Chinese werknemers vaak actief in horeca, Indiase werknemers vaak actief in informatie en communicatie

Foto omschrijving: Werkzoekenden in de entreehal van de Nationale carrierebeurs

Chinese werknemers en studenten in Nederland

Auteurs: Dennis Cremers, Iryna Rud, Sarah Creemers

Twee belangrijke redenen voor buitenlanders om zich in ons land te vestigen zijn arbeid en studie. Internationale (kennis)werkers zijn belangrijk voor de kenniseconomie en de concurrentiepositie van Nederland. In dit hoofdstuk bestuderen we de achtergrondkenmerken van Chinese werknemers in Nederland. Hoeveel Chinezen woonden er in 2019 in ons land en in welke provincies woonden zij? In welke sectoren zijn Chinese werknemers in Nederland actief? Hoeveel verdienen Chinese werknemers in ons land in vergelijking met Indiase of Nederlandse werknemers? Daarnaast wordt dieper ingezoomd op Chinese werknemers in het hoger onderwijs in Nederland, onder andere Chinese promovendi. Tenslotte wordt beschreven hoeveel internationale studenten met de Chinese nationaliteit er in Nederland studeren, in welke instellingen van het hoger onderwijs ze studeren, in welke studierichtingen en wat deze studenten doen na het afronden van hun opleiding.

4.1Inleiding

Bedrijven kunnen internationaal actief worden en zo profiteren van grensoverschrijdende activiteiten. Dit biedt kansen voor omzetgroei, maar ook voor de uitwisseling van kennis. Gezien de snelle technologische ontwikkelingen is het noodzakelijk om adequaat in te spelen op een dynamische arbeidsmarkt. Ook in het hoger onderwijs zien we dat de studentenpopulatie steeds meer internationaal wordt. Dit zorgt voor meer keuzevrijheid voor studenten en een grotere potentiële afzetmarkt voor de onderwijsinstellingen (CPB, 2019).

Om een aantrekkelijk en competitief vestigingsklimaat te creëren is het belangrijk dat zowel bedrijven als onderwijsinstellingen de mogelijkheid hebben om geschikte en deskundige werknemers aan te trekken (Boutorat et al., 2018). Nederland wordt steeds afhankelijker van buitenlandse arbeid (Kusters & de Vries, 2019). Tegelijkertijd wordt Nederland steeds aantrekkelijker voor baanzoekers uit het buitenland, voornamelijk voor kennismigranten (OESO, 2016; Buers et al., 2018). Denk hierbij aan bijvoorbeeld de IT-sector en banen gerelateerd aan innovatieve technologieën (Boutorat et al., 2018; NOS, 2019).

China profileert zich steeds meer als het kennisland van de toekomst, en zet die ambitie kracht bij door onder andere grote investeringen in het hoger onderwijs te doen, mede via internationale samenwerking (Ministerie van Buitenlandse Zaken, 2019). Voor Nederland is academische samenwerking met China aantrekkelijk omdat daarmee topstudenten en –onderzoekers kunnen worden aangetrokken. Uit onderzoek van CPB (2019) blijkt ook dat internationale studenten – vooral de studenten uit niet-Europese landen – Nederland flink meer opleveren dan ze kosten. Ook heeft China vaak financiële middelen om goede onderzoeksfaciliteiten te bouwen en is er uitwisseling tussen de kennisinstellingen van de Chinese en Nederlandse overheden (Ministerie van Buitenlandse Zaken, 2019). Desalniettemin roept de academische samenwerking tussen beide landen ook vragen op met betrekking tot bijvoorbeeld ongewenste kennisoverdracht (Rathenau Instituut, 2018; Bouter, 2019). Chinezen die na hun studie in Nederland terugkeren naar China hebben in eigen land dan ook een uitstekend baanperspectief (Bouter, 2019).

Leeswijzer

In dit hoofdstuk staan de Chinese werknemers en de Chinese studenten in de Nederlandse economie centraal. In paragraaf 4.2 schetsen we een algemeen beeld van mensen met de Chinese nationaliteit in Nederland. Hierna gaan we in paragraaf 4.3 dieper in op mensen met de Chinese nationaliteit die als werknemer actief zijn in Nederland. Vragen als in welke sectoren de meeste Chinezen actief zijn en wat zij verdienen worden in deze paragraaf beantwoord. In paragraaf 4.4 vergelijken we Chinese werknemers met Indiase en Nederlandse werknemers in Nederland en bekijken we aan de hand van een regressieanalyse hoe zij zich qua uurloon tot elkaar verhouden. In paragraaf 4.5 zoomen we in op Chinese werknemers in het hoger onderwijs in Nederland, onder andere Chinese promovendi. Bijkomend worden hier ook Chinese studenten aan de Nederlandse universiteiten en hogescholen (hbo’s) in beeld gebracht.

19€ is het gemiddelde uurloon van een Chinese werknemer die in Nederland woont
45% van de Chinese werknemers in het Nederlandse hoger onderwijs in 2018 werkte bij een technische universiteit

De Nederlandse bevolking telde in 2019 circa 17,3 miljoen inwoners, waarvan 1,1 miljoen een niet-Nederlandse nationaliteitnoot1 hadden. De laatste groep bestaat voornamelijk uit Polen (144 duizend), Duitsers (77 duizend), Turken (75 duizend) en Syriërs (74 duizend). De top-10 wordt verder vervolledigd door Britten (47 duizend), Italianen (39 duizend), Marokkanen (37 duizend), Chinezen (37 duizend), Belgen (35 duizend) en Spanjaarden (33 duizend). Inwoners met de Indiase nationaliteit vallen net buiten deze top-10, maar waren in 2019 toch met zo’n 31 duizend woonachtig in ons land.

Net iets meer Chinese vrouwen dan mannen in Nederland

Figuur 4.2.1 presenteert de aantallen inwoners met Chinese nationaliteit in de Nederlandse bevolking voor de periode 1995 tot en met 2019. Sinds 1995 is het aantal Chinese inwoners in Nederland sterk toegenomen: in 1995 telde ons land 7,7 duizend inwoners met de Chinese nationaliteit, terwijl dit er in 2019 al 36,5 duizend waren. In de jaren 2002–2004 zien we de grootste toename: in 2002 waren er bijvoorbeeld 17,5 procent meer Chinese inwoners dan een jaar eerder. Het relatieve belang van Chinese inwoners in de totale Nederlandse bevolking is eerder klein. Zo had in 2019 maar 0,2 procent van alle inwoners in Nederland de Chinese nationaliteit, al is sinds 2001 dit aandeel jaarlijks wel toegenomen.

Sinds 1999 zijn er iets meer vrouwelijke Chinezen woonachtig in Nederland dan mannen met de Chinese nationaliteit. Terwijl in 1995 nog maar 46,1 procent van de Chinese inwoners in Nederland vrouw was, is dit aandeel in 2019 opgelopen tot 53,4 procent. In 2019 behoorden er circa 19,5 duizend vrouwelijke Chinezen tot de Nederlandse bevolking.

