Foto omschrijving: Zonnig terras vol mensen voor Hotel New York – Gebouw Holland Amerika Lijn.

Trends in de Nederlands-Amerikaanse handel

Auteurs: Tom Notten, Roger Voncken

De Nederlandse export is goed voor ongeveer één derde van het bruto binnenlandse product (bbp) en daarmee dus een belangrijk onderdeel van het Nederlandse verdienmodel. Als grootste economie van de wereld heeft de Verenigde Staten een grote invloed op de mondiale handel en ook op ons land. Maar omgekeerd is Nederland ook een belangrijke handelspartner voor de VS. In dit hoofdstuk wordt de bilaterale goederen- en dienstenhandel tussen de twee landen nader belicht. Dit wordt vanuit het Nederlandse perspectief gedaan, maar ook vanuit een Amerikaans perspectief.

3.1Inleiding

De economieën van de Verenigde Staten en Nederland zijn nauw met elkaar verbonden. Geen enkel ander land investeert meer in ons land dan de VS. En hoe klein ons land wellicht ook is, het is de vijfde grootste investeerder in de Verenigde Staten (Bureau of Economic Analysis, 2018a; OESO, 2019). Ook op het gebied van handel weten de landen elkaar goed te vinden. Zo vormt Nederland de achtste belangrijkste exportbestemming voor Amerikaanse goederen, terwijl de VS de belangrijkste leverancier is van diensten voor ons land.

Decennialang hebben de Verenigde Staten en Nederland zij aan zij gestaan als sterke pleitbezorgers van vrije handel en het reduceren van handelsbelemmeringen. Echter, de wereld om ons heen verandert. Internationale politieke en economische verhoudingen staan recentelijk meer en meer op scherp. Aan de ene kant convergeren nationale economieën en raken ze steeds meer verweven in internationale waardeketens, aan de andere kant neemt tegelijkertijd het protectionisme toe (Kaag, 2018). Handelsbetrekkingen die vroeger niet of nauwelijks ter discussie stonden, zijn niet langer vanzelfsprekend. Ook de relatie tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie, en daarmee met Nederland, staat onder druk. Zo wordt sinds kort over en weer importheffingen doorgevoerd om de eigen economie te beschermen (Cordemans et al., 2018; Isitman, 2018; Ritzen & Paauwe, 2018; Niewold, 2019).

Voldoende aanleiding dus om de handel tussen de Verenigde Staten en Nederland eens beter onder de loep te nemen. De vraag die daarbij in dit hoofdstuk centraal staat is; hoe ontwikkelt de handel in goederen en diensten zich tussen de twee landen en waaruit bestaat deze precies? We analyseren deze vraag zowel vanuit het Nederlandse als het Amerikaanse perspectief. Zo wordt niet alleen duidelijk hoe belangrijk de Verenigde Staten is voor ons land, maar ook omgekeerd. Hiervoor maken we gebruik van data afkomstig van US Census Bureau, het Amerikaanse agentschap dat de internationale handel van de VS bijhoudt.

In oppervlakte als in aantal inwoners zijn de Verenigde Staten het derde grootste land van de wereld. Qua economie zijn de Verenigde Staten de grootste economie ter wereld. De Verenigde Staten zijn echter geen uniforme economie. De vijftig Amerikaanse federale staten – plus een speciaal federaal district als hoofdstad – verschillen onderling sterk. Zo verschilt het economisch profiel – en als gevolg daarvan de handel – van een landelijke staat als Alaska enorm van dat van staten als Californië, Texas en New York. Maar ook tussen de laatstgenoemde staten bestaan de nodige verschillen. In de berichtgeving over de bilaterale handel tussen Nederland en de VS wordt echter vrijwel uitsluitend op nationaal niveau geschreven. Daarom analyseren we de Verenigde Staten op het niveau van de federale staten, voor zover hier data van voorhanden is.

Samengevat staan de volgende onderzoeksvragen centraal in dit hoofdstuk:

  1. Hoe heeft de bilaterale goederenhandel tussen de Verenigde Staten en Nederland zich ontwikkeld, wat is de samenstelling van deze goederenhandel en wat is het belang hiervan voor Nederland?
  2. Wat is het belang van de Amerikaans-Nederlandse goederenhandel voor de Verenigde Staten, welke federale staten handelen het meest met Nederland, en wat zijn de belangrijkste Nederlandse producten voor elke staat?
  3. Hoe heeft de bilaterale dienstenhandel tussen de Verenigde Staten en Nederland zich ontwikkeld, wat is de samenstelling van deze dienstenhandel en wat is het belang hiervan voor Nederland?
  4. Wat is het belang van de Amerikaans-Nederlandse dienstenhandel voor de Verenigde Staten?

