakt, met 31 afzonderlijke producten waarop aanvullende heffingen werden toegepast. Ook bereide of geconserveerde vruchten en noten, evenals chocolade en andere cacaoproducten, werden breed geraakt, met respectievelijk 25 en 24 afzonderlijke producten. De heffingen die sinds de invoering van de tegenmaatregelen op deze producten van toepassing waren, varieerden tussen de 15 en 45 procent, afhankelijk van het type product. Gemiddeld genomen waren de heffingen het hoogst voor bereide of geconserveerde vruchten en noten en vruchten- en groentesappen, met gemiddelde invoerheffingen van 42 procent in beide gevallen.

2.4.2 EU-heffingen per productgroep in luchtvaartgeschil
Product Aantal producten Gemiddelde heffing (%)
Onbewerkte tabak en
tabaksafval
31 35
Bereide of geconserveerde
vruchten en noten
25 42
Chocolade en andere
cacaoproducten
24 33
Tassen, koffers en etuis 20 28
Vruchten- en groentesappen 18 42
Motorfietsen, fietsen
en onderdelen
16 27
Alcoholische dranken 13 25
Vaste plantaardige vetten
en oliën
11 25
Kaas en wrongel 8 25
Tractoren 7 29
Bron: CBS, TARIC (2025)

Heffingen in luchtvaartgeschil lijken niet direct gevolgen te hebben voor de handel

In figuur 2.4.3 zien we de ontwikkeling van de importwaarde van de producten met heffingen onder het luchtvaartgeschil. We zien gedurende de periode van de extra heffingen, november 2020 tot maart 2021, een lagere importwaarde in deze producten dan ervoor en erna. Waar in november 2019 de invoer nog 40,1 miljoen euro bedroeg, is deze aan de start van de periode met verhoogde heffingen 32,0 miljoen euro en daalde het verder tot 21,2 miljoen euro in januari 2021. Hiermee lag de invoer op het dieptepunt van deze periode een derde lager dan toen het pakket in werking trad. Echter komen dit soort dalingen ook elders in de tijdreeks voor, wat waarschijnlijk voor een groot deel ook door seizoenseffecten kan worden verklaard. Of de EU-vergeldingsheffingen ten aanzien van de VS dus hun werking hebben gehad op de invoer van de producten met heffingen, is op basis van deze analyse niet geheel eenduidig te stellen.

2.4.3 Totale importwaarde van Europese heffingenlijst in luchtvaartgeschil 1) (mln euro)
Periode Totale importwaarde
1996 2,54
1996 1,17
1996 2,79
1996 1,57
1996 2,78
1996 1,44
1996 1,83
1996 1,47
1996 0,93
1996 1,57
1996 1,33
1996 1,89
1997 1,81
1997 1,78
1997 1,47
1997 1,04
1997 1,23
1997 1,20
1997 0,96
1997 1,87
1997 1,65
1997 2,16
1997 1,74
1997 0,80
1998 0,71
1998 1,55
1998 2,31
1998 1,62
1998 1,29
1998 2,48
1998 1,20
1998 1,46
1998 2,13
1998 2,52
1998 2,22
1998 2,06
1999 2,91
1999 1,95
1999 2,23
1999 1,25
1999 2,31
1999 2,63
1999 2,34
1999 3,18
1999 1,83
1999 3,13
1999 3,20
1999 2,88
2000 5,71
2000 5,76
2000 6,62
2000 5,33
2000 5,07
2000 2,72
2000 3,50
2000 3,04
2000 3,54
2000 3,46
2000 6,58
2000 8,35
2001 9,59
2001 6,51
2001 7,21
2001 7,91
2001 5,42
2001 5,55
2001 5,12
2001 4,90
2001 5,27
2001 9,28
2001 7,77
2001 6,49
2002 8,63
2002 6,40
2002 6,99
2002 13,05
2002 8,89
2002 9,07
2002 7,31
2002 5,60
2002 9,09
2002 7,61
2002 9,21
2002 7,53
2003 8,07
2003 6,74
2003 9,17
2003 9,76
2003 8,15
2003 4,91
2003 5,82
2003 4,28
2003 7,76
2003 11,04
2003 9,40
2003 7,91
2004 7,20
2004 7,35
2004 7,57
2004 7,90
2004 5,91
2004 7,50
2004 4,73
2004 5,05
2004 5,08
2004 5,17
2004 9,94
2004 5,97
2005 9,00
2005 9,00
2005 12,63
2005 6,63
2005 6,15
2005 7,67
2005 4,55
2005 7,04
2005 5,51
2005 8,12
2005 9,77
2005 18,04
2006 14,11
2006 13,05
2006 10,18
2006 12,26
2006 18,24
2006 7,22
2006 3,96
2006 4,03
2006 5,20
2006 5,89
2006 8,14
2006 7,23
2007 9,25
2007 6,25
2007 14,91
2007 10,11
2007 7,03
2007 3,93
2007 5,12
2007 6,84
2007 8,62
2007 8,96
2007 13,16
2007 12,84
2008 11,85
2008 15,03
2008 12,17
2008 9,75
2008 7,91
2008 6,94
2008 11,37
2008 7,34
2008 6,94
2008 10,86
2008 8,57
2008 9,26
2009 17,61
2009 15,01
2009 20,09
2009 21,51
2009 3,46
2009 10,23
2009 3,68
2009 8,75
2009 9,06
2009 15,83
2009 9,36
2009 17,28
2010 27,01
2010 13,13
2010 12,51
2010 27,72
2010 7,85
2010 8,10
2010 17,98
2010 9,23
2010 10,67
2010 20,33
2010 17,62
2010 20,26
2011 26,66
2011 23,86
2011 23,83
2011 26,85
2011 13,74
2011 9,00
2011 27,35
2011 9,06
2011 8,42
2011 20,94
2011 11,53
2011 11,69
2012 26,55
2012 19,76
2012 43,42
2012 34,68
2012 14,02
2012 10,42
2012 20,33
2012 17,02
2012 17,21
2012 27,69
2012 19,56
2012 20,54
2013 27,78
2013 18,68
2013 27,47
2013 28,52
2013 25,22
2013 17,19
2013 32,35
2013 27,59
2013 20,64
2013 25,08
2013 20,54
2013 16,97
2014 34,64
2014 26,62
2014 27,29
2014 30,01
2014 23,93
2014 25,96
2014 20,13
2014 23,18
2014 18,53
2014 18,15
2014 21,77
2014 19,29
2015 21,60
2015 24,18
2015 33,25
2015 28,13
2015 23,46
2015 29,99
2015 20,81
2015 21,00
2015 19,60
2015 19,52
2015 38,87
2015 24,15
2016 25,05
2016 27,13
2016 34,04
2016 23,50
2016 27,08
2016 22,14
2016 24,45
2016 30,06
2016 27,10
2016 26,53
2016 32,16
2016 37,77
2017 36,71
2017 36,05
2017 45,47
2017 27,56
2017 39,64
2017 33,29
2017 20,94
2017 24,46
2017 24,32
2017 30,45
2017 34,24
2017 25,45
2018 25,95
2018 27,01
2018 29,05
2018 36,47
2018 41,28
2018 42,15
2018 37,91
2018 29,66
2018 30,42
2018 34,77
2018 33,42
2018 31,33
2019 35,55
2019 36,19
2019 40,68
2019 47,36
2019 47,21
2019 33,94
2019 39,31
2019 38,71
2019 32,74
2019 36,58
2019 40,10
2019 35,15
2020 34,03
2020 39,00
2020 47,45
2020 41,34
2020 34,60
2020 37,96
2020 25,67
2020 24,78
2020 29,24
2020 28,89
2020 32,00
2020 29,02
2021 21,22
2021 25,96
2021 35,60
2021 33,91
2021 37,71
2021 39,23
2021 33,32
2021 25,75
2021 22,51
2021 18,97
2021 33,05
2021 36,62
2022 34,14
2022 26,98
2022 46,47
2022 43,11
2022 33,09
2022 38,83
2022 22,76
2022 28,55
2022 29,08
2022 31,62
2022 35,70
2022 28,37
2023 27,55
2023 28,85
2023 39,34
2023 41,27
2023 36,03
2023 31,60
2img023 26,15
2023 35,22
2023 32,80
2023 21,97
2023 30,63
2023 24,99
2024 33,69
2024 56,00
2024 43,62
2024 25,90
2024 37,52
2024 32,56
2024 32,74
2024 28,85
2024 22,94
2024 21,55
2024 21,40
2024 28,72
1)Als de top 2 invoerstromen 80 procent van de totaalwaarde vertegenwoordigd is deze eruit gefilterd.