4.2.1 Aantal inwoners in Nederland met Chinese nationaliteit, 1995-2019
Perioden Totaal Man Vrouw
1995 7669 4137 3532
1996 7912 4225 3687
1997 7322 3841 3481
1998 7260 3700 3560
1999 7480 3660 3820
2000 7473 3554 3919
2001 7997 3666 4331
2002 9395 4286 5109
2003 11223 5010 6213
2004 13330 5846 7484
2005 14662 6254 8408
2006 15007 6524 8483
2007 15266 6752 8514
2008 16210 7363 8847
2009 18121 8510 9611
2010 19758 9502 10256
2011 21371 10207 11164
2012 23900 11576 12324
2013 25906 12506 13400
2014 27192 13088 14104
2015 28220 13170 15050
2016 29746 13792 15954
2017 31437 14431 17006
2018 33860 15604 18256
2019 36491 16988 19503

Grote meerderheid van Chinese bevolking in Nederland is tussen 15 en 75 jaar

Figuur 4.2.2 toont de leeftijdsverdeling van de Chinese bevolking woonachtig in Nederland voor de periode 1995 tot en met 2019. Opvallend is dat in 2019 circa 88,1 procent van de Chinezen in Nederland tussen 15 en 75 jaar oud is. Vooral de groep 75 jaar en ouder is erg klein: er waren in 2019 maar 215 inwoners met de Chinese nationaliteit van 75 jaar of ouder. Het aantal Chinezen tussen 15 en 75 jaar is ook gegroeid van 6,4 duizend in 1995 naar 32 duizend in 2019. De groep tussen 15 en 75 jaar die in Nederland woont, wordt ook wel de beroepsbevolking genoemd. De meeste Chinezen behoren dus tot de Nederlandse beroepsbevolking. Vandaar dat het relevant is om in de volgende paragraaf de personen met een Chinese nationaliteit die als werknemer actief zijn in Nederland, verder te bestuderen.

Anno 2019 is meer dan 36 procent van de Chinezen woonachtig in Nederland tussen 20 en 30 jaar, terwijl deze leeftijdsgroep maar ruim 12 procent van de totale bevolking in Nederland uitmaakt. Het aantal in Nederland wonende Chinezen in deze leeftijdsgroep is sinds 2001 sterk toegenomen, wat samenhangt met de instroom van studenten en arbeidsmigranten uit China. Voor veel Chinezen is studeren in Nederland namelijk het belangrijkste migratiemotief (Linder et al., 2011). Daarom wordt er in paragraaf 4.5 ingezoomd op de internationale studenten met Chinese nationaliteit in Nederland.

4.2.2 Aandeel inwoners in Nederland met Chinese nationaliteit (%)
Jaar 0 tot 15 jaar 15 tot 75 jaar 75 jaar of ouder
1995 14,9 83,1 2,0
1996 17,0 81,1 1,8
1997 17,9 80,3 1,8
1998 17,3 81,1 1,7
1999 18,1 80,3 1,6
2000 19,9 78,6 1,6
2001 20,3 78,4 1,4
2002 17,7 81,2 1,2
2003 15,8 83,2 1,0
2004 13,9 85,2 0,8
2005 14,3 84,9 0,7
2006 11,1 88,1 0,8
2007 9,7 89,6 0,7
2008 8,6 90,7 0,7
2009 7,8 91,5 0,7
2010 6,2 93,1 0,7
2011 6,2 93,0 0,7
2012 6,4 92,9 0,7
2013 7,1 92,3 0,7
2014 8,0 91,3 0,7
2015 9,1 90,2 0,7
2016 9,7 89,6 0,6
2017 10,5 88,9 0,6
2018 11,1 88,3 0,6
2019 11,3 88,1 0,6

Chinezen in Nederland voornamelijk woonachtig in Zuid- en Noord-Holland

Zoals zichtbaar op figuur 4.2.3 woont het grootste deel Chinezen in de provincies Zuid- en Noord-Holland, maar er wonen ook relatief veel Chinezen in Noord-Brabant, Gelderland en Utrecht. Inwoners met de Chinese nationaliteit vormen in al deze provincies maar een heel klein deel van de totale Nederlandse bevolking. Zo heeft slechts 0,32 procent van de inwoners in Zuid-Holland de Chinese nationaliteit. Voor Noord-Holland en Noord-Brabant is het aandeel nog kleiner, namelijk 0,24 en 0,18 procent. Chinezen wonen verspreid over heel Nederland, maar toch vooral in de grotere steden (Linder et al., 2011). Zo is in 2019 om en nabij 29,2 procent van de Chinezen woonachtig in Rotterdam, Amsterdam, Eindhoven, Wageningen en Utrecht, tegenover slechts 12,2 procent van de gehele bevolking in Nederland.

4.2.3 Aantal Chinezen per provincie, op 1 januari 2019
Provincie Totale bevolking
Drenthe 430
Flevoland 960
Friesland 631
Gelderland 3274
Groningen 1593
Limburg 1846
Noord-Brabant 4536
Noord-Holland 6817
Overijssel 1641
Utrecht 2563
Zeeland 357
Zuid-Holland 11843

Zuid-Holland telt in 2019 ruim 11,8 duizend inwoners met de Chinese nationaliteit, waarvan 54,3 procent vrouw is. In Noord-Holland zijn in 2019 zo’n 6,8 duizend mensen met de Chinese nationaliteit woonachtig. In bijna alle provincies wonen er meer Chinese vrouwen dan mannen. Alleen in de provincies Overijssel, Flevoland, Drenthe en Zeeland is de verhouding vrouw-man omgekeerd, en wonen er meer Chinese mannen dan vrouwen. Groningen en Flevoland zijn uitschieters wat betreft de leeftijdsgroepen van de Chinese inwoners. Zo blijkt dat in Groningen maar liefst 93,3 procent van de inwoners met Chinese nationaliteit tussen 15 en 75 jaar is. Voor Flevoland zien we dat de Chinese bevolking sterker vertegenwoordigd is in de leeftijdsgroep jonger dan 15 jaar (18,3 procent).

4.3In welke sectoren werken Chinese werknemers en hoe oud zijn zij?

In de vorige paragraaf werd een algemeen beeld geschetst van mensen met een Chinese nationaliteit in Nederland. Vragen als ‘hoeveel mensen met een Chinese nationaliteit zijn er in Nederland?’ en ‘waar wonen de meeste mensen met een Chinese nationaliteit?’ werden beantwoord. In deze paragraaf wordt verder uitgelicht binnen welke bedrijfstakken Chinezen in Nederland actief zijn.

In paragraaf 4.3 en 4.4 kijken we naar een specifieke subgroep van werknemers met een Chinese, Indiase en Nederlandse nationaliteit. Zo worden alleen werknemers tussen 18 en 75 jaar meegenomen die ten tijde van december 2018 in de Polisadministratie (Polis) en in de Basisregistratie Personen (BRP) geregistreerd waren. De gepubliceerde cijfers zijn dus niet bedoeld om als randtotaal gebruikt te worden. Het betreft een specifieke subgroep om een vergelijking met Chinese werknemers mogelijk te maken, namelijk alleen diegenen die in Nederland wonen en als werknemers werkzaam zijn. Ze zijn dus uitsluitend bedoeld om deze vergelijking weer te geven.

43,2% van de Chinese werknemers werkt in de horeca Buitenvorm Binnenvorm

Chinezen voornamelijk werkzaam in de horeca

Figuur 4.3.1 laat zien welk percentage van de werknemers met een Chinese nationaliteit in welke bedrijfstak actief is (per december 2018). De grootste groep Chinezen is werkzaam in de horeca; 43,2 procent van de Chinezen die werkzaam zijn in Nederland, werkt namelijk in de horeca. Uit Linder et al. (2011) bleek ook dat Chinezen in Nederland voornamelijk in de horeca actief waren en dan met name in eet- en drinkgelegenheden. De handel is ook een sector waar een groot gedeelte van de Chinezen werkzaam is. Hier werkt namelijk 12,5 procent van de Chinezen die werkzaam zijn in Nederland, waarvan het gros in de groothandel en handelsbemiddeling. Ook binnen de specialistische zakelijke dienstverlening (9,2 procent), de industrie (6,7 procent) en het onderwijs (6,5 procent) zijn relatief veel van de in Nederland wonende Chinezen werkzaam.