Leeswijzer

Dit hoofdstuk is als volgt opgebouwd. Paragraaf 3.2 beschrijft de bilaterale goederenhandel met de VS vanuit Nederlands perspectief. Vervolgens gaat paragraaf 3.3 dieper in op de bilaterale goederenhandel vanuit Amerikaans perspectief. Door gebruik te maken van Amerikaanse data is het mogelijk om in deze paragraaf een uitsplitsing van de handel naar afzonderlijke federale staten te presenteren. Paragraaf 3.4 geeft een gedetailleerd overzicht van de bilaterale dienstenhandel met de VS vanuit Nederlands perspectief. Vanuit het Amerikaanse perspectief wordt de dienstenhandel beschreven in paragraaf 3.5. Paragraaf 3.6 vat dit hoofdstuk samen en presenteert enkele conclusies. Ten slotte beschrijft paragraaf 3.7 de data en methoden die in dit hoofdstuk zijn gebruikt.

€ 19,8 mld aan goederen exporteerde Nederland naar de VS in 2017
€ 14,6 mld aan diensten exporteerde Nederland naar de VS in 2017

3.2Nederlands-Amerikaanse goederenhandel vanuit Nederlands perspectief

De Verenigde Staten zijn de grootste economie ter wereld en zijn een belangrijke handelspartner van Nederland. In 2017 ging ruim 4 procent van de Nederlandse goederenexport en ruim 7,5 procent van de dienstenexport naar de VS en was meer dan 7,5 procent van de Nederlandse goederenimport en ruim 11 procent van de dienstenimport uit de VS afkomstig. De huidige protectionistische Amerikaanse handelspolitiek kan de Nederlandse export beïnvloeden, zowel direct als indirect via internationale waardeketens. Op deze indirecte relaties en waardeketens zal hoofdstuk 4 van deze publicatie verder in gaan.

In de afgelopen 30 jaar is zowel de import van goederen uit de VS als de export van goederen naar de VS sterk in waarde toegenomen, zie figuur 3.2.1. De gemiddelde jaarlijkse groei van de goederenimport uit de VS was met 5,6 procent vrijwel gelijk aan de gemiddelde jaarlijkse groei van de goederenexport naar de VS die 5,7 procent bedroeg. De export naar de VS hield vrijwel gelijke tred met de totale Nederlandse gemiddelde exportgroei over deze periode. In 2017 bedroeg de Nederlandse uitvoer van goederen naar de VS bijna 19,8 miljard euro, waarvan 72,1 procent bestond uit uitvoer van Nederlandse makelij. In datzelfde jaar bedroeg de invoer van goederen uit de VS 30,9 miljard euro. In de eerste tien maanden van 2018 nam de goederenexport naar de VS toe met 14,5 procent, voornamelijk door een sterke groei van machines en vervoermaterieel. De invoer groeide tussen januari en oktober 2018 met 5,6 procent.

Nederland importeert al jarenlang meer dan dat het exporteert naar de VS, waardoor het tekort op de Nederlandse goederenhandelsbalans met de VS fors is gegroeid: van 2,3 miljard euro in 1987 tot 11,1 miljard euro in 2017. De VS heeft dus een overschot op de goederenbalans met Nederland. Dit staat in groot contrast tot het beeld van de totale internationale handel van de VS. De VS hebben het grootste handelstekort in de wereld. Het tekort op de handelsbalans bedroeg maar liefst 763 miljard euro in 2017. Het totale tekort van de VS op de handelsbalans is met bijna 47 procent toegenomen sinds 2010 en bijna 62 procent ten opzichte van 2000.

De internationale handel is de laatste decennia fors gegroeid door toegenomen globalisering en doordat er sprake is van inflatie. Door inflatie neemt de waarde van de handel bij gelijkblijvende volumes automatisch toe. Daarom is het nodig om de gepresenteerde groei in perspectief te plaatsen. Dat kan door de Nederlandse handel met de VS als percentage van totale handelsstromen te presenteren. Uit figuur 3.2.2 blijkt dat het aandeel van de VS in de totale Nederlandse goederen­invoer sinds de eeuwwisseling is afgenomen. Het aandeel van de VS in de totale Nederlandse goederenuitvoer bereikte een piek in 2006, maar is sindsdien gedaald en schommelt de laatste jaren net boven de 4 procent.

Wederuitvoer heeft grote impact op handelsbalans

Zoals eerder vermeld heeft Nederland een fors tekort op de goederenhandelsbalans met de VS. In 2017 bedroeg het Nederlandse handelstekort ongeveer 11,1 miljard euro. Echter, uit eerder CBS-onderzoek blijkt dat wederuitvoerstromen de handelsbalans met de VS behoorlijk verstoren (CBS, 2018). Nederland heeft in Europa een belangrijke distributiefunctie voor geïmporteerde goederen uit de VS. In 2016, was ongeveer 62 procent van de invoer uit de VS bestemd voor wederuitvoer. Dat betekent dat Amerikaanse goederen – zonder of na een eventuele lichte bewerking – weer door Nederland worden uitgevoerd naar andere landen. Ook de export naar de VS bestaat voor een aanzienlijk deel uit wederuitvoer: ongeveer één derde van de Nederlandse goederenuitvoer naar de VS bestaat uit wederuitvoer. Als alleen rekening wordt gehouden met de invoer voor Nederlands gebruik en met de export van Nederlandse makelij, dan is het tekort op de handelsbalans in 2016 aanzienlijk kleiner: ongeveer 600 miljoen euro.