2.5EU-tegenmaatregelen op de Amerikaanse staal- en aluminiumheffingen

Amerikaanse invoerheffingen onder het mom van nationale veiligheid

In maart 2018 kondigde president Trump aan dat de VS invoerheffingen zou instellen van 25 procent op staal en 10 procent op aluminium. Deze heffingen werden ingesteld met een beroep op de nationale veiligheid, op basis van een onderzoek van het Amerikaanse ministerie van Handel onder sectie 232 van de Trade Expansion Act van 1962. In dit onderzoek werd geconcludeerd dat de omvang en omstandigheden van staalimporten de nationale veiligheid van de VS bedreigden (Federal Register, 2018a; Federal Register 2018b). Deze maatregelen waren volgens de Amerikaanse regering noodzakelijk om de binnenlandse staal- en aluminiumindustrie te beschermen tegen vermeende oneerlijke concurrentie uit het buitenland (Bown, 2018). Hoewel de heffingen aanvankelijk wereldwijd zouden gelden, besloot de VS op het laatste moment om de heffingen tijdelijk op te schorten voor onder meer de EU.

Deze opschorting werd in eerste instantie nog verlengd, maar in juni 2018 stelde de VS alsnog invoerheffingen in op staal en aluminium uit de EU. Andere landen zoals Argentinië, Australië, Brazilië en Zuid-Korea kregen permanente uitzonderingen (Harte, 2018). De EU beschouwde de Amerikaanse maatregelen als onrechtvaardig en diende daarom een klacht in bij de WTO. Daarnaast kondigde de EU vergeldingsmaatregelen aan op specifieke Amerikaanse producten, waaronder whiskey, motorfietsen en spijkerbroeken, met een gezamenlijke importwaarde van circa 2,8 miljard euro (Europese Commissie, 2018a). Met de keuze voor deze specifieke producten richtte de EU zich vooral op de thuisstaten van enkele belangrijke leden van de Republikeinse Partij, in de hoop dat zij president Trump zouden beïnvloeden om banen in hun eigen staten te beschermen door de staal- en aluminiumheffingen te schrappen (Chan & Smale, 2018). In totaal betroffen deze maatregelen 182 producten op 8‑digit niveau. Uit cijfers van het CBS bleek dat Nederland in 2017 voor zo’n 207 miljoen euro aan deze getroffen producten importeerde. Verder bleek dat de kosten van deze Europese heffingen volledig terecht kwamen bij de Nederlandse importeurs (Franssen et al., 2020).

Daarnaast had de EU binnen dit pakket vergeldingsmaatregelen een aanvullende lijst van producten voorbereid waarop eveneens aanvullende invoerheffingen zouden kunnen worden ingesteld, mocht president Trump besluiten de Amerikaanse heffingen uit te breiden (Europese Commissie, 2018b). Deze aanvullende maatregelen werden destijds echter nooit geactiveerd. Vrijwel al deze producten, met uitzondering van vier, zijn opgenomen in het aangekondigde vergeldingspakket van 2025, waardoor zij alsnog onder toekomstige vergeldingsmaatregelen kunnen vallen.

Langdurige heffingspiek na instelling EU-vergeldingsmaatregelen

In figuur 2.5.1 is het effect van de EU-vergeldingsmaatregelen goed zichtbaar. Tot 2018 bleef de gemiddelde heffing onder de 10 procent, maar door de vergeldingsmaatregelen kwam daarin een scherpe piek vanaf juni 2018. In tegenstelling tot het luchtvaartgeschil, waar de gemiddelde importheffing slechts kortstondig piekte, bleef de gemiddelde importheffing in dit geval gedurende een langere periode op een hoger niveau. De gemiddelde importheffing voor de getroffen goederen bedroeg in deze periode circa 28 procent. De piek hield aan tot eind 2021, toen een akkoord tussen de EU en de VS leidde tot het afschaffen van de staal- en aluminiumheffingen en het opschorten van de vergeldingsmaatregelen (Europese Commissie, 2021d). De Amerikaanse importmaatregelen verdwenen echter niet volledig; de invoerheffingen werden vervangen door quota, waarbij pas een heffing wordt opgelegd zodra een vastgestelde importhoeveelheid wordt overschreden. Deze hoeveelheden werden gebaseerd op de gemiddelde jaarlijkse importvolumes uit de periode 2015–2017 (Bown & Kolb, 2025; U.S. Department of Commerce, 2021).

2.5.1 Gemiddelde EU-importheffing onder vergeldingsmaatregelen van 2018 (%)
Periode Heffing (gerealiseerd) Heffing (inactief)
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 1,8 .
1994 7,7 .
1994 7,7 .
1994 7,7 .
1994 7,7 .
1995 8,6 .
1995 8,6 .
1995 8,6 .
1995 8,6 .
1995 8,6 .
1995 8,6 .
1995 8,9 .
1995 8,9 .
1995 8,9 .
1995 8,9 .
1995 8,9 .
1995 8,9 .
1996 8,1 .
1996 8,1 .
1996 8,0 .
1996 8,0 .
1996 8,0 .
1996 8,0 .
1996 7,7 .
1996 7,7 .
1996 7,7 .
1996 7,7 .
1996 7,5 .
1996 7,5 .
1997 7,3 .
1997 7,3 .
1997 7,3 .
1997 7,2 .
1997 7,2 .
1997 7,2 .
1997 6,9 .
1997 6,9 .
1997 6,9 .
1997 6,9 .
1997 6,9 .
1997 6,8 .
1998 6,5 .
1998 6,5 .
1998 6,5 .
1998 6,5 .
1998 6,5 .
1998 6,5 .
1998 6,1 .
1998 6,1 .
1998 6,1 .
1998 6,1 .
1998 6,1 .
1998 6,1 .
1999 5,8 .
1999 5,8 .
1999 5,8 .
1999 5,8 .
1999 5,8 .
1999 5,8 .
1999 5,5 .
1999 5,5 .
1999 5,5 .
1999 5,5 .
1999 5,5 .
1999 5,5 .
2000 5,3 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 5,2 .
2000 4,9 .
2000 4,9 .
2000 4,9 .
2000 4,9 .
2000 4,9 .
2000 4,9 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2001 4,7 .
2002 4,9 .
2002 4,9 .
2002 5,1 .
2002 5,1 .
2002 5,1 .
2002 6,6 .
2002 4,2 .
2002 4,2 .
2002 4,2 .
2002 4,2 .
2002 4,2 .
2002 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,2 .
2003 4,4 .
2003 4,4 .
2003 4,4 .
2003 4,4 .
2004 4,0 .
2004 4,0 .
2004 4,1 .
2004 4,1 .
2004 4,1 .
2004 4,2 .
2004 4,2 .
2004 4,2 .
2004 4,2 .
2004 4,3 .
2004 4,3 .
2004 4,3 .
2005 3,8 .
2005 3,8 .
2005 3,8 .
2005 3,8 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2005 3,9 .
2006 3,5 .
2006 3,1 .
2006 3,1 .
2006 3,1 .
2006 3,1 .
2006 3,0 .
2006 2,7 .
2006 2,7 .
2006 2,7 .
2006 2,7 .
2006 2,7 .
2006 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2007 2,8 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2008 3,4 .
2009 3,3 .
2009 3,3 .
2009 3,3 .
2009 3,3 .
2009 3,3 .
2009 3,2 .
2009 3,2 .
2009 3,2 .
2009 3,2 .
2009 3,2 .
2009 3,2 .
2009 3,2 .
2010 3,2 .
2010 3,2 .
2010 3,2 .
2010 3,2 .
2010 3,3 .
2010 3,3 .
2010 3,3 .
2010 3,3 .
2010 3,3 .
2010 3,2 .
2010 3,2 .
2010 3,2 .
2011 3,2 .
2011 3,0 .
2011 3,0 .
2011 3,0 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2011 2,8 .
2012 4,2 .
2012 4,2 .
2012 4,2 .
2012 4,2 .
2012 4,2 .
2012 4,2 .
2012 4,3 .
2012 4,3 .
2012 4,3 .
2012 4,3 .
2012 4,2 .
2012 4,2 .
2013 4,2 .
2013 4,2 .
2013 4,9 .
2013 4,9 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2013 5,1 .
2014 5,1 .
2014 5,1 .
2014 5,1 .
2014 5,1 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2014 4,8 .
2015 4,8 .
2015 4,8 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,9 .
2015 4,6 .
2016 4,7 .
2016 4,7 .
2016 4,7 .
2016 4,7 .
2016 4,7 .
2016 4,7 .
2016 4,2 .
2016 4,2 .
2016 4,2 .
2016 4,2 .
2016 4,2 .
2016 4,2 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,6 .
2017 3,6 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2017 3,5 .
2018 3,4 .
2018 3,4 .
2018 3,4 .
2018 3,4 .
2018 3,3 .
2018 28,2 .
2018 28,2 .
2018 28,2 .
2018 28,2 .
2018 28,2 .
2018 28,2 .
2018 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2019 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,2 .
2020 28,1 .
2020 28,1 .
2020 28,1 .
2020 28,1 .
2020 28,1 .
2021 28,1 .
2021 27,9 .
2021 27,9 .
2021 27,9 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2021 28,0 .
2022 8,1 .
2022 8,1 .
2022 8,1 .
2022 8,1 .
2022 8,1 .
2022 8,1 .
2022 7,9 .
2022 7,9 .
2022 7,9 .
2022 7,9 .
2022 7,9 .
2022 7,9 .
2023 8,0 .
2023 8,0 .
2023 8,0 .
2023 8,0 .
2023 8,0 .
2023 8,0 .
2023 8,0 .
2023 7,6 .
2023 7,6 .
2023 7,6 .
2023 7,6 .
2023 7,6 .
2024 7,6 .
2024 7,6 .
2024 7,6 .
2024 7,6 .
2024 7,6 .
2024 7,6 .
2024 7,6 .
2024 6,8 .
2024 6,8 .
2024 6,8 .
2024 6,8 .
2024 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2025 6,8 .
2026 6,8 6,8
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2026 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2027 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
2028 . 28,9
Bron: CBS, TARIC (2025)