4.3.1 Percentage Chinese werknemers naar sector, 2018 (%)
Sector Aandeel Chinese werknemers
Industrie 6,7
Handel 12,5
Horeca 43,2
Specialistische zakelijke diensten 9,2
Verhuur en overige zakelijke diensten 5,2
Onderwijs 6,5
Overig 16,7

Grootste groep Chinezen tussen 26 en 35 jaar oud

De grootste groep Chinese werknemers in Nederland is tussen de 26 en 35 jaar oud, zoals te zien is in figuur 4.3.2. Maar liefst 48 procent valt binnen deze leeftijdscategorie. Ook zijn er relatief veel Chinezen die tussen de 36 en 45 jaar oud zijn, namelijk 27,7 procent. Dat Chinese werknemers gemiddeld jonger zijn dan Nederlandse werknemers is een consequentie van het feit dat de meesten hiervan uitsluitend voor werk in Nederland zijn. Degenen die van plan zijn om in Nederland te blijven, zullen vaak in een later stadium de Nederlandse nationaliteit verkrijgen.

4.3.2 Percentage Chinese werknemers naar leeftijdsgroep, 2018 (%)
Leeftijdsgroep Aandeel Chinese werknemers
18-25 jaar 7,9
26-35 jaar 48
36-45 jaar 27,7
46-55 jaar 12,4
56-65 jaar 3,7
66-75 jaar 0,3

4.4Andere achtergrondkenmerken van Chinese en Indiase werknemers

Paragraaf 4.3 gaf een algemeen overzicht van de sectoren waarin de werknemers met een Chinese nationaliteit actief zijn en welke gemiddelde leeftijd zij hebben. Deze paragraaf gaat niet alleen dieper in op de opgedane inzichten uit paragraaf 4.3 door het toevoegen van gegevens over inkomen en geslacht, maar combineert deze ook om tot nieuwe inzichten te komen. Tenslotte wordt er in deze paragraaf ook een vergelijking gemaakt met Indiase werknemers in Nederland, aangezien beide groepen vaak uit kenniswerkers bestaan (CBS, 2019).

Chinese werknemer verdient gemiddeld minder dan Indiase of Nederlandse werknemer

Zoals in figuur 4.4.1 te zien is, verdienen Chinese werknemers in Nederland gemiddeld minder dan werknemers met de Nederlandse of Indiase nationaliteit. Ook zijn zij gemiddeld genomen jonger dan Nederlandse werknemers, maar ouder dan Indiase werknemers. De salarisverschillen zijn relatief groot. Zo verdient een Chinese werknemer gemiddeld ongeveer 19 euro per uur (bruto), terwijl een Nederlandse werknemer circa 23 euro verdient en een Indiase werknemer zelfs bijna 27 euro. Ook als het mediane uurloon bekeken wordt, zijn er grote verschillen. Voor een groot gedeelte zijn deze inkomensverschillen afhankelijk van de sector waarin gewerkt wordt, wat later in de paragraaf verder uitgelicht wordt.

4.4.1 Leeftijd en uurloon naar nationaliteit, 2018 Gem. leeftijd Gem. uurloon Mediaan uurloon 36 jr € 19 € 15 Chinees 33 jr € 27 € 23 Indiaas 42 jr € 23 € 20 Nederlands

Chinese werknemers zijn vaker man dan Nederlandse werknemers, maar minder vaak dan Indiase werknemers

Ruim 58 procent van de Chinese werknemers in Nederland is man. Dat is meer dan het aandeel Nederlandse werknemers dat man is, ongeveer 52 procent, maar weer minder dan het aandeel Indiase werknemers dat man is, dat is namelijk bijna 75 procent. Wat ook opvalt in figuur 4.4.2 en figuur 4.4.3 is dat vrouwelijke Chinese werknemers meer verdienen dan mannelijke Chinese werknemers. Zo is het uurloon van een vrouwelijke Chinese werknemer ruim 20 euro, terwijl dat voor een mannelijke Chinese werknemer ruim 18 euro is. Dit in tegenstelling tot Nederlandse en Indiase werknemers, waar mannen gemiddeld respectievelijk ruim 25 euro per uur en bijna 28 euro per uur verdienen, terwijl vrouwen gemiddeld respectievelijk ruim 21 euro per uur en ruim 23 euro per uur verdienen. Ook valt op dat Indiase werknemers gemiddeld jonger zijn dan zowel Nederlandse als Chinese werknemers, maar gemiddeld wel meer verdienen dan Chinese en Nederlandse werknemers. Hier is echter nog geen rekening gehouden met andere achterliggende oorzaken, zoals onder andere de sector waarin men actief is. Dit verklaart namelijk een groot gedeelte van de inkomensvariatie, wat ook blijkt uit tabel 4.4.4 en de aanvullende regressieresultaten.

4.4.2 Uurloon en leeftijd van mannen naar nationaliteit, 2018
Onderwerp Chinees Nederlands Indiaas
Leeftijd 35,8 42,5 33,7
Gemiddeld uurloon 18,4 25,2 27,9
Mediaan uurloon 14,4 21,1 23,5
Aandeel in totaal 58,2 52,3 74,7
4.4.3 Uurloon en leeftijd van vrouwen naar nationaliteit, 2018
Onderwerp Chinees Nederlands Indiaas
Leeftijd 35,2 41,1 31,7
Gemiddeld uurloon 20,1 21,1 23,4
Mediaan uurloon 16,5 19,2 21,2
Aandeel op totaal 41,8 47,7 25,3

Chinese werknemers vaak actief in de horeca, Indiase werknemers vaak actief in informatie en communicatie

Uit figuur 4.3.1 bleek dat ruim 43 procent van de Chinese werknemers in Nederland werkzaam is in de horeca. Dat is fors meer dan het aandeel Nederlandse en Indiase werknemers dat actief is in deze sector, dit ligt namelijk voor beide groepen onder de 10 procent.noot2 Indiase werknemers zijn op hun beurt vaak werkzaam in de sector informatie en communicatie, binnen deze sector werkt namelijk bijna de helft van de Indiase werknemers in Nederland, vergeleken met minder dan 10 procent voor Nederlandse en Chinese werknemers. Ook werken Chinese en Indiase werknemers relatief vaak in de specialistische zakelijke dienstverlening en relatief weinig in de sector gezondheids- en welzijnszorg en de sector openbaar bestuur en overheidsdiensten.

Uit tabel 4.4.4 blijkt dat er voornamelijk inkomensverschillen zijn tussen de sector horeca en de andere sectoren. In de horeca ligt het inkomen per uur namelijk lager dan in andere sectoren. Wat de achterliggende redenen hiervoor zijn, is niet onderzocht in dit onderzoek. Dit verklaart echter wel voor een groot gedeelte de inkomensverschillen tussen de drie groepen, aangezien Chinese werknemers voornamelijk in de horeca actief zijn.