Machines dominant in handel met VS

Van alle producten die Nederland naar het buitenland exporteert, verdient Nederland het meest aan machines (CBS, 2017a). En machines, zoals telefoons en telecommunicatieapparatuur, vormen een belangrijk aandeel in de Nederlandse uitvoer van goederen naar de Verenigde Staten. De uitvoer van chipmachines en onderdelen voor chipmachines domineren in de uitvoer van Nederlandse makelij. Ook chemische producten vormen een aanzienlijk deel van de uitvoer van Nederlands geproduceerde goederen met als bestemming de VS, alhoewel dit in relatieve termen minder is dan in de periode voor de kredietcrisis. Deze uitvoer bestaat uit producten zoals isotopen en farmaceutische producten. De uitvoer van in Nederland geproduceerde fabricaten is relatief sterk toegenomen in de periode 2007–2017. Voorbeelden van zulke fabricaten zijn gewrichtsprothesen en producten van ijzer en staal. De categorie voeding en dranken wordt sterk gedomineerd door de uitvoer van bier.

Machines vormen eveneens een groot deel van de Nederlandse invoer van goederen uit de VS, zie figuur 3.2.4. Echter, in vergelijking met tien jaar geleden importeert Nederland relatief minder machines. Ook chemische producten hebben nog steeds een aanzienlijk aandeel in de Nederlandse importstructuur uit de VS, alhoewel relatief minder dan voor de kredietcrisis. Deze categorie bestaat grotendeels uit farmaceutische producten. Daartegenover staat dat Nederland relatief meer fabricaten is gaan invoeren uit de VS, zoals medische instrumenten en apparatuur. Het aandeel van minerale brandstoffen in de Nederlandse importstructuur uit de VS is toegenomen, voornamelijk dankzij een sterke toegenomen invoer van ruwe aardolie. Nederland importeert minder steenkool dan tien jaar geleden. De relatieve toename van de invoer van vervoermaterieel is te danken aan een hogere import van vliegtuigen en vliegtuigonderdelen. Tegelijkertijd importeerde Nederland minder Amerikaanse personenauto’s.

Om een duidelijker beeld te krijgen van de belangrijkste goederen die worden verhandeld met de VS, is in tabel 3.2.5 voor 2007 en 2017 een top tien voor zowel de invoer, uitvoer als de uitvoer van Nederlandse makelij gegeven. Het jaar 2007 wordt hier gekozen, omdat dit het jaar is dat de kredietcrisis uitbrak waarop een sterke daling van de wereldhandel volgde.

Bij de importproducten voeren medische instrumenten en apparaten de lijst aan. Nederland importeerde voor een bedrag van bijna 2,5 miljard euro aan deze producten in 2017. Ten opzichte van 2007 is de invoerwaarde van medische instrumenten uit de VS meer dan verdubbeld. Telefoons en andere telecommunicatieapparatuur vormen de op één na grootste categorie met een ingevoerde waarde van meer dan 2,3 miljard euro. In 2007 was deze categorie nog de grootste toen Nederland voor meer dan 5 miljard euro aan telefoons en andere telecommunicatieapparatuur uit de VS importeerde. Op de derde plaats staan vliegtuigen en vliegtuigonderdelen voor een bedrag van ruim 2 miljard euro. In 2007 stond deze categorie nog niet in de top tien.

De uitvoer van Nederlandse makelij naar de VS wordt gedomineerd door chipmachines en onderdelen daarvan. In 2017 werden voor meer dan 1,3 miljard euro van deze producten naar de VS geëxporteerd. Op de tweede plaats staan geraffineerde aardolieproducten waarvan de uitgevoerde waarde ten opzichte van 2007 in waarde halveerde. Deze waardevermindering wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere exportvolumes, hoewel er ook een prijsdaling heeft plaatsgevonden. Bier nam de derde plaats in; vergeleken met 2007 vond er een kleine afname in de uitgevoerde waarde van bier plaats. Op de zesde plaats staan gewalste platte producten van ijzer en staal. Vanaf 1 juni 2018 gelden hogere Amerikaanse invoerheffingen op producten in deze categorie (WTO, 2018a).