Figuur 2.5.1 toont naast de gerealiseerde gemiddelde heffing voor de producten die onder de EU-vergeldingsmaatregelen van 2018 vielen, ook een weergave van de gemiddelde heffing als het vergeldingspakket van 2025 zou worden geactiveerd. Alle producten die tussen 2018 en 2021 onder de vergeldingsmaatregelen vielen, zijn ook in het 2025‑pakket opgenomen en keren daarmee volledig terug. Bovendien ligt de gemiddelde EU-importheffing voor deze producten onder het 2025‑pakket hoger dan in de periode 2018–2021 het geval was. Dit komt doordat vier producten onder het nieuwe pakket een hoger aanvullend tarief van 30 procent zouden krijgen, terwijl de aanvullende heffing tussen 2018 en 2021 nog 25 procent bedroeg. Het betreft hierbij vier verschillende soorten whiskey, die daardoor zwaarder worden getroffen onder het 2025‑pakket.

Pakket vergeldingsmaatregelen bevat voornamelijk ijzer- en staalproducten

Er kwamen in totaal bijna 400 vergeldingsmaatregelen (cn10) op zo’n 170 (cn8-)producten, met name van ijzer en staal. Figuur 2.5.2 toont voor de meeste getroffen productgroepen het aantal producten waarop de vergeldingsmaatregelen van toepassing waren en de bijhorende gemiddelde importheffing. In totaal vielen 124 afzonderlijke artikelen van ijzer of staal onder de maatregelen, elk met een heffing van 25 procent. Ook ruw ijzer en staal werden geraakt, met 51 producten waarop eveneens een heffing van 25 procent werd toegepast. Voor aluminium en artikelen daarvan gold deze heffing voor 39 afzonderlijke producten. Naast industriële goederen nam de EU ook diverse landbouwproducten op in het vergeldingspakket. Voor granen golden invoerheffingen van 25 procent op in totaal 75 afzonderlijke goederen. Bereidingen van groenten, fruit of noten werden getroffen met invoerheffingen van gemiddeld 38 procent, verspreid over 50 producten. Ook eetbare groenten, wortels en knollen vielen onder de maatregelen, met een gemiddelde heffing van 28 procent op 6 producten. De hoogste invoerheffingen golden echter voor tabak en tabaksvervangers, met een gemiddelde importheffing van 70 procent op 10 verschillende producten.

2.5.2 EU-heffingen per productgroep onder vergeldingsmaatregelen van 2018
Product Aantal producten Gemiddelde heffing (%)
Artikelen van ijzer of staal 124 25
Granen 76 25
Ruw ijzer en staal 51 25
Bereidingen van groenten,
fruit of noten
50 38
Aluminium en artikelen
daarvan
39 25
Tabak en tabaksvervangers 10 70
Schepen, boten en drijvende
constructies
8 26
Kleding en accessoires
(niet gebreid/gehaakt)
7 25
Eetbare groenten, wortels
en knollen
6 28
Kleding en accessoires
(gebreid/gehaakt)
4 25
Bron: CBS, TARIC (2025)

In periode van extra heffingen lagere invoerwaarde uit de VS

In de aanloop naar de vergeldingsheffingen in 2018, nam de invoerwaarde van deze producten uit de VS toe sinds 2013, zie figuur 2.5.3. Waar de maandelijkse invoer van deze producten uit de VS sinds 2004 ongeveer 10 miljoen euro bedroeg, werd na een periode van groei – tot zelfs meer dan 50 miljoen euro – de invoer terug gedrukt tot rond de 10 miljoen euro ten tijde van de EU-vergeldingsheffingen, in de periode 2018–2021. Uit een eerdere Internationaliserings­monitor van het CBS bleek al dat de daling van de invoerwaarde van deze Amerikaanse producten met heffingen samenhangt met een daling in de import­hoeveelheden (Franssen et al., 2020). Voor de inwerkingtreding van de heffingen is mede door de EU-aankondiging echter ook een anticipatie-effect terug te zien in de drie maanden voor 20 juni 2018. Na op­schor­ting van deze vergeldingsheffingen herstelde de invoer van deze Amerikaanse producten.