4.4.4Leeftijd, uurloon en aandeel werknemers naar nationaliteit en sector, 2018

Gemiddelde leeftijd Gemiddeld uurloon Mediaan uurloon Aandeel werknemers
jaar euro euro %
Nationaliteit Sector
Chinees Industrie 34,5 26,8 24,7 6,7
Nederlands Industrie 45,5 24,4 21,0 9,4
Indiaas Industrie 33,2 28,7 25,8 6,8
Chinees Handel 35,7 23,6 20,4 12,5
Nederlands Handel 38,4 18,7 15,4 15,4
Indiaas Handel 34,2 30,6 25,4 5,3
Chinees Horeca 37,5 13,7 13,3 43,2
Nederlands Horeca 32,1 13,3 12,4 4,3
Indiaas Horeca 34,7 13,5 12,5 1,9
Chinees Specialistische zakelijke diensten 32,7 24,8 21,7 9,2
Nederlands Specialistische zakelijke diensten 41,3 29,3 23,6 6,3
Indiaas Specialistische zakelijke diensten 32,8 29,9 24,2 13,5
Chinees Verhuur en overige zakelijke diensten 34,3 20,3 17,9 5,2
Nederlands Verhuur en overige zakelijke diensten 38,3 17,3 15,0 10,9
Indiaas Verhuur en overige zakelijke diensten 33,0 24,5 21,7 8,7
Chinees Onderwijs 31,2 19,9 18,6 6,5
Nederlands Onderwijs 44,5 28,7 28,3 6,7
Indiaas Onderwijs 30,7 21,4 16,6 5,0

Tabel 4.4.5 laat een log-lineaire regressie zien waarbij gekeken wordt of Chinese werknemers, gecontroleerd voor de sector waarin gewerkt wordtnoot3, leeftijd en geslacht, ook een lager uurloon hebben dan Nederlandse of Indiase werknemers. Aan de hand van de regressieresultaten kan de conclusie getrokken worden dat dit het geval is. Ook als gecorrigeerd wordt voor de sector, zijn de gemiddelde uurlonen voor Chinese werknemers lager dan voor Nederlandse en Indiase werknemers. Zo blijkt dat Chinese werknemers 5 procent minder per uur verdienen dan Nederlandse werknemers. Ook blijkt dat Indiase werknemers 7,4 procent meer per uur verdienen dan Nederlandse werknemers. Een kritische kanttekening hierbij is dat er niet gecontroleerd wordt voor het opleidingsniveau van de werknemers. Echter roepen deze resultaten wel de vraag op in hoeverre de groepen Chinese en Indiase werknemers vergelijkbaar zijn. Zo zou het kunnen zijn dat Indiase werknemers gemiddeld genomen vaker kenniswerkers zijn dan Chinese werknemers of vaker management functies uitvoeren. Hier is echter aanvullend onderzoek voor nodig.

4.4.5Log-lineaire regressie inkomensverschillen naar nationaliteit

Model
Verklaarde variabele Uurloon (ln)
Leeftijd 0,094
t = 1 204,9***
Leeftijd^2 -0,001
t = -1 026,6***
Geslacht -0,153
t = -441,0***
Chinees -0,05
t = -13,8***
Indiaas -0,074
t = 22,0***
 
R2 adjusted 0,389
N 7 395 560
F Statistiek 196 090*** (df = 24; 7 395 535)

t-statistieken staan onder de coëfficiënten.

*p<0.1; **p<0.05; ***p<0.01

4.5Chinezen in Nederlandse hoger onderwijs

Chinese werknemers aan instellingen van hoger onderwijs

De sector Onderwijs is één van de top-5 sectoren in Nederland waar Chinese mensen werkzaam zijn, waarbij Chinezen vooral in het hoger onderwijs werken. Meer inzicht over deze groep kan verkregen worden door in te zoomen op deze groep. Daarvoor volgen we 845 Chinezen die in december 2018 in dienst van Nederlandse universiteiten of hogescholen waren en er wetenschappelijke en niet-wetenschappelijke posities bekleedden. Uit tabel 4.5.1 blijkt dat 45 procent van de Chinese werknemers in het Nederlandse hoger onderwijs bij een technische universiteit werkte, zoals de TU Delft, de TU Eindhoven en de Universiteit Twente. Het merendeel was man (61 procent) en de gemiddelde leeftijd was 31 jaar. Ter vergelijking was de gemiddelde leeftijd van alle werknemers in het Nederlandse hoger onderwijs in dezelfde periode 40,5 jaar en er waren even veel mannen als vrouwen. Gemiddeld verdienden Chinezen werkzaam in het Nederlandse hoger onderwijs 19,60 euro per uur (bruto).

4.5.1Verdeling Chinezen werkzaam in hoger onderwijs naar onderwijsinstelling (december 2018)

%
TU Delft 21,5
TU Eindhoven 16,2
Rijksuniversiteit Groningen 9,1
Universiteit Twente 7,8
Universiteit Leiden 7,0
Overig 38,4

Vervolgens splitsen we de groep uit in drie leeftijdscategorieën. Tabel 4.5.2 laat zien dat Chinezen in de leeftijdsgroep van 33 tot en met 60 jaar ongeveer 26,30 euro per uur verdienden in het hoger onderwijs in Nederland. Voor alle werknemers in het hoger onderwijs in deze leeftijdsgroep was dit 33 euro per uur. Het uurloon van Chinezen in de leeftijdscategorie van 26 tot en met 32 jaar was 18,50 euro. Ter vergelijking: voor alle werknemers in deze leeftijdsgroep was dat gemiddeld 21 euro per uur. De jongste groep Chinezen werkzaam in het Nederlandse hoger onderwijs (van 19 tot en met 25 jaar, o.a. werkstudenten) verdienden 14,90 euro per uur. Alle werknemers in het hoger onderwijs in dezelfde leeftijdsgroep hadden een iets hoger uurloon, namelijk 16 euro. Als we kijken naar het verschil in het uurloon per geslacht, blijkt uit de cijfers dat voor de groep van Chinezen werkzaam in het Nederlandse hoger onderwijs, vrouwen een hoger uurloon hadden (20,40 euro per uur) dan mannen (19,10 euro per uur). Zoals eerder genoemd, was dezelfde trend te zien bij andere sectoren. Voor de populatie van alle werknemers in het hoger onderwijs in dezelfde periode zien we ook verschillen: mannen verdienden gemiddeld 30 euro per uur terwijl vrouwen 26 euro per uur verdienden. Op basis van deze data kunnen we niet bepalen wat de oorzaak is van deze verschillen wat betreft het uurloon.

4.5.2Uurloon naar leeftijd

Aantal werknemers Gemiddeld uurloon
Leeftijd euro
19-25 jaar 74 14,90
26-32 jaar 642 18,50
33-60 jaar 189 26,30

Chinese promovendi

Uit de beschikbare data kunnen we niet afleiden welke banen de Chinezen in het hoger onderwijs in Nederland concreet hebben. Op basis van administratieve data verzameld door de Vereniging van Universiteiten (VSNU) weten we wel dat ongeveer de helft van deze groep Chinezen als promovendus werkte aan universiteiten. De andere helft bestaat uit Chinees personeel werkzaam in verschillende posities in het hoger onderwijs, o.a. onderzoeks­assistenten, onderzoekers, universitaire docenten en universitaire hoofddocenten. Daarom kijken we naar de verdeling van Chinese promovendi naar universiteit, per december 2018. Zoals te zien in tabel 4.5.3, waren Chinese promovendi (ongeveer 400)noot4 wederom sterk vertegenwoordigd bij de technische universiteiten. Uit eerder onderzoek van VSNU blijkt dat naast het technisch vakgebied ook het natuurwetenschappelijk en het economisch vakgebied zeer populair waren bij Chinese promovendi en wetenschappers (VSNU, 2014).