3.2.5Top 10 producten in de goederenhandel met de VS

Invoer uit VS, 2007 Mln euro
1 Telefoons, telecommunicatie 5 094
2 Geneesmiddelen 1 866
3 Medische instrumenten en apparaten 1 173
4 Computers 742
5 Straalmotoren en andere gasturbines 675
6 Elektro-medische en radiologische apparaten 660
7 Meet-, controle- en analyse-instrumenten 601
8 Koolwaterstoffen (niet gasvormig) 588
9 Radioactief en aanverwant materiaal 566
10 Organische verbindingen 497
 
Uitvoer naar VS, 2007 Mln euro
1 Geraffineerde aardolieproducten 2 704
2 Medicinale en farmaceutische producten 1 724
3 Chipmachines en onderdelen daarvan 880
4 Bier 772
5 Radioactief en aanverwant materiaal 697
6 Elektro-medische en radiologische apparaten 621
7 Straalmotoren en andere gasturbines 561
8 Koolwaterstoffen (niet gasvormig) 420
9 Computeronderdelen 410
10 Geneesmiddelen 363
 
Uitvoer Nederlandse makelij naar VS, 2007
1 Geraffineerde aardolieproducten 2 079
2 Bier 772
3 Chipmachines en onderdelen daarvan 750
4 Radioactief en aanverwant materiaal 693
5 Koolwaterstoffen (niet gasvormig) 369
6 Elektro-medische en radiologische apparaten 367
7 Ruwe plantaardige producten 335
8 Straalmotoren en andere gasturbines 264
9 Medicinale en farmaceutische producten 243
10 Alcoholvrije dranken 226
 
Invoer uit VS, 2017
1 Medische instrumenten en apparaten 2 461
2 Telefoons, telecommunicatie 2 323
3 Vliegtuigen en onderdelen daarvan 2 057
4 Medicinale en farmaceutische producten 1 793
5 Computers 968
6 Meet-, controle- en analyse-instrumenten 882
7 Geraffineerde producten van aardolie 875
8 Andere chemische producten n.a.g. 777
9 Straalmotoren en andere gasturbines 776
10 Auto-onderdelen 776
 
Uitvoer naar VS, 2017 Mln euro
1 Geraffineerde aardolieproducten 1 777
2 Chipmachines en onderdelen daarvan 1 345
3 Vliegtuigen en onderdelen daarvan 777
4 Bier 677
5 Telefoons, telecommunicatie 740
6 Personenauto’s 613
7 Straalmotoren en andere gasturbines 446
8 Elektro-medische en radiologische apparaten 441
9 Medische instrumenten en apparaten 411
10 Ruwe plantaardige producten, n.a.g. 401
 
Uitvoer Nederlandse makelij naar VS, 2017
1 Chipmachines en onderdelen daarvan 1 322
2 Geraffineerde aardolieproducten 1 027
3 Bier 677
4 Personenauto’s 605
5 Ruwe plantaardige producten 322
6 Gewalste platte producten van ijzer of staal 322
7 Radioactief en aanverwant materiaal 301
8 Vliegtuigen en onderdelen daarvan 273
9 Elektro-medische en radiologische apparaten 260
10 Meet-, controle- en analyse instrumenten 256

Bron:CBS.

De staal en aluminiumproducten waarvoor sinds 1 juni 2018 verhoogde Amerikaanse importheffingen gelden, representeerden in 2017 een waarde van bijna 622 miljoen euro (U.S. Department of Commerce, 2018a; 2018b). Het overgrote deel van deze goederen bestond uit ijzer en staal, namelijk 94 procent. Van het naar de VS uitgevoerde ijzer en staal waarvoor nu hogere importheffingen gelden, bestond maar liefst 97 procent uit producten van Nederlandse makelij. Voor aluminiumproducten was dit 67 procent. De VS was de op drie na belangrijkste markt voor deze producten van Nederlandse makelij, met een aandeel van bijna 8 procent. Voor staalproducten is de VS zelfs de derde belangrijkste afzetmarkt met een aandeel van ruim 9 procent. Cijfers van juni tot en met november 2018 laten (nog) geen afname zien van de uitvoer van Nederlandse makelij naar de VS van de goederen waarvoor nu hogere Amerikaanse invoerheffingen gelden.

Handel in hightech goederen met de Verenigde Staten

In 2017 exporteerde Nederland voor bijna 5,7 miljard euro aan hightech goederen naar de VS. Daarmee was de VS na Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk de belangrijkste afzetmarkt voor de Nederlandse export van hightech goederen. Ruim 37 procent van de waarde van naar de VS geëxporteerde hightech goederen bestaat echter uit wederuitvoer. Alleen kijkend naar de uitvoer van Nederlandse makelij is de VS de tweede belangrijkste afzetmarkt na Zuid-Korea voor hightech goederen. Met een waarde van bijna 3,6 miljard euro omvatte de uitvoer van hightech goederen van Nederlandse makelij naar de VS 13,3 procent van de totale uitvoer van hightech goederen van Nederlandse makelij in 2017.

Het zijn de categorieën machines en wetenschappelijke instrumenten die de uitvoer van hightech goederen van Nederlandse makelij naar de VS domineren met aandelen van respectievelijk 39 procent en 34 procent in de totale hightech uitvoer van Nederlandse makelij naar de VS.