2.5.3 Totale importwaarde van de producten onder staalvergeldingsmaatrgelen 1) (mln euro)
Periode Totale importwaarde
1996 12,08
1996 7,65
1996 15,44
1996 13,94
1996 16,49
1996 16,27
1996 12,12
1996 8,07
1996 12,57
1996 14,67
1996 11,54
1996 10,77
1997 12,25
1997 13,13
1997 17,27
1997 22,56
1997 16,70
1997 19,80
1997 18,42
1997 9,52
1997 12,23
1997 16,72
1997 5,36
1997 10,48
1998 10,29
1998 13,48
1998 5,11
1998 23,56
1998 22,03
1998 17,00
1998 18,54
1998 9,08
1998 20,38
1998 14,39
1998 13,59
1998 11,49
1999 11,91
1999 15,05
1999 27,64
1999 18,67
1999 21,03
1999 20,30
1999 14,62
1999 12,65
1999 3,71
1999 13,60
1999 14,82
1999 14,14
2000 22,09
2000 20,23
2000 8,65
2000 21,31
2000 32,62
2000 26,19
2000 16,80
2000 25,36
2000 3,95
2000 18,40
2000 23,54
2000 14,85
2001 14,99
2001 17,54
2001 5,70
2001 23,78
2001 6,55
2001 5,20
2001 17,70
2001 20,96
2001 4,45
2001 16,65
2001 17,27
2001 3,55
2002 6,46
2002 6,69
2002 8,38
2002 15,07
2002 8,03
2002 7,74
2002 7,21
2002 6,79
2002 5,48
2002 6,95
2002 5,14
2002 6,90
2003 7,80
2003 7,09
2003 6,79
2003 8,23
2003 9,68
2003 7,76
2003 9,10
2003 6,36
2003 6,01
2003 7,14
2003 5,95
2003 7,06
2004 8,76
2004 6,59
2004 10,54
2004 10,11
2004 15,88
2004 18,34
2004 15,17
2004 15,26
2004 16,55
2004 11,24
2004 12,66
2004 11,66
2005 11,19
2005 12,39
2005 13,23
2005 10,73
2005 10,55
2005 10,47
2005 9,53
2005 10,48
2005 6,93
2005 5,80
2005 8,71
2005 10,16
2006 10,45
2006 7,78
2006 7,64
2006 9,00
2006 11,36
2006 9,23
2006 7,96
2006 7,43
2006 6,85
2006 7,82
2006 7,77
2006 7,31
2007 10,81
2007 6,58
2007 10,05
2007 13,03
2007 11,13
2007 11,12
2007 9,47
2007 8,66
2007 7,58
2007 8,02
2007 8,42
2007 6,88
2008 7,60
2008 9,56
2008 9,13
2008 11,44
2008 12,53
2008 11,99
2008 11,33
2008 8,86
2008 8,60
2008 9,61
2008 7,81
2008 10,60
2009 8,54
2009 9,16
2009 9,87
2009 10,74
2009 9,66
2009 8,08
2009 8,74
2009 8,61
2009 7,12
2009 5,35
2009 6,35
2009 7,78
2010 15,50
2010 7,54
2010 10,38
2010 10,86
2010 13,74
2010 10,27
2010 17,84
2010 14,56
2010 6,34
2010 5,98
2010 7,12
2010 7,60
2011 8,10
2011 13,12
2011 8,93
2011 11,62
2011 17,43
2011 23,19
2011 21,21
2011 8,83
2011 9,60
2011 9,90
2011 6,86
2011 7,51
2012 10,03
2012 7,78
2012 13,01
2012 12,91
2012 11,40
2012 12,46
2012 13,01
2012 10,24
2012 9,76
2012 10,56
2012 11,11
2012 7,97
2013 11,23
2013 10,39
2013 11,84
2013 13,79
2013 12,91
2013 13,42
2013 11,43
2013 10,77
2013 12,15
2013 12,70
2013 11,01
2013 10,52
2014 16,44
2014 9,77
2014 14,44
2014 19,18
2014 15,54
2014 14,08
2014 40,39
2014 11,70
2014 21,75
2014 15,97
2014 10,78
2014 12,64
2015 13,28
2015 11,70
2015 16,12
2015 22,62
2015 14,35
2015 17,24
2015 23,34
2015 20,16
2015 22,82
2015 20,03
2015 13,11
2015 14,99
2016 23,96
2016 20,04
2016 18,64
2016 18,58
2016 21,69
2016 17,04
2016 20,75
2016 17,09
2016 26,82
2016 21,08
2016 37,02
2016 20,32
2017 36,91
2017 25,62
2017 28,05
2017 17,73
2017 38,41
2017 38,88
2017 50,07
2017 17,30
2017 14,57
2017 15,03
2017 14,53
2017 15,70
2018 22,31
2018 15,69
2018 32,86
2018 44,23
2018 31,62
2018 31,31
2018 12,30
2018 14,69
2018 8,74
2018 12,89
2018 9,80
2018 7,77
2019 11,59
2019 8,81
2019 8,79
2019 12,76
2019 9,28
2019 14,00
2019 13,66
2019 12,07
2019 10,22
2019 15,90
2019 10,14
2019 13,26
2020 10,89
2020 8,96
2020 14,47
2020 10,77
2020 8,63
2020 11,30
2020 12,14
2020 11,26
2020 11,46
2020 15,11
2020 12,59
2020 10,99
2021 11,21
2021 14,68
2021 18,75
2021 16,10
2021 21,60
2021 17,11
2021 32,41
2021 16,16
2021 14,43
2021 15,54
2021 11,42
2021 11,42
2022 31,89
2022 17,55
2022 19,09
2022 44,87
2022 27,01
2022 25,28
2022 39,13
2022 25,03
2022 18,26
2022 22,10
2022 25,11
2022 26,03
2023 34,88
2023 39,23
2023 62,33
2023 45,60
2023 28,56
2023 36,65
2023 21,59
2023 28,86
2023 23,46
2023 20,68
2023 21,30
2023 18,23
2024 16,02
2024 20,39
2024 21,08
2024 21,89
2024 20,84
2024 19,07
2024 18,22
2024 18,19
2024 18,39
2024 31,51
2024 22,11
2024 21,34
1)Als de top 2 invoerstromen 80 procent van de totaalwaarde vertegenwoordigd is deze eruit gefilterd.

2.6EU-vrijwaringsmaatregelen op wereldwijde staalimport

Structurele overcapaciteit in de staalindustrie

De staalindustrie kampt wereldwijd al geruime tijd met aanhoudende overcapaciteit, waarbij de staalproductie ver boven de wereldwijde vraag uitsteekt. In 2024 bedroeg de wereldwijde overcapaciteit zo’n 600 miljoen ton, wat vier tot vijf keer de jaarlijkse staalproductie van de EU is (Braw, 2025). Vooral de Chinese staalexport is hierbij van belang: sinds 2020 is deze meer dan verdubbeld en in 2024 werd met 118 miljoen ton een recordniveau bereikt (OESO, 2025). Deze ontwikkelingen zetten staalproducenten in de EU aanzienlijk onder druk, een situatie die verder werd verergerd door de Amerikaanse invoerheffingen op staal en aluminium uit alle landen, opgelegd ter bescherming van de binnenlandse markt.

Kort na de invoering van de Amerikaanse invoerheffingen op staal en aluminium in maart en juni 2018 startte de Europese Commissie een onderzoek naar de gevolgen van deze maatregelen voor de Europese staalmarkt. De EU vreesde dat staalproducten die door de Amerikaanse importmaatregelen niet langer op de Amerikaanse markt terechtkonden, in toenemende mate richting Europa zouden worden omgeleid. De EU besloot om beschermingsmaatregelen in te voeren, omdat een plotselinge stijging van de staalimport ernstige schade aan de Europese staalindustrie zou kunnen toebrengen (Europese Commissie, 2018c). Anders dan bij de invoerheffingen in het luchtvaartgeschil en de vergeldingsheffingen richtten deze maatregelen zich niet uitsluitend op de VS, maar golden ze voor staalimport uit alle landen wereldwijd, met uitzondering van ontwikkelingslanden met een klein marktaandeel (Eurofer, 2019).