4.5.3Verdeling Chinese promovendi naar universiteiten (december 2018)

%
TU Delft 21,4
TU Eindhoven 17,7
Wageningen Universiteit 7,4
Universiteit Twente 6,9
Universiteit van Amsterdam 6,9
Universiteit Leiden 6,9
Overig 32,8

Bron:VSNU

Volgens de cijfers van VSNU vormden de Chinese promovendi ongeveer één tiende van alle internationale werkende promovendi in Nederland en één vijfde van alle niet-Europese promovendi in Nederland. Andere meest voorkomende landen van herkomst van internationale promovendi in Nederland zijn Duitsland en India. Ten opzichte van 2012 is het aantal Chinese promovendi in Nederland gedaald met 3 procent, terwijl het aantal internationale promovendi is gestegen met 15 procent (van 3 968 in 2012 naar 4 575 in 2018). Maar hoeveel Chinese promovendi blijven in Nederland op lange termijn? CPB onderzoek liet zien dat 42,7 procent van de Chinese promovendi zich tien jaar na de afronding van hun promotietraject nog in Nederland bevonden (CPB, 2015). Dit is veel hoger dan de blijfkans van de gemiddelde internationale promovendus in Nederland (32,4 procent), en twee keer zo hoog als de blijfkans van Duitse of Belgische promovendi in Nederland. De blijfkans is niet alleen gerelateerd aan het herkomstland, maar ook aan het vakgebied. Zo blijkt uit hetzelfde onderzoek dat internationale promovendi die werkzaam zijn in een technisch wetenschapsgebied vaker in Nederland blijven dan promovendi in andere vakgebieden. Dat verklaart deels de hoge blijfkans van Chinese promovendi, aangezien ze vooral te vinden zijn in het technisch vakgebied.

4 475 Chinese studenten volgden een opleiding aan Nederlandse universiteiten of hogescholen in het studiejaar 2018/’19 Buitenvorm Binnenvorm

Chinese studenten in Nederlandse hoger onderwijs

Vervolgens analyseren we de groep Chinese studenten in Nederland. Hiervoor kijken we naar studenten met China als herkomstland, die hun vooropleiding in een ander land hebben gedaan dan Nederland en die zich in Nederland voor een complete bachelor- of masterstudie in het (bekostigde) hoger onderwijs hebben ingeschreven. Vrijwel alle universiteiten werken samen met Chinese instellingen en duizenden Chinese studenten studeren in Nederland. In studiejaar 2018/’19 stond China op de derde plaats qua herkomstland van ingeschreven internationale studenten in het Nederlandse hoger onderwijs, achter Duitsland en Italië (Nuffic, 2019). Hoewel China een belangrijk herkomstland blijft in absolute aantallen, is het relatieve belang de afgelopen jaren afgenomen. In 2012/’13 waren de Chinese studenten goed voor 8,2 procent van alle internationale studenten in Nederland, maar na 6 jaar is dit aandeel tot 5,3 procent gedaald. Dit betekent dat de internationale studentenpopulatie met andere nationaliteiten in deze periode harder is gegroeid en de diversiteit van nationaliteiten is toegenomen (Nuffic, 2019).

Zoals blijkt uit figuur 4.5.4, is het aantal Chinese studenten in bachelor programma’s gedaald tussen 2013/’14 en 2018/’19, terwijl het aantal Chinese studenten in master programma’s is gestegen. In dezelfde periode is het totaal aantal internationale studenten in hoger onderwijs gestegen in zowel bachelor als master programma’s, zie figuur 4.5.5. Ruim drie kwart van de Chinese studenten ingeschreven in het hoger onderwijs in Nederland voor studiejaar 2018/’19 volgde hun studie aan een universiteit (wo).

4.5.4 Aantal Chinese studenten in het hoger onderwijs in Nederland
Studiejaar Bachelor Master
2013/'14 2475 1723
2014/'15 2331 1907
2015/'16 2154 2143
2016/'17 2019 2295
2017/'18 2028 2411
2018/'19 1963 2512
4.5.5 Aantal internationale studenten in het hoger onderwijs in Nederland1)
Studiejaar Bachelor Master
2013/'14 47611 17333
2014/'15 50401 20073
2015/'16 52264 22834
2016/'17 55966 25636
2017/'18 62329 28280
2018/'19 69368 30885
1) Deze groep is inclusief Homecoming nationals (studenten met de Nederlandse nationaliteit die hun vooropleiding vóór het hoger onderwijs in het buitenland hebben gedaan).

Tabel 4.5.6 laat zien dat de meest populaire universiteiten onder Chinese studenten de Technische Universiteit Delft, Wageningen Universiteit en Universiteit van Amsterdam zijn. De top-3 populairste hogescholen zijn De Haagse Hogeschool, NHL Stenden Hogeschool en Saxion Hogeschool.

4.5.6Verdeling Chinese studenten naar HO instellingen, studiejaar 2018/’19

Chinese studenten op universiteiten (totaal 3 403) %
TU Delft 18,7
Wageningen Universiteit 14,9
Universiteit van Amsterdam 14,2
Rijksuniversiteit Groningen 10,0
Erasmus Universiteit Rotterdam 9,1
Overig 33,2
 
Chinese studenten op hbo’s (totaal 1 072) %
De Haagse Hogeschool 16,5
NHL Stenden Hogeschool 13,0
Saxion Hogeschool 8,9
Hs van Arnhem en Nijmegen 8,6
Hanzehogeschool Groningen 7,6
Overig 45,4

Als we kijken naar de studierichting (volgens de International Standard Classification of Education, ISCED), dan volgde meer dan de helft van de Chinese wo-studenten één van de volgende studie-categorieën: ‘Techniek, industrie en bouwkunde’ en ‘Recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening’ (zie tabel 4.5.7). Wat betreft studenten in hogescholen, blijkt uit de cijfers dat Chinese studenten het vaakst kozen voor opleidingen in de categorie ‘Recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening’.

4.5.7Verdeling Chinese studenten naar studierichtingen, studiejaar 2018/’19

Chinese studenten op universiteiten (totaal 3 403) %
07 Techniek, industrie en bouwkunde 27,3
04 Recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening 27,2
03 Journalistiek, gedrag en maatschappij 15,5
Overig (andere studierichtingen) 30,0
 
Chinese studenten op hbo’s (totaal 1 072) %
04 Recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening 42,0
02 Vormgeving, kunst, talen en geschiedenis 18,9
10 Dienstverlening 17,7
Overig (andere studierichtingen) 21,4

Chinese studenten na het afstuderen

Chinese studenten moeten in Nederland veel meer collegegeld betalen dan Nederlandse studenten of dan studenten afkomstig uit de Europese Economische Ruimte (EER). Voor studenten uit de EER, Zwitserland en Suriname ontvangt een universiteit of hogeschool de rijksbijdrage (net als voor Nederlandse studenten) en daarom moeten deze studenten ongeveer 2 duizend euro per jaar voor hun studie betalen. De collegegeldtarieven voor de meeste wo-bacheloropleidingen voor studenten buiten de EER (o.a. China) liggen tussen de 8 en 15 duizend euro per jaar, en voor de meeste masteropleidingen in het wo tussen de 9 en 20 duizend euro per jaar (CPB, 2019). Ook kunnen Chinese studenten na hun studie niet zonder voorwaarden in Nederland blijven. Om een baan te zoeken of een eigen bedrijf te starten, moeten ze een verblijfsvergunning ‘zoekjaar hoogopgeleiden’ aanvragen via de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND).