Tabel 3.2.7 laat zien welke goederen in de Nederlandse export het meest gericht zijn op de export naar de VS. Inclusief wederuitvoer gaat het om de volgende goederen: kunstvoorwerpen (51 procent naar de VS), gedroogde, gerookte of gezouten vis (47 procent), bier (40 procent) en radioactief en aanverwant materiaal, zoals isotopen (40 procent). Voor deze producten is de Amerikaanse markt dus erg belangrijk. Te zien is dat het aandeel daarna snel daalt. Deze rangschikking verschilt nauwelijks als alleen gekeken wordt naar de uitvoer van Nederlandse makelij.

3.2.7Top 10 meest op de VS gerichte exportgoederen, 2017

Totale uitvoer Uitvoer naar VS Aandeel VS
Mln euro %
1 Kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten 110 57 51
2 Gedroogde, gerookte of gezouten vis 113 54 47
3 Bier 1 684 677 40
4 Radioactief en aanverwant materiaal 765 303 40
5 Luchtvaartuigen en delen daarvan 2 008 777 39
6 Wapens en munitie 81 21 26
7 Looi- en verfextracten; synthetische looistoffen 149 38 25
8 Synthetische textielvezels 92 18 20
9 Optische instrumenten en apparaten 902 161 18
10 Elektro-medische en radiologische apparaten 2 790 441 16

Bron:CBS.

Noot: Ondergrens van minimaal 10 miljoen euro ten aanzien van uitvoer naar de Verenigde Staten.

51% van alle kunst die Nederland exporteert heeft de VS als bestemming Buitenvorm Binnenvorm

In de top tien van minst op de VS gerichte exportgoederen van Nederlandse makelij vallen vooral kunststoffen op, maar ook diverse voedselproducten, tabaksfabricaten, drukwerk, artikelen van papier en karton en schepen, zie figuur 3.2.8. Met uitzonde­ring van papier en karton en schepen, zijn dit producten met bovengemiddelde Amerikaanse importheffingen (WTO, 2018b).

3.2.8Top 10 minst op de VS gerichte exportgoederen, alleen Nederlandse makelij, 2017

Totale uitvoer Uitvoer NL makelij naar VS Aandeel VS
Mln euro %
1 Ander vlees en eetbaar slachtafval 4 211 19 0,4
2 Artikelen van papier of karton 2 025 21 1,0
3 Polymeren van ethyleen, in primaire vormen 2 331 24 1,0
4 Bereide voedingsmiddelen n.a.g. 4 608 49 1,1
5 Drukwerk 1 219 16 1,3
6 Alcoholvrije dranken n.a.g. 1 076 14 1,3
7 Tabaksfabricaten 967 14 1,4
8 Veevoeder 2 940 43 1,5
9 Polymeren van styreen, in primaire vormen 1 073 17 1,5
10 Schepen en boten 1 999 32 1,6

Bron:CBS.

Noot: Ondergrens van minimaal 10 miljoen euro ten aanzien van uitvoer van Nederlandse makelij naar de Verenigde Staten.

3.3Nederlands-Amerikaanse goederenhandel vanuit Amerikaans perspectief

In tegenstelling tot de vorige paragraaf kijken we in deze paragraaf vanuit het perspectief van de Verenigde Staten naar de goederenhandel met Nederland. De VS mogen dan wel de belangrijkste niet-Europese handelspartner van Nederland zijn, maar hoe belangrijk is de goederenhandel met ons land voor de VS? Door gebruik te maken van gegevens van het Amerikaanse statistiekbureau – US Census Bureau – is het tevens mogelijk om op het niveau van de federale staten te achterhalen waar de goederen uit Nederland terecht komen, en waar de Amerikaanse goederen bestemd voor ons land vandaan komen. Nederlandse cijfers beschikken niet over dit detailniveau.

Belang van Nederland neemt langzaam af

De VS importeerden in 2017 de meeste goederen uit China, Canada en Mexico. De top vijf wordt gecompleteerd door Japan en Duitsland. Nederland volgt op een tweeëntwintigste plek in deze lijst. Het belang van Nederland als herkomstland van producten voor de Amerikaanse markt is redelijk stabiel, al is het belang gedurende het laatste decennium iets afgenomen. Vanaf 2011 nam het belang van Nederland af van 1,1 procent tot 0,8 procent in 2017, zie figuur 3.3.1. De afname werd voor­namelijk veroorzaakt door een sterk verminderde invoerwaarde van geraffineerde aardolieproducten. Tot aan het eind van de kredietcrisis nam het belang van Nederland als herkomstland van goederen nog langzaam toe.

Nederland is belangrijker als afnemer dan als leverancier voor de VS. In 2017 nam Nederland de 8e plaats in op de ranglijst van belangrijkste exportbestemmingen van de VS. Canada, Mexico en China zijn ook de drie belangrijkste landen wat betreft bestemming van Amerikaanse goederen. Uit figuur 3.3.1 blijkt echter dat het belang van Nederland als bestemmingsland van Amerikaanse producten ook afneemt in de laatste tien jaar. Sinds de kredietcrisis is het aandeel van Nederland als exportpartner gedaald van ruim 3 procent in 2007 naar minder dan 2,7 procent in 2017. Dit afnemend belang is te verklaren doordat de waarde van de Amerikaanse goederenexport naar Nederland minder hard groeit dan de waarde van de Amerikaanse goederen bestemd voor andere delen van de wereld.