25% heffing op staalproducten van buiten de EU bij quotumoverschrijding

Beschermingsmaatregelen via importquota op 26 categorieën staalproducten

De eerste voorlopige maatregelen traden in juli 2018 in werking en betroffen importquota op 23 categorieën staalproducten. De hoogte van deze quota werd gebaseerd op het gemiddelde importvolume in de periode 2015–2017. Zolang de invoer onder dit niveau bleef, hoefde er geen heffing te worden betaald. Bij overschrijding van dit quotum gold echter een invoerheffing van 25 procent. Vanaf februari 2019 stelde de EU definitieve quota in voor 26 categorieën staalproducten, waarbij het niveau van de quota met 5 procent werd verhoogd ten opzichte van de voorlopige maatregelen (Europese Commissie, 2019). Dat betekent dat de heffing van 25 procent pas van toepassing was bij invoer boven 105 procent van het gemiddelde importvolume in 2015–2017. Deze 26 categorieën zijn onderverdeeld in de productfamilies platte producten, lange producten en buizen, en sluiten in grote lijnen aan bij de productcategorieën waarop de Amerikaanse staal- en aluminiumheffingen zich richtten. De maatregelen waren oorspronkelijk ingesteld voor een periode van drie jaar, tot en met juni 2021. Vanwege de aanhoudende noodzaak om de Europese staalindustrie te beschermen, onder meer door blijvende invoerdruk op de Europese staalmarkt, ging de Europese Commissie echter tweemaal over tot verlenging van de maatregelen: eerst tot en met juni 2024, en vervolgens met nog eens twee jaar tot en met juni 2026 (Europese Commissie, 2014; Europese Commissie, 2021e). Volgens de WTO-regels mogen de maatregelen na die datum niet opnieuw worden verlengd. Om de Europese staalindustrie te blijven beschermen, stelde de Europese Commissie in oktober 2025 een plan voor om de minimale importhoeveelheid waarvoor een heffing verschuldigd is te verlagen. Daarnaast zal de invoerheffing worden verhoogd, waarbij het in combinatie met de nieuwe quota stijgt van 25 naar 50 procent (Jongsma & Schiffers, 2025).

Importquota op Amerikaans staal houdt sinds 2018 aan

Figuur 2.6.1 toont de ontwikkeling van de gemiddelde heffing bij quotumoverschrijding op de 26 categorieën staalproducten uit de VS waarvoor uiteindelijk importquota zijn ingesteld. Tot en met juni 2018 golden er nog geen importquota voor deze goederen. Dit veranderde in juli 2018 toen voorlopige vrijwaringsmaatregelen werden ingevoerd voor 23 van de 26 categorieën, waardoor de gemiddelde heffing bij quotumoverschrijding steeg naar 13 procent. Toen de EU in februari 2019 de definitieve importquota invoerde, werden ook de drie overgebleven categorieën aan de maatregelen toegevoegd. Dit leidde eerst tot een verdere stijging van het gemiddelde quotum naar 14 procent, vervolgens tot 24 procent vanaf oktober 2025, en uiteindelijk tot 25 procent vanaf januari 2022. Omdat de importquota in zowel 2021 als 2024 zijn verlengd, blijven deze maatregelen tot op heden van kracht en houdt het verhoogde heffingsniveau nog altijd stand.

Daarnaast laat figuur 2.6.1 ook zien wat het gemiddelde importquotum zou zijn indien het vergeldingspakket van 2025 in werking zou treden. In dat geval zouden de bestaande importquota op alle 26 categorieën staalproducten worden vervangen door vaste importheffingen. Deze zouden dan altijd van toepassing zijn, en niet enkel wanneer een bepaald importvolume wordt overschreden. De gemiddelde importheffing zou hierdoor iets hoger uitvallen dan het huidige gemiddelde importquotum. Dit komt doordat voor twee staalproducten het quotum van 25 procent wordt vervangen door een verhoogde heffing van 30 procent, terwijl voor de overige producten het bestaande importquotum van 25 procent wordt omgezet naar een gelijkwaardige importheffing.