We bekijken of Chinese studenten na afstuderen in Nederland blijven en, zo ja, wat zij doen na hun afstuderen. Om dat in kaart te brengen, volgen we 1 370 Chinese alumni die in 2015 hun bachelor- (615 personen) of masterdiploma (755 personen) hebben gehaald aan een Nederlandse hogeschool of universiteit. We koppelen deze personen aan verschillende CBS registersnoot5 drie jaar na het afstuderen. Tabel 4.5.8 laat zien dat de grootste groep van alumni werkzaam is (in loondienst of als zzp’er) in Nederland (ongeveer een derde van de bachelor alumni en rond 40 procent van de master alumni). De tweede grootste groep Chinese alumni is geëmigreerd van Nederland naar een ander land, vaak terug naar China. Ongeveer een vijfde van bachelor alumni volgde in 2018 een nieuwe studie in Nederland. Een klein deel (minder dan 10 procent) van de alumni was in 2018 noch werkzaam noch in opleiding in Nederland. De rest van de alumni stond nog steeds geregistreerd in de Basisregistratie Personen (BRP) maar niet in andere registers (dit is de groep ‘overig’). Vermoedelijk gaat het om personen die al geëmigreerd zijn uit Nederland maar nog niet uitgeschreven zijn uit de BRP, of waarvan de status nog niet verwerkt is in het migratieregister.

4.5.8Chinese studenten drie jaar na het afstuderen (december, 2018)

Bachelor alumni (totaal 615) %
Werkzaam (in loondienst of als zzp’er) in Nederland 33,0
Student in Nederland 21,5
Niet werkzaam én niet als student in Nederland ingeschreven 8,6
Geëmigreerd uit Nederland 26,8
Overig 10,1
 
Master alumni (totaal 755) %
Werkzaam (in loondienst of als zzp’er) in Nederland 39,5
Niet werkzaam én niet als student in Nederland ingeschreven 7,7
Geëmigreerd uit Nederland 37,8
Overig 15,0

Vervolgens zoomen we in op de groep van Chinese alumni in loondienst in Nederland in 2018.noot6 Het grootste deel van deze alumni is actief in de sector ‘Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening’ (21,5 procent). Sectoren ‘Groot- en detailhandel; reparatie van auto’s’ (15,5 procent) en Onderwijs (12,6 procent) zijn ook populair bij Chinese alumni.

Als we de groep alumni, die drie jaar na afstuderen werk in loondienst heeft gevonden, verder volgen, dan zien we dat de Chinese werknemers die in 2015 een bachelordiploma behaald hebben, gemiddeld 16,10 euro per uur (bruto) verdienden in 2018 in Nederland. Zoals te lezen in paragraaf 4.4, is dit lager dan het gemiddelde loon van Chinese werknemers in de leeftijdsgroep tussen 15 en 75 jaar in Nederland, wat verklaarbaar is door de jongere leeftijd. Dat is ook wat minder dan de gemiddelde Nederlandse student die in datzelfde jaar een bachelordiploma heeft behaald; zij verdienden gemiddeld 16,70 euro per uur. Hier is echter niet gecontroleerd voor bedrijfstak, studie en andere factoren die van invloed kunnen zijn op het uurloon van werknemers. Chinese werknemers die in 2015 een masterdiploma hebben behaald, verdienden gemiddeld ook minder dan Nederlandse gediplomeerden uit hetzelfde cohort. Chinese gediplomeerden met een masterdiploma uit 2015 verdienden in 2018 gemiddeld 21,20 euro per uur, terwijl Nederlanders met een masterdiploma gemiddeld 23,70 euro per uur verdienden. De huidige verkennende analyse is niet geschikt om meer te zeggen over de redenen voor deze verschillen in het uurloon.

4.6Samenvatting en conclusie

In dit hoofdstuk is bekeken waar mensen met een Chinese nationaliteit wonen, werken en studeren. Binnen het hoofdstuk is uitgelicht in welke provincie de meeste Chinezen wonen, binnen welke sector Chinese werknemers het vaakst actief zijn en wat zij verdienen. Tot slot is ook ingezoomd op Chinezen binnen het Nederlandse hoger onderwijs, als werknemer of als student.

De Chinese bevolkingsgroep is qua omvang de achtste groep inwoners met een niet-Nederlandse nationaliteit in Nederland geworden. In 2019 telde ons land 36,5 duizend inwoners met de Chinese nationaliteit. Toch maakten de Chinezen in Nederland maar zo’n 0,2 procent van de bevolking uit in 2019. De Chinese bevolking in Nederland telt iets meer vrouwen dan mannen en behoort hoofdzakelijk tot de Nederlandse beroepsbevolking, met een leeftijd tussen 15 en 75 jaar. De meeste Chinezen wonen in de provincies Zuid- en Noord-Holland, waarbij ze een sterke voorkeur hebben voor de grote steden.

Chinese werknemers in 2018 waren het vaakst actief binnen de horeca. Maar liefst 43,2 procent van de Chinese werknemers binnen de onderzoeksgroep werkte in deze sector. Andere sectoren waar Chinezen vaak werkten, volgen op gepaste afstand. Zo werkte 12,5 procent van de Chinese werknemers binnen de handel en 9,2 procent binnen de specialistische zakelijke dienstverlening. Wat betreft leeftijd zijn Chinese werknemers relatief jong. Zo viel maar liefst 48 procent binnen de leeftijdscategorie 26 tot en met 35 jaar. Ook waren er relatief veel Chinezen van 36 tot en met 45 jaar oud, namelijk 27,7 procent.

Gemiddeld genomen verdienden Chinese werknemers in 2018 minder dan Nederlandse en Indiase werknemers. Zo was het gemiddeld uurloon van Chinese werknemers ongeveer 19 euro per uur, terwijl dat voor Nederlandse en Indiase werknemers respectievelijk 23 en 27 euro was. Deze verschillen zijn voor een groot gedeelte afhankelijk van de sector waarin gewerkt wordt. Zo zijn Chinezen bovengemiddeld vaak actief in de horeca, een sector waar de gemiddelde uurlonen over het algemeen lager liggen.

De groep Chinese werknemers bestaat voor een groter gedeelte uit mannen. Zo is ruim 58 procent van de Chinese werknemers man, terwijl dit voor Nederlandse werknemers bijna 52 procent is. Vergeleken met Indiase werknemers is dit aandeel juist laag; van de groep Indiase werknemers was namelijk 75 procent man. Opvallend hierbij is dat vrouwelijke Chinese werknemers gemiddeld gezien meer verdienden dan mannelijke Chinese werknemers, terwijl dit voor de groep Nederlandse en Indiase werknemers juist andersom was.

Onderwijs is een van de meest populaire sectors voor Chinese mensen werkzaam in Nederland. Daarom hebben we gekeken naar 845 Chinese personen werkzaam in 2018 in het hoger onderwijs in Nederland. Chinezen waren sterk vertegenwoordigd in technische universiteiten. Jongere mensen (de gemiddelde leeftijd is 31 jaar) en mannen komen vaak voor in deze groep. Uit een andere databron weten we dat in deze periode ongeveer de helft van deze mensen als promovendus werkte aan één van de Nederlandse universiteiten. De Chinese promovendi vormen ongeveer één tiende van alle internationale werkende promovendi in Nederland en één vijfde van alle niet-Europese promovendi in Nederland.