Texas belangrijkste staat voor goederenhandel

Het US Census Bureau houdt – zoals eerder aangehaald – niet alleen op nationaal, maar ook op het niveau van de federale staten de internationale handel in goederen bij. Van alle Amerikaanse staten importeert Texas de meeste goederen uit Nederland, zie figuur 3.3.2. Meer dan 10 procent van de goederenwaarde die Nederland aan de VS levert, heeft Texas als (eind)bestemming. Op kleine afstand volgt de staat New Jersey met een aandeel van bijna 10 procent, daarna Californië (bijna 9 procent), New York (meer dan 7 procent), Illinois (bijna 5 procent) en Georgia (bijna 5 procent). Deze economieën zijn qua omvang vergelijkbaar met respectievelijk Canada, Taiwan, het Verenigd Koninkrijk, Zuid-Korea, Nederland en Zweden (Perry, 2018). Het zijn dus vooral de staten met de grootste economische activiteit die de meeste goederen uit Nederland importeren.

030302 0,0% tot 1,0% 1,0% tot 2,0% 2,0% tot 3,0% 3,0% tot 4,0% 5,0% of meer B r on: US C ensus Bu r e au; eigen be r ekeningen . W A OR ID N V M T W Y ND SD NE K S OK NM AZ CA AK HI TX AR MO IA MN WI IL IN OH MI P A W V K Y TN AL MS LA GA SC FL NC V A V T N Y ME NH MA C T RI NJ DE MD DC C O U T

Interpretatie regionale gegevens van de Verenigde Staten

Bij het interpreteren van deze cijfers is het van belang om te weten dat in de Amerikaanse handelsstatistieken de federale staten niet noodzakelijkerwijs de staten zijn waar de goederen daadwerkelijk geproduceerd worden, of de staten waarvandaan de goederen naar het buitenland worden gestuurd of juist ontvangen worden. Echter, in de staat die opgenomen zijn in de Amerikaanse statistieken, bevindt zich het begin- of eindpunt van de internationale handels­reis. In veel gevallen betreft dit een distributiecentrum, waar goederen bijvoorbeeld in een container worden geplaatst of juist uit een container worden gehaald.

Een voorbeeld: er worden goederen in Pennsylvania geproduceerd, deze goederen worden vervolgens in een distributiecentrum in New Jersey gereed gemaakt voor internationaal transport en verlaten de Verenigde Staten via de haven van New York. De uitvoer van deze goederen wordt dan in zijn totaliteit toegekend aan de staat New Jersey. Omgekeerd geldt hetzelfde. Wanneer goederen via de haven van New York de Verenigde Staten binnenkomen, doorgestuurd worden naar een distributiecentrum in New Jersey en uiteindelijk geconsumeerd worden in Pennsylvania, dan komt de import New Jersey toe. Voor meer informatie zie paragraaf 3.7.

Uiteraard speelt ook de aanwezigheid van internationale zee- en luchthavens een belangrijke rol bij de verdeling van de Nederlands-Amerikaanse handel over de staten. Kijken we puur naar de zee- en luchthavens waar de goederen afkomstig van Nederland de Verenigde Staten binnenkomen, dan blijkt dat dit met name geschiedt via de zeehavens aan de Amerikaanse oostkust. Meer dan 14 procent van de Nederlandse goederenimport komt de VS binnen via de zeehaven van Newark in de staat New Jersey, gevolgd door de havens van Chicago (Illinois) en Houston (Texas) met respectievelijke aandelen van 8 procent en 7 procent. Het belangrijkste vliegveld voor luchtvracht met goederen uit Nederland is JFK International Airport in de staat New York met een aandeel van bijna 7 procent in de totale invoer uit Nederland.

Voor meer dan de helft van de staten bleef het belang van Nederland in de invoer min of meer gelijk in de afgelopen 10 jaar. Voor de staten Oregon en Delaware is Nederland sinds het begin van de kredietcrisis, in 2007, een belangrijkere leverancier geworden. De toename in Oregon werd voornamelijk veroorzaakt door een sterke toename van de invoer van chipmachines en onderdelen daarvan, terwijl de toename in Delaware werd veroorzaakt door grotere invoerwaardes van medicinale en farmaceutische producten. Tegelijkertijd nam het belang van ingevoerde goederen uit Nederland in dezelfde periode af in de staten Rhode Island, Florida, Arizona en South Carolina. In Rhode Island en Florida was dat met name te verklaren door een sterk verminderde invoer van geraffineerde olieproducten, in Arizona werden minder chipmachines ingevoerd en in South Carolina was er een sterke afname van uit Nederland ingevoerd verrijkt uranium.