2.6.1 Gemiddelde EU-importquotum/heffingen op 26 categorieën staalproducten uit de VS (%)
Periode Heffing (gerealiseerd) Heffing (inactief) Quotum (gerealiseerd) Quotum (inactief)
2007, januari 0,0 . . .
2007, februari 0,0 . . .
2007, maart 0,0 . . .
2007, april 0,0 . . .
2007, mei 0,0 . . .
2007, juni 0,0 . . .
2007, juli 0,0 . . .
2007, augustus 0,0 . . .
2007, september 0,0 . . .
2007, oktober 0,0 . . .
2007, januari 0,0 . . .
2007, februari 0,0 . . .
2008, januari 0,0 . . .
2008, februari 0,0 . . .
2008, maart 0,0 . . .
2008, april 0,0 . . .
2008, mei 0,0 . . .
2008, juni 0,0 . . .
2008, juli 0,0 . . .
2008, augustus 0,0 . . .
2008, september 0,0 . . .
2008, oktober 0,0 . . .
2008, januari 0,0 . . .
2008, februari 0,0 . . .
2009, januari 0,0 . . .
2009, februari 0,0 . . .
2009, maart 0,0 . . .
2009, april 0,0 . . .
2009, mei 0,0 . . .
2009, juni 0,0 . . .
2009, juli 0,0 . . .
2009, augustus 0,0 . . .
2009, september 0,0 . . .
2009, oktober 0,0 . . .
2009, januari 0,0 . . .
2009, februari 0,0 . . .
2010, januari 0,0 . . .
2010, februari 0,0 . . .
2010, maart 0,0 . . .
2010, april 0,0 . . .
2010, mei 0,0 . . .
2010, juni 0,0 . . .
2010, juli 0,0 . . .
2010, augustus 0,0 . . .
2010, september 0,0 . . .
2010, oktober 0,0 . . .
2010, januari 0,0 . . .
2010, februari 0,0 . . .
2011, januari 0,0 . . .
2011, februari 0,0 . . .
2011, maart 0,0 . . .
2011, april 0,0 . . .
2011, mei 0,0 . . .
2011, juni 0,0 . . .
2011, juli 0,0 . . .
2011, augustus 0,0 . . .
2011, september 0,0 . . .
2011, oktober 0,0 . . .
2011, januari 0,0 . . .
2011, februari 0,0 . . .
2012, januari 0,0 . . .
2012, februari 0,0 . . .
2012, maart 0,0 . . .
2012, april 0,0 . . .
2012, mei 0,0 . . .
2012, juni 0,0 . . .
2012, juli 0,0 . . .
2012, augustus 0,0 . . .
2012, september 0,0 . . .
2012, oktober 0,0 . . .
2012, januari 0,0 . . .
2012, februari 0,0 . . .
2013, januari 0,0 . . .
2013, februari 0,0 . . .
2013, maart 0,0 . . .
2013, april 0,0 . . .
2013, mei 0,0 . . .
2013, juni 0,0 . . .
2013, juli 0,0 . . .
2013, augustus 0,0 . . .
2013, september 0,0 . . .
2013, oktober 0,0 . . .
2013, januari 0,0 . . .
2013, februari 0,0 . . .
2014, januari 0,0 . . .
2014, februari 0,0 . . .
2014, maart 0,0 . . .
2014, april 0,0 . . .
2014, mei 0,0 . . .
2014, juni 0,0 . . .
2014, juli 0,0 . . .
2014, augustus 0,0 . . .
2014, september 0,0 . . .
2014, oktober 0,0 . . .
2014, januari 0,0 . . .
2014, februari 0,0 . . .
2015, januari 0,0 . . .
2015, februari 0,0 . . .
2015, maart 0,0 . . .
2015, april 0,0 . . .
2015, mei 0,0 . . .
2015, juni 0,0 . . .
2015, juli 0,0 . . .
2015, augustus 0,0 . . .
2015, september 0,0 . . .
2015, oktober 0,0 . . .
2015, januari 0,0 . . .
2015, februari 0,0 . . .
2016, januari 0,0 . . .
2016, februari 0,0 . . .
2016, maart 0,0 . . .
2016, april 0,0 . . .
2016, mei 0,0 . . .
2016, juni 0,0 . . .
2016, juli 0,0 . . .
2016, augustus 0,0 . . .
2016, september 0,0 . . .
2016, oktober 0,0 . . .
2016, januari 0,0 . . .
2016, februari 0,0 . . .
2017, januari 0,0 . . .
2017, februari 0,0 . . .
2017, maart 0,0 . . .
2017, april 0,0 . . .
2017, mei 0,0 . . .
2017, juni 0,0 . . .
2017, juli 0,0 . . .
2017, augustus 0,0 . . .
2017, september 0,0 . . .
2017, oktober 0,0 . . .
2017, januari 0,0 . . .
2017, februari 0,0 . . .
2018, januari 0,0 . . .
2018, februari 0,0 . . .
2018, maart 0,0 . . .
2018, april 0,0 . . .
2018, mei 0,0 . . .
2018, juni 1,4 . 0,0 .
2018, juli 1,4 . 11,7 .
2018, augustus 1,4 . 11,7 .
2018, september 1,4 . 11,7 .
2018, oktober 1,4 . 11,7 .
2018, januari 1,4 . 11,7 .
2018, februari 1,4 . 11,7 .
2019, januari 1,4 . 11,7 .
2019, februari 1,4 . 13,3 .
2019, maart 1,4 . 13,3 .
2019, april 1,4 . 13,3 .
2019, mei 1,4 . 13,3 .
2019, juni 1,4 . 13,3 .
2019, juli 1,4 . 13,3 .
2019, augustus 1,4 . 13,3 .
2019, september 1,4 . 13,3 .
2019, oktober 1,4 . 23,6 .
2019, januari 1,2 . 23,8 .
2019, februari 1,2 . 23,8 .
2020, januari 1,2 . 23,8 .
2020, februari 1,2 . 23,8 .
2020, maart 1,2 . 23,8 .
2020, april 1,2 . 23,8 .
2020, mei 1,2 . 23,8 .
2020, juni 1,2 . 23,8 .
2020, juli 1,2 . 23,8 .
2020, augustus 1,2 . 23,8 .
2020, september 1,2 . 23,8 .
2020, oktober 1,2 . 23,8 .
2020, januari 1,2 . 23,8 .
2020, februari 1,2 . 23,8 .
2021, januari 1,2 . 23,8 .
2021, februari 1,2 . 23,8 .
2021, maart 1,2 . 23,8 .
2021, april 1,2 . 23,8 .
2021, mei 1,2 . 23,8 .
2021, juni 1,2 . 23,8 .
2021, juli 1,2 . 23,8 .
2021, augustus 1,2 . 23,8 .
2021, september 1,2 . 23,8 .
2021, oktober 1,2 . 23,8 .
2021, januari 1,2 . 23,8 .
2021, februari 1,2 . 23,8 .
2022, januari 0,0 . 25,0 .
2022, februari 0,0 . 25,0 .
2022, maart 0,0 . 25,0 .
2022, april 0,0 . 25,0 .
2022, mei 0,0 . 25,0 .
2022, juni 0,0 . 25,0 .
2022, juli 0,0 . 25,0 .
2022, augustus 0,0 . 25,0 .
2022, september 0,0 . 25,0 .
2022, oktober 0,0 . 25,0 .
2022, januari 0,0 . 25,0 .
2022, februari 0,0 . 25,0 .
2023, januari 0,0 . 25,0 .
2023, februari 0,0 . 25,0 .
2023, maart 0,0 . 25,0 .
2023, april 0,0 . 25,0 .
2023, mei 0,0 . 25,0 .
2023, juni 0,0 . 25,0 .
2023, juli 0,0 . 25,0 .
2023, augustus 0,0 . 25,0 .
2023, september 0,0 . 25,0 .
2023, oktober 0,0 . 25,0 .
2023, januari 0,0 . 25,0 .
2023, februari 0,0 . 25,0 .
2024, januari 0,0 . 25,0 .
2024, februari 0,0 . 25,0 .
2024, maart 0,0 . 25,0 .
2024, april 0,0 . 25,0 .
2024, mei 0,0 . 25,0 .
2024, juni 0,0 . 25,0 .
2024, juli 0,0 . 25,0 .
2024, augustus 0,0 . 25,0 .
2024, september 0,0 . 25,0 .
2024, oktober 0,0 . 25,0 .
2024, januari 0,0 . 25,0 .
2024, februari 0,0 . 25,0 .
2025, januari 0,0 . 25,0 .
2025, februari 0,0 . 25,0 .
2025, maart 0,0 . 25,0 .
2025, april 0,0 . 25,0 .
2025, mei 0,0 . 25,0 .
2025, juni 0,0 . 25,0 .
2025, juli 0,0 . 25,0 .
2025, augustus 0,0 . 25,0 .
2025, september 0,0 . 25,0 .
2025, oktober 0,0 . 25,0 .
2025, januari 0,0 . 25,0 .
2025, februari 0,0 0,0 25,0 .
2026, januari . 0,0 . 25,0
2026, februari . 25,3 . 0,0
2026, maart . 25,3 . 0,0
2026, april . 25,3 . 0,0
2026, mei . 25,3 . 0,0
2026, juni . 25,3 . 0,0
2026, juli . 25,3 . 0,0
2026, augustus . 25,3 . 0,0
2026, september . 25,3 . 0,0
2026, oktober . 25,3 . 0,0
2026, januari . 25,3 . 0,0
2026, februari . 25,3 . 0,0
2027, januari . 25,3 . 0,0
2027, februari . 25,3 . 0,0
2027, maart . 25,3 . 0,0
2027, april . 25,3 . 0,0
2027, mei . 25,3 . 0,0
2027, juni . 25,3 . 0,0
2027, juli . 25,3 . 0,0
2027, augustus . 25,3 . 0,0
2027, september . 25,3 . 0,0
2027, oktober . 25,3 . 0,0
2027, januari . 25,3 . 0,0
2027, februari . 25,3 . 0,0
2028, januari . 25,3 . 0,0
2028, februari . 25,3 . 0,0
2028, maart . 25,3 . 0,0
2028, april . 25,3 . 0,0
2028, mei . 25,3 . 0,0
2028, juni . 25,3 . 0,0
2028, juli . 25,3 . 0,0
2028, augustus . 25,3 . 0,0
2028, september . 25,3 . 0,0
2028, oktober . 25,3 . 0,0
2028, januari . 25,3 . 0,0
2028, februari . 25,3 . 0,0

Ruw staal eerst geraakt, daarna volgen bewerkte staalproducten

De vrijwaringsmaatregelen troffen uiteindelijk 111 staalproducten op 10‑digit niveau, verdeeld over 26 categorieën. Op 8‑digit niveau gaat het om zo’n 50 staalproducten. Deze producten zijn globaal in te delen in ruw ijzer en staal, met 57 producten, en artikelen van ijzer of staal, met 54 producten. Bij de voorlopige maatregelen die in juli 2018 werden ingevoerd, lag de nadruk vooral op ruw ijzer en staal. Van de toen getroffen producten vielen er 48 in deze productcategorie, terwijl slechts 9 producten tot de bewerkte staalartikelen behoorden. Dat veranderde met de invoering van de definitieve maatregelen in februari 2019, toen ook de laatste drie categorieën staalproducten onder de vrijwarings­maatregelen vielen. Daarmee kwamen er nog eens 54 producten bij, waarvan het merendeel bestond uit bewerkte staalproducten. In totaal werden toen 45 bewerkte staalproducten toegevoegd, waarvan het grootste deel naadloze stalen buizen betrof, met 40 afzonderlijke producten.

Staalinvoer uit de VS ondanks verhoogde heffingen nog op niveau

Figuur 2.6.2 toont de Nederlandse importwaarde van Amerikaanse staalproducten rondom de periode van de EU maatregelen op deze producten. Na een lange periode zonder heffingen tot 2018, welke gepaard ging met een structurele groei van de importwaarde, is de invoer van deze producten na intreding van de staal en aluminium vrijwarings­maatregelen afgeremd. Buiten enkele pieken tot en met 2020, is de invoer van deze producten verder gematigd. Vanaf 2021 daalde de invoer tot onder de 250 duizend euro. In vergelijking met de andere twee conflicten is de omvang van de Nederlandse invoer van deze Amerikaanse producten beduidend lager. Daarbij moet men in acht nemen dat deze maatregelen vooral als focus hebben om de Europese staal en aluminium markt te beschermen tegen dumping door goedkopere producenten van buiten de Europese markt. Deze verordening heeft dus een globale focus en is niet specifiek tegen de VS gericht.