Vervolgens hebben we de Chinese studentenpopulatie in Nederland in beeld gebracht. In studiejaar 2018/’19 stond China op de derde plaats qua herkomstland van ingeschreven internationale studenten in het Nederlandse hoger onderwijs na Duitsland en Italië. Er waren 4 475 Chinese studenten in het Nederlandse hoger onderwijs (3 403 aan universiteiten en 1 072 aan hogescholen). Opvallend is dat het aantal Chinese studenten in master programma’s is toegenomen terwijl het aantal Chinese studenten in bachelor programma’s is afgenomen tussen studiejaar 2013/’14 en 2018/’19. Meer dan de helft van de Chinese wo-studenten volgde in het studiejaar 2018/’19 één van de volgende ISCED-categorieën: ‘Techniek, industrie en bouwkunde’ en ‘Recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening’. Deze tweede studierichting was ook het vaakst gekozen door studenten op hogescholen.

Veel Chinese promovendi en studenten blijven in Nederland na het afronden van hun opleidingsprogramma’s. Zo bevond 43 procent van de Chinese promovendi zich tien jaar na de afronding van hun promotietraject nog in Nederland. Dat is 10 procentpunt hoger dan de blijfkans van de gemiddelde internationale promovendus in Nederland. We hebben 1 370 Chinese alumni gevolgd die in 2015 hun bachelor- of masterdiploma hebben gehaald aan een Nederlandse hogeschool of universiteit. Meer dan 60 procent van de bachelor-alumni en ongeveer de helft van master-alumni zijn nog woonachtig in Nederland drie jaar na het afronden van hun studie. De meerderheid van deze in ons land gebleven mensen waren werkzaam. Het uurloon van deze Chinese alumni was lager dan van de Nederlandse alumni van hetzelfde cohort. Dit verschil was vooral groot voor mensen met een masterdiploma. Het uurloon van de Chinese master-alumni bedroeg in 2018 zo’n 21,20 euro per uur terwijl dat voor Nederlandse master-alumni 23,70 euro per uur was.

4.7Data en methoden

Om de populatie van Chinese werknemers en studenten te beschrijven, is een microdataset samengesteld op basis van het Stelsel van Sociaal-Statistische Bestanden (SSB). Het SSB bevat databestanden met gegevens over natuurlijke personen, banen, inkomen, onderwijsdeelnemers en andere informatie. Voor de analyses over Chinese werknemers en studenten in dit hoofdstuk, hebben we gegevens uit registraties gekoppeld op persoonsniveau. In de analyses over promovendi gebruiken we als een aparte bron de administratieve gegevens over personeel van de universiteiten aangeleverd door de Vereniging van Universiteiten (VSNU).

Deze cijfers zijn uitsluitend bedoeld om een vergelijking te maken van verschillende groepen werknemers en studenten, en zijn niet bedoeld noch geschikt om als randtotalen of als op zichzelf staande feiten over de Nederlandse bevolking te gebruiken.

Chinese werknemers

Er worden in dit hoofdstuk drie groepen werknemers vergeleken, namelijk mensen woonachtig in Nederland met een Chinese en Indiase nationaliteit en ook Nederlanders van dezelfde leeftijdsgroep. Om deze groepen af te bakenen gebruiken we informatie uit de volgende databronnen voor het verslagjaar 2018 en hanteren we ook de definities in deze bronnen. Concreet gaat het daarbij om de volgende SSB bronnen:

  • Nationaliteitskenmerken van alle in de Basisregistratie Personen (BRP) ingeschreven personen. Nationaliteit is het wettelijk onderdaan zijn van een bepaalde staat (staatsburgerschap);
  • Persoonskenmerken van alle in de BRP ingeschreven personen. Dit bestand bevat algemeen beschrijvende persoonskenmerken zoals geslacht en geboortedatum. Op basis van dit bestand werden de personen geselecteerd in de leeftijd tussen 15 en 75 jaar in 2018 (ook bekend als beroepsbevolking);
  • Banen en lonen op basis van de Polisadministratie. De Polisadministratie is afkomstig van het UWV en op haar beurt gebaseerd op de loonaangiften die bedrijven en uitkeringsinstanties bij de Belastingdienst moeten doen. Op basis van deze gegevens wordt onder meer de groep werknemers in Nederland bepaald, plus de daarbij behorende sectoren en hun loon (bruto). Dit loon is inclusief bijzondere beloning (bedrag) (o.a. vakantiebijslag, eindejaarsuitkeringen, prestatiebeloningen, gratificaties en winstuitkeringen) en het (bruto) bedrag dat aan loon is uitbetaald in verband met overwerk.
  • De groep werknemers in onze analyses is echter geen exacte weerspiegeling van de werkzame bevolking (bijvoorbeeld de groep zelfstandigen is niet opgenomen in onze analyses), maar een weerspiegeling van alle personen die binnen de BRP en de Polisadministratie vallen. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen deeltijd- en voltijdbanen en er is geen rekening gehouden met het feit of de baan de belangrijkste inkomensbron is.

Chinese promovendi

Om Chinese promovendi te beschrijven die werkzaam zijn aan de Nederlandse universiteiten, gebruiken we gegevens uit het bestand Wetenschappelijk Onderwijs Personeelsinformatie van de VSNU voor de periode van 2012–2018 (met peildatum 31 december).

Chinese studenten

De analyses over Chinese studenten en internationale studenten zijn gebaseerd op onderwijsbestanden van het SSB voor de studiejaren van 2013/’14 tot en met 2018/’19. Deze bestanden bevatten informatie over studenten met de BRP registratie net zoals over studenten die niet in de BRP stonden geregistreerd. In de analyses over Chinese afgestudeerden gebruiken we de volgende bronnen van het SSB:

  • Onderwijsdeelnemers in het (bekostigd) onderwijs in Nederland voor de jaargangen 2015–2018;
  • Polisadministratie;
  • Personen sociaaleconomische categorie. Dit bestand bevat gegevens over de sociaaleconomische categorie van personen in een bepaalde maand (met peildatum december 2018). Van de afzonderlijke inkomensbronnen (o.a. salaris, uitkeringen), die aan de afbakening van de sociaaleconomische categorie ten grondslag liggen, wordt aangegeven welk type inkomensbronnen een persoon in de betreffende periode heeft;
  • Migratiegegevens worden gebruikt om uit te zoeken hoeveel Chinese afgestudeerden zijn geëmigreerd uit Nederland na het afronden van hun studie.

4.8Literatuur

Open literatuurlijst

Literatuur

Bouter, S. (2019 23 mei). Chinese studenten in Nederland geven, en ze nemen. NRC. Geraadpleegd op 20 mei 2020.

Boutorat, A, van Gessel-Dabekaussen, G., Lemmers, O., Ramaekers, P., Voncken, R., de Vries, J. & Wong, K. F. (2018). Werkgelegenheid in het kort? In M. Jaarsma & R. Voncken (Red.), Internationaliseringsmonitor 2018, tweede kwartaal: Werkgelegenheid. Den Haag/Heerlen/Bonaire: Centraal Bureau voor de Statistiek.

Buers, C., Klaver, J., Witkamp, B., Duysak, S., Verbeek, E., Bouterse, M. & Mack, A. (2018). Aantrekkelijkheid van Nederland voor kennismigranten: Regioplan beleidsonderzoek. Amsterdam: Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum.