Van alle Amerikaanse staten exporteren Texas en Californië het meest naar Nederland. Ruim 18 procent van de Texaanse export en bijna 15 procent van export van Californië is bestemd voor Nederland, zie figuur 3.3.3. Dit zijn ook qua economiegrootte de belangrijkste staten van het land. Op grote afstand volgen de staten Louisiana met een aandeel van ruim 6 procent van hun export, Illinois en Washington (ruim 4 procent) en Pennsylvania en New Jersey (bijna 4 procent).

030303 0,0% tot 1,0% 1,0% tot 2,0% 2,0% tot 3,0% 3,0% tot 4,0% 5,0% of meer B r on: US C ensus Bu r e au; eigen be r ekeningen . W A OR ID N V M T W Y ND SD NE K S OK NM AZ CA AK HI TX AR MO IA MN WI IL IN OH MI P A W V K Y TN AL MS LA GA SC FL NC V A V T N Y ME NH MA C T RI NJ DE MD DC C O U T

Bijna 11 procent van de Amerikaanse export met als bestemming Nederland wordt bij de douane uitgeklaard in de haven van Houston (Texas), gevolgd door de haven van New Orleans (Louisiana) met een aandeel van bijna 7 procent en de haven van Chicago (Illinois) met een aandeel van meer dan 6 procent. Het belangrijkste vlieg­veld voor luchtvracht met Amerikaanse export naar Nederland is net als voor de import JFK International Airport in de staat New York met een aandeel van bijna 6 procent.

Belang van Nederland voor goederenexport van staten varieert

Het belang van Nederland in de goederenuitvoer kent op statenniveau grotere schommelingen dan op nationaal niveau. Voor bijna de helft van het aantal staten nam het aandeel van Nederland als exportbestemming af. De grootste afnames werden gerapporteerd door de staten Rhode Island, Massachusetts en Montana. In Rhode Island was de afname van het aandeel van Nederland als exportmarkt te danken aan het wegvallen van de export van gewrichtsprothesen. Massachusetts exporteerde fors minder medicinale en farmaceutische producten, terwijl Montana geen molybdeenerts meer exporteerde in 2017. Molybdeen wordt met name toegevoegd aan legeringen, zoals staal, om deze sterker te maken.

Het aandeel van Nederland als exportbestemming is sinds het begin van de kredietcrisis, in 2007, groter geworden voor de staten Oklahoma, Vermont, Utah en Connecticut. De sterk gegroeide uitvoer van computeronderdelen droeg bij aan de toename van het aandeel van Nederland als exportbestemming voor Oklahoma. Connecticut zag het aandeel van Nederland als exportbestemming groeien dankzij een sterke toename van de uitvoer van onderdelen voor chipmachines. Voor Utah groeide het aandeel van Nederland als exportbestemming door de groei van de uitvoer van medische instrumenten en voor Vermont door de groei van de uitvoer van elektronisch geïntegreerde schakelingen.

Vervoerswijzen: gewicht en waarde

Het merendeel van de invoer uit Nederland komt de Verenigde Staten binnen via zeehavens. Gemeten in gewicht, arriveren vrijwel alle producten uit Nederland via de zee. Slechts één procent van het gewicht van Nederlandse producten vindt zijn weg naar de VS via de lucht. Dertig procent van het totaalgewicht van goede­ren die de VS uit Nederland importeert arriveert via de zee per container, op een pallet of doos. Denk hierbij aan bier, gedistilleerde dranken en cacaopoeder. Het merendeel betreft bulk- en stukgoederen die via zeehavens de Verenigde Staten bereiken, zoals olie, motorvoertuigen en staal. Dat is niet geheel verrassend. Zware producten worden vanwege economische redenen bij voor­keur door schepen getransporteerd. Vliegtuigen transporteren veelal lichtere – en bederfelijke – producten, met een hogere waarde. Dit blijkt ook uit figuur 3.3.4; 44 procent van de waarde van de ingevoerde goederen uit Neder­land wordt vervoerd door het luchtruim. Belangrijke producten die via deze modaliteit vervoerd worden zijn onderdelen van chipmachines, vaccins en medicijnen.

Gemeten naar gewicht bestaat de Amerikaanse uitvoer naar Nederland voor 91 procent uit bulk- en stukgoederen, voor bijna 9 procent uit goederen vervoerd per container, pallet of doos, terwijl nog geen half procent van het totale geëxporteerde gewicht werd vervoerd per luchtvracht. De goederen vervoerd per luchtvracht zijn het meest waardevol: 48 procent van de uitgevoerde waarde naar Nederland bereikte ons land via het luchtruim. Denk hierbij aan medische instru­menten, onderdelen voor telefoons en protheses. Ruim 28 procent van de Amerikaanse goederenexport naar Nederland werd vervoerd per container, pallet of doos en 24 procent van de waarde van de VS uitvoer naar Nederland werd verscheept als bulk- of stukgoed. Gemeten naar waarde, zijn de belangrijkste uitgevoerde bulk- en stukgoederen olie, ruwe olie en sojabonen. De belangrijkste containergoederen zijn vaccins, carrosserieën voor motorvoertuigen en medische instrumenten.