2.6.2 Totale importwaarde van producten uit de VS onder de staal vrijwaringsmaatregelen 1) (1 000 euro)
Periode Totale importwaarde
2007²⁾ 74,22
2007²⁾ 1,35
2007²⁾ 108,24
2007²⁾ 39,92
2007²⁾ 54,14
2007²⁾ 371,32
2007²⁾ 164,69
2007²⁾ 80,55
2007²⁾ 63,93
2007²⁾ 20,51
2007²⁾ 354,24
2007²⁾ 31,89
2008 6,60
2008 5,46
2008 27,60
2008 36,05
2008 49,14
2008 2,08
2008 6,84
2008 20,42
2008 12,86
2008 53,63
2008 14,90
2008 98,13
2009 416,48
2009 169,24
2009 56,62
2009 73,31
2009 35,77
2009 150,20
2009 23,17
2009 11,63
2009 11,14
2009 88,56
2009 24,62
2009 22,99
2010 15,12
2010 59,78
2010 40,61
2010 122,84
2010 122,71
2010 37,66
2010 57,17
2010 5,43
2010 34,82
2010 126,28
2010 94,85
2010 59,33
2011 1,14
2011 109,83
2011 726,31
2011 23,32
2011 41,94
2011 264,52
2011 25,37
2011 93,05
2011 139,66
2011 52,71
2011 68,78
2011 65,44
2012 262,51
2012 141,11
2012 59,43
2012 73,14
2012 399,49
2012 48,50
2012 1147,20
2012 279,57
2012 19,74
2012 33,91
2012 217,75
2012 32,03
2013 99,19
2013 119,48
2013 415,52
2013 212,07
2013 75,69
2013 113,92
2013 223,29
2013 161,86
2013 205,88
2013 128,39
2013 96,88
2013 127,91
2014 67,44
2014 356,73
2014 578,90
2014 367,79
2014 315,08
2014 440,51
2014 167,90
2014 143,01
2014 193,04
2014 279,77
2014 405,89
2014 26,22
2015 1294,81
2015 788,16
2015 387,79
2015 287,85
2015 402,44
2015 473,67
2015 129,42
2015 276,88
2015 97,31
2015 288,73
2015 217,90
2015 26,81
2016 20,79
2016 155,00
2016 40,60
2016 37,74
2016 454,31
2016 27,45
2016 26,99
2016 286,89
2016 344,28
2016 144,13
2016 71,01
2016 23,58
2017 604,31
2017 411,75
2017 50,63
2017 63,36
2017 168,27
2017 34,87
2017 43,80
2017 12,88
2017 305,41
2017 23,32
2017 228,70
2017 15,97
2018 185,69
2018 460,67
2018 52,98
2018 266,84
2018 385,12
2018 983,21
2018 429,38
2018 479,33
2018 11,04
2018 364,66
2018 314,66
2018 42,76
2019 69,75
2019 50,23
2019 323,20
2019 127,65
2019 41,30
2019 506,59
2019 473,02
2019 181,80
2019 722,63
2019 490,66
2019 266,44
2019 246,22
2020 235,75
2020 283,76
2020 6,19
2020 342,29
2020 430,61
2020 296,14
2020 328,43
2020 3,74
2020 23,44
2020 483,91
2020 590,56
2020 43,97
2021 29,57
2021 24,07
2021 40,85
2021 73,33
2021 25,41
2021 14,08
2021 16,45
2021 54,42
2021 94,02
2021 35,12
2021 270,12
2021 11,13
2022 292,59
2022 13,02
2022 19,81
2022 75,63
2022 48,86
2022 248,63
2022 8,62
2022 58,58
2022 2,67
2022 48,18
2022 107,48
2022 40,26
2023 74,10
2023 41,03
2023 121,90
2023 186,07
2023 19,20
2023 34,42
2023 50,07
2023 57,36
2023 70,57
2023 96,56
2023 79,93
2023 154,82
2024 98,44
2024 88,34
2024 9,68
2024 91,33
2024 32,44
2024 196,17
2024 37,76
2024 59,14
2024 15,43
2024 177,11
2024 44,37
2024 42,72
1)Als de top 2 invoerstromen 80 procent van de totaalwaarde vertegenwoordigd is deze eruit gefilterd.
2)De reeks start in 2007 omdat dit het eerste jaar is dat de totaalwaarde van de invoer boven 1 miljoen euro komt. 

2.7Samenvatting en conclusie

De handelsrelatie tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten, hoewel een van de meest omvangrijke ter wereld, wordt gekenmerkt door aanhoudende spanningen en terugkerende handelsconflicten. Dit hoofdstuk heeft drie van deze conflicten geanalyseerd, welke deels ten grondslag liggen aan een vooralsnog opgeschort vergeldingspakket van 2025. We geven inzicht in het EU-handelsbeleid ten aanzien van de VS en de omvang van de handelsstromen van de betrokken producten vanuit Nederlands perspectief.

Ten eerste bespraken we de vergeldingsmaatregelen in het luchtvaartgeschil, die voortkwamen uit een langdurig geschil bij de WTO over staatssteun aan eigen vliegtuig­fabrikanten. De producten onder de EU-verordening hebben enkele maanden een verhoogde heffing gekend, maar waren met maandelijkse invoerstromen van boven de 40 miljoen euro wel aanzienlijk van omvang. Ten tweede kwamen de directe EU-vergeldingsacties in 2018, die een reactie waren op Amerikaanse heffingen op staal en aluminium, aan bod. Deze vergeldingsacties waren met 2,5 jaar langer actief dan die uit de eerste casus. Ten derde keken we naar de EU-vrijwaringsmaatregelen op staal, die als een mondiale, defensieve maatregel werden ingezet om marktverstoring te voorkomen. Deze maatregelen werkten via importquota in plaats van directe heffingen, maar waren voor de Nederlandse invoer van staal uit de VS nagenoeg verwaarloosbaar qua omvang.

De inzet van deze heffingen en maatregelen lijkt samen gaan met de invoerwaarde van de getroffen productgroepen. Met name de vergeldingsmaatregelen van 2018, die van 2018 tot 2021 van kracht waren, gaan gepaard met een langdurige daling van de Nederlandse import van de betreffende Amerikaanse goederen. De mogelijke impact van de heffingen in het luchtvaartgeschil was van kortere duur, mede door de politieke context en een snelle opschorting van de maatregelen. Om echter een direct verband te trekken tussen de maatregelen en de handel is andersoortig (econometrisch) onderzoek nodig, zoals eerder bijvoorbeeld gedaan door het CBS in het kader van de vergeldingsheffingen van 2018 (Franssen et al. 2020).

Dit hoofdstuk onderstreept dat handelsbeleid voor zowel de VS als de EU een belangrijk instrument is om hun economische belangen te verdedigen in de complexe relatie met hun partners. Vooralsnog zijn beide blokken een 15 procent heffing op de invoer van EU-producten enerzijds en een 0 procent heffing op de invoer van Amerikaanse producten anderzijds overeenkomen. Voor hoelang dit zo blijft zal de tijd moeten uitwijzen, feit is dat de handelsrelatie tussen de VS en de EU wel rustigere tijden heeft gekend.

2.8Literatuur

Open literatuurlijst

Literatuur

Airbus (z.d.). The WTO dispute: Airbus advocates fair and balanced trade. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Barkham, P. (1999, 5 maart). The banana wars explained. The Guardian. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Blenkinsop, P. (2021, 16 juni). U.S, EU agree truce in 17-year Airbus-Boeing conflict. Reuters. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Bown, C. P. (2018, 1 maart). Trump Has Announced Massive Aluminum and Steel Tariffs. Peterson Institute for International Economics. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Bown, C. P., & Kolb, M. (2025). Trump’s Trade War Timeline: An Up-to-Date Guide. Peterson Institute for International Economics.

Bown, C. P. (2025, 29 september). Trump’s trade war timeline 2.0: An up-to-date guide. Peterson Institute for International Economics. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Braw, E. (2025, 29 mei). How cheap steel endangers Europe’s defence build-up. Financial Times. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

CBS (2025, 25 juli). EU-maatregelen treffen vooral import van hightechproducten uit VS. Geraadpleegd op 19 augustus 2025.