CBS (2019). Arbeidsmigranten in Nederland: nieuwkomers op de voet gevolgd. Den Haag/HeerlenBonaire: Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2020). CBS Internationaliseringsmonitor 2020, eerste kwartaal: Duitsland. Den Haag/HeerlenBonaire: Centraal Bureau voor de Statistiek.

CPB (2015). Blijfkansen van buitenlandse promovendi in Nederland. CPB Background document.

CPB (2019). Economische effecten van internationalisering in het hoger onderwijs en mbo. CPB Notitie. Geraadpleegd op 14 mei 2020.

Kusters, T. & de Vries, B. (2019, 24 februari). 50 000 arbeidsmigranten per jaar erbij: ‘Anders loopt het hartstikke vast’. NOS. Geraadpleegd op 20 mei 2020.

Linder, F., van Oostrom, L., van der Linden, F. & Harmsen, C. (2011). Bevolkingstrends, 4e kwartaal: Chinezen in Nederland in het eerste decennium van de 21ste eeuw. Den Haag/Heerlen/Bonaire: Centraal Bureau voor de Statistiek.

Ministerie van Buitenlandse Zaken (2019). Nederland-China: een nieuwe balans. Geraadpleegd op 12 mei 2020.

Nuffic (2019). Incoming degree student mobility in Dutch higher education 2018–2019.

OECD (2016). Recruiting Immigrant Workers: The Netherlands 2016. Paris: OECD Publishing.

Rathenau Instituut (2018). Nederlandse wetenschap houdt stand in strijd om talent. Geraadpleegd op 20 mei 2020.

VSNU (2014). Nederlandse onderwijs en onderzoek steeds internationaler. Nieuwsbericht.

Noten

Personen kunnen meerdere nationaliteiten hebben. Om dubbeltellingen te voorkomen wordt in statistische overzichten aan personen die meerdere nationaliteiten hebben, slechts één nationaliteit toegekend. Daartoe worden prioriteringsregels gesteld. Die komen erop neer dat iemand met de Nederlandse nationaliteit in de statistiek steeds Nederlander is. Voor mensen die niet de Nederlandse nationaliteit bezitten, geldt de volgorde: nationaliteit van één van de Benelux-landen (België, Nederland en Luxemburg), nationaliteit van een staat binnen de Europese Unie, andere Europese nationaliteit, niet-Europese nationaliteit.

Let op dat hier alleen gesproken wordt over werknemers, zzp’ers vallen hier dus grotendeels buiten. Inclusief zzp’ers zal dit aantal nog hoger uitvallen.

Sector is ook meegenomen in de regressie, maar niet weergegeven in de figuur.

Er zijn geen gegevens beschikbaar voor Universiteit Utrecht in 2018 (als vervangende waarde is de laatst beschikbare waarde van 2015 gebruikt). Promovendi in de academische ziekenhuizen (Universitair Medisch Centrum) vallen buiten deze groep.

(1) Personen sociaaleconomische categorie; (2) Onderwijsdeelnemers; (3) Migratiegegevens; (4) Polisadministratie.

Hier is geen uitsplitsing gemaakt tussen bachelor alumni en master alumni.

Colofon

Deze website is ontwikkeld door het CBS in samenwerking met Textcetera Den Haag.
Heb je een vraag of opmerking over deze website, neem dan contact op met het CBS.

Disclaimer en copyright

Cookies

CBS maakt op deze website gebruik van functionele cookies om de site goed te laten werken. Deze cookies bevatten geen persoonsgegevens en hebben nauwelijks gevolgen voor de privacy. Daarnaast gebruiken wij ook analytische cookies om bezoekersstatistieken bij te houden. Bijvoorbeeld hoe vaak pagina's worden bezocht, welke onderwerpen gebruikers naar op zoek zijn en hoe bezoekers op onze site komen. Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in het functioneren van de website om zo de gebruikerservaring voor u te kunnen verbeteren. De herleidbaarheid van bezoekers aan onze website beperken wij zo veel mogelijk door de laatste cijfergroep (octet) van ieder IP-adres te anonimiseren. Deze gegevens worden niet gedeeld met andere partijen. CBS gebruikt geen trackingcookies. Trackingcookies zijn cookies die bezoekers tijdens het surfen over andere websites kunnen volgen.

De geplaatste functionele en analytische cookies maken geen of weinig inbreuk op uw privacy. Volgens de regels mogen deze zonder toestemming geplaatst worden.

Meer informatie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/telecommunicatie/vraag-en-antwoord/mag-een-website-ongevraagd-cookies-plaatsen

Leeswijzer

Verklaring van tekens

. Gegevens ontbreken
* Voorlopig cijfer
** Nader voorlopig cijfer
x Geheim
Nihil
(Indien voorkomend tussen twee getallen) tot en met
0 (0,0) Het getal is kleiner dan de helft van de gekozen eenheid
Niets (blank) Een cijfer kan op logische gronden niet voorkomen
2019–2020 2019 tot en met 2020
2019/2020 Het gemiddelde over de jaren 2019 tot en met 2020
2019/’20 Oogstjaar, boekjaar, schooljaar enz., beginnend in 2019 en eindigend in 2020
2017/’18–2019/’20 Oogstjaar, boekjaar, enz., 2017/’18 tot en met 2019/’20

In geval van afronding kan het voorkomen dat het weergegeven totaal niet overeenstemt met de som van de getallen.

Over het CBS

De wettelijke taak van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is om officiële statistieken te maken en de uitkomsten daarvan openbaar te maken. Het CBS publiceert betrouwbare en samenhangende statistische informatie, die het deelt met andere overheden, burgers, politiek, wetenschap, media en bedrijfsleven. Zo zorgt het CBS ervoor dat maatschappelijke debatten gevoerd kunnen worden op basis van betrouwbare statistische informatie.

Het CBS maakt inzichtelijk wat er feitelijk gebeurt. De informatie die het CBS publiceert, gaat daarom over onderwerpen die de mensen in Nederland raken. Bijvoorbeeld economische groei en consumentenprijzen, maar ook criminaliteit en vrije tijd.

Naast de verantwoordelijkheid voor de nationale (officiële) statistieken is het CBS ook belast met de productie van Europese (communautaire) statistieken. Dit betreft het grootste deel van het werkprogramma.

Voor meer informatie over de taken, organisatie en publicaties van het CBS, zie cbs.nl.

Contact

Met vragen kunt u contact opnemen met het CBS.

Medewerkers

Auteurs

Sarah Creemers

Dennis Cremers

Marjolijn Jaarsma

Alex Lammertsma

Tom Notten

Tim Peeters

Janneke Rooyakkers

Iryna Rud

Roger Voncken

Redactie

Sarah Creemers

Marjolijn Jaarsma

Alex Lammertsma

Roger Voncken

Eindredactie

Sarah Creemers

Marjolijn Jaarsma

Roger Voncken

Dankwoord

We danken de volgende personen voor hun constructieve bijdrage aan deze editie van de Internationaliseringsmonitor:

Marcel van den Berg

Elijah Cats

Loe Franssen

Marijke Hartgers

Richard Jollie

Irene van Kuik

Oscar Lemmers

Anouschka van der Meulen

Martin Nieuwenhuizen

Petra Pieck

Carla Sebo

Roos Smit

Sandra Vasconcellos

Gabriëlle de Vet

Hans Westerbeek

Karolien van Wijk

Khee Fung Wong

Hendrik Zuidhoek