Chan, S. P., & Smale, W. (2018, 7 juni). Hit them in the Harleys: EU fights Trump tariffs. BBC. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Creemers, S., Pinna, M., Rooyakkers, J., & Peeters, T. (2025). Goederenhandel tussen Nederland en de VS. In S. Creemers & R. Voncken (Reds.), Internationaliserings­monitor 2025, eerste editie: Verenigde Staten. Centraal Bureau voor de Statistiek.

Europese Raad & Raad van de EU (2025, 12 juni). EU-US trade: facts and figures. Geraadpleegd op 21 oktober 2025.

Eurofer (2019). Safeguarding EU Steel. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Europese Commissie (2018a, 20 juni). EU adopts rebalancing measures in reaction to US steel and aluminium tariffs. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Europese Commissie (2018b). Commission implementing regulation (EU) 2018/886 of 20 June 2018 on certain commercial policy measures concerning certain products originating in the United States of America and amending Implementing Regulation (EU) 2018/724Official Journal of the European Union, L 158, 5–18.

Europese Commissie (2018c). Commission implementing regulation (EU) 2018/1013 of 17 July 2018 imposing provisional safeguard measures with regard to imports of certain steel products. Official Journal of the European Union, L 181, 39–83.

Europese Commissie (2019). Commission implementing regulation (EU) 2019/159 of 31 January 2019 imposing definitive safeguard measures against imports of certain steel products. Official Journal of the European Union, L 31, 27–74.

Europese Commissie (2021a). Commission implementing regulation (EU) 2021/425 of 9 March 2021 suspending commercial policy measures concerning certain products from the United States of America imposed by Implementing Regulation (EU) 2020/1646 following the adjudication of a trade dispute under the Dispute Settlement Understanding of the World Trade Organization. Official Journal of the European Union, L 84, 16–17.

Europese Commissie (2021b). Commission implementing regulation (EU) 2021/1123 of 8 July 2021 suspending commercial policy measures concerning certain products from the United States of America imposed by Implementing Regulation (EU) 2020/1646 following the adjudication of a trade dispute under the Dispute Settlement Understanding of the World Trade Organization. Official Journal of the European Union, L 243, 43–44.

Europese Commissie (2021c). EU-US disputes on large civil aircraft. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Europese Commissie (2021d). EU-US arrangement on steel and aluminium trade. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Europese Commissie (2021e). Commission implementing regulation (EU) 2021/1029 of 24 June 2021 amending Commission Implementing Regulation (EU) 2019/159 to prolong the safeguard measure on imports of certain steel products. Official Journal of the European Union, L 225, 1–42.

Europese Commissie (2024). Commission implementing regulation (EU) 2024/1782 of 24 June 2024 amending Implementing Regulation (EU) 2019/159, including the prolongation of the safeguard measure on imports of certain steel products. Official Journal of the European Union, OJ L, 1–61.

Europese Commissie (2025a). Commission implementing regulation (EU) 2025/1564 of 24 July 2025 on commercial rebalancing measures concerning certain products originating in the United States of America and certain products exported from the Union to the United States of America, and repealing Implementing Regulations (EU) 2018/724, (EU) 2018/886, (EU) 2020/502 and (EU) 2025/778. Official Journal of the European Union, OJ L, 1–257.

Europese Commissie (2025b, 29 juli). EU-US trade deal explained. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Eurostat (2025, 11 maart). Trade in goods with the United States in 2024. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Federal Register (2018a). Adjusting Imports of Steel Into the United States.

Federal Register (2018b). Adjusting Imports of Aluminium Into the United States.

Franssen, L., van den Berg, M., & Lammertsma, A. (2020). De handelsrelatie tussen Europa en de VS. In M. Jaarsma & A. Lammertsma (Reds.), Internationaliserings­monitor 2020, vierde kwartaal: Handelsbeleid: Heffingen & verdragen. Centraal Bureau voor de Statistiek.

Franssen, L., Limpens, D., Rooyakkers, J., & Weijers, S. (2024). Importtarieven en productkwaliteit: Goedkoop is duurkoop? In M. Jaarsma & J. Rooyakkers (Reds.), Internationaliserings­monitor 2024, tweede editie: Inclusiviteit. Centraal Bureau voor de Statistiek.

Harte, R. E. N. (2018). US tariffs: EU response and fears of a trade war. Europees Parlement.

Jongsma, M, & Schiffers, M. (2025, 6 oktober). Brussel schiet worstelende staalsector te hulp. Het Financieele Dagblad. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Lawder, D. (2025, 2 april). Trump administration adds beer, can imports to 25% US aluminum tariffs. Reuters. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Lynn, J. (2008, 16 oktober). U.S. and Canada win EU beef hormone appeal at WTO. Reuters. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

OESO (2025, 27 mei). Surging excess capacity threatens steel market stability, employment, and decarbonisation plans. Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Palmer, D. (2021, 3 mei). Biden smooths tensions with Europe, pausing tariffs in Boeing-Airbus dispute. Politico. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Payne, J. (2025, 4 augustus). EU to suspend US tariff countermeasures for 6 months. Reuters. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Rooyakkers, J., & Visser, C. (2025). Dienstenhandel tussen Nederland en de VS. In S. Creemers & R. Voncken (Reds.), Internationaliserings­monitor 2025, eerste editie: Verenigde Staten. Centraal Bureau voor de Statistiek.

Schneider-Petsinger, M. (2022). Reforming the World Trade Organization. Chatman House.

Shalal, A., & Hepher, T. (2021, 16 juni). Highlights of the 17-year Airbus, Boeing trade war. Reuters. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Stearns, J. (2020, 9 november). EU Hits $4 Billion of U.S. Goods With Tariffs in Trade Fight. Bloomberg. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

U.S. Department of Commerce (2021). Announcement of Actions on EU Imports Under Section 232.

USTR (2004, 10 juni). U.S. Files WTO Case Against EU Over Unfair Airbus Subsidies. Office of the United States Trade Representative. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

USTR (2020). Enforcement of U.S. WTO Rights in Large Civil Aircraft Dispute. Office of the United States Trade Representative.

USTR (2021, 31 oktober). Joint US-EU Statement on Trade in Steel and Aluminum. Office of the United States Trade Representative. Geraadpleegd op 13 oktober 2025.

Wittig, S. (2010). The Airbus-Boeing Dispute: Implications of the WTO Boeing Decision. Intereconomics, 45(5), 262–263.

Wittig, S. (2021). Transatlantic Trade Dispute: Solution for Airbus-Boeing Under Biden? Intereconomics, 56(1), 23–31.

WTO (2019). European Communities and Certain Member States — Measures Affecting Trade in Large Civil Aircraft.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

niets (blanco) een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
. het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
0 (0,0) het cijfer is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
* voorlopige cijfers
** nader voorlopige cijfers
- (indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
2016–2017 2016 tot en met 2017
2016/2017 het gemiddelde over de jaren 2016 tot en met 2017
2016/’17 oogstjaar, boekjaar, schooljaar, enz. beginnend in 2016 en eindigend in 2017
2004/’05-2016/’17 oogstjaar enz., 2004/’05 tot en met 2016/’17

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Auteurs

Timon Bohn

Sarah Creemers

Dennis Dahlmans

Loe Franssen

Robin Konietzny

Dio Limpens

Tom Notten

Shalane Pijnenburg

Michael Polder

Davey Poulissen

Leen Prenen

Janneke Rooyakkers

Marcel van den Berg

Manon Weusten

Khee Fung Wong

Redactie

Sarah Creemers

Janneke Rooyakkers

Roger Voncken

Eindredactie

Sarah Creemers

Roger Voncken

Dankwoord

We danken de volgende personen voor hun constructieve bijdrage aan deze editie van de Internationaliserings­monitor:

Luuk Beele

Marjolijn Jaarsma

Bart Loog

Angie Mounir

Nienke Oude Steenhof

Rik Vaessen

CBS CCN Logistiek

CBS CCN Redactie en Visualisatie

CBS Vertaalbureau