Belangrijke producten

In paragraaf 3.2 hebben we al gezien wat de belangrijkste exportproducten zijn van Nederland naar de VS vanuit het Nederlandse perspectief. Amerikaanse data maken het ook mogelijk om te kijken naar het belang van Nederland als herkomst- en bestemmingsland van goederen voor de Verenigde Staten. Figuur 3.3.6 presenteert de productgroepen waar Nederland het grootste aandeel heeft in de totale import van de VS en waarin ons land dus een belangrijke leverancier is. Het grootste aandeel heeft Nederland in looi- en verfextracten. Bijna een kwart van deze producten is afkomstig uit ons land. Verder is Nederland een wereldspeler in de handel van agrarische- en voedselproducten (WUR & CBS, 2019). Het is dan ook niet verrassend dat producten uit de agribusiness goed vertegenwoordigd zijn in de top tien van goederencategorieën waarin Nederland een groot belang heeft.

De exportproducten van de VS waarvoor Nederland een belangrijke bestemming is, zijn weergegeven in figuur 3.3.7. De goederencategorieën zijn divers: van radioactief en aanverwant materiaal tot voedselproducten als margarine en bereide oliën en vetten tot steenkool, cinematografische films, textielproducten, farmaceutische producten en medische instrumenten.

Belangrijke producten per staat

Op het hoogste aggregatieniveau van de goederensoorten is te zien dat voor het merendeel van de staten van de VS, machines het belangrijkste importproduct met als herkomst Nederland vormen, zie figuur 3.3.8. Hieronder vallen bijvoorbeeld chipmachines, elektro-medische en radiologische apparaten en landbouwmachines. Voor een tiental staten in het oosten van de VS zijn chemische producten de meest geïmporteerde goederen uit Nederland. De belangrijkste subcategorieën hierin zijn medicinale en farmaceutische producten, geneesmiddelen, radioactief en aanverwant materiaal (isotopen) en organische chemische producten. In vier staten vormen fabricaten de belangrijkste importcategorie, met prothesen en gewalste producten van ijzer en staal als belangrijkste subcategorieën.

030308 Mine r ale b r andsto ff en Chemische p r oducten F abricaten Machines V er v oermaterieel D r anken en tabak O v erigen 3.3.8 B e l a n gr i j k s t e i m p o rt p r o d u c t c a t e g o r i e u i t N e d e r l a n d per s t a a t , 2017 B r on: US C ensus Bu r e au; eigen be r ekeningen . W A OR ID N V M T W Y ND SD NE K S OK NM AZ CA AK HI TX AR MO IA MN WI IL IN OH MI P A W V K Y TN AL MS LA GA SC FL NC V A V T N Y ME NH MA C T RI NJ DE MD DC C O U T

In veel staten zijn machines ook het belangrijkste exportproduct naar Nederland, zie figuur 3.3.9. Hieronder vallen bijvoorbeeld telecommunicatieapparatuur, computers en chipmachines. Fabricaten zijn het belangrijkste exportproduct naar Nederland in twaalf staten. De grootste subcategorieën hierin zijn medische instrumenten en apparaten, en orthopedische artikelen en toestellen. Chemische producten zijn ook goed vertegenwoordigd, met medicinale en farmaceutische producten en geneesmiddelen als belangrijkste subcategorieën.

030309 Mine r ale b r andsto ff en Chemische p r oducten F abricaten Machines V er v oermaterieel V oeding en le v ende die r en G r ondsto ff en B r on: US C ensus Bu r e au; eigen be r ekeningen . W A OR ID N V M T W Y ND SD NE K S OK NM AZ CA AK HI TX AR MO IA MN WI IL IN OH MI P A W V K Y TN AL MS LA GA SC FL NC V A V T N Y ME NH MA C T C T NJ DE MD DC C O U T

3.4Nederlands-Amerikaanse dienstenhandel vanuit Nederlands perspectief

Tot nu toe is in dit hoofdstuk vooral aandacht geweest voor de goederenhandel tussen de Verenigde Staten en Nederland. De dienstenhandel is echter ook een belangrijk onderdeel van het Nederlandse verdienmodel. De bijdrage van de totale dienstenexport aan het Nederlandse bruto binnenlands product (bbp) kwam in 2015 uit op ruim 11 procent en dat is ruim een derde van de totale Nederlandse export, inclusief goederen (CBS, 2017b). De Verenigde staten spelen daarin een belangrijke rol. Alleen aan Duitsland, Ierland en het Verenigde Koninkrijk levert Nederland meer diensten. De Verenigde Staten zijn op hun beurt de belangrijkste leveranciers van diensten voor Nederland.

In de laatste jaren doen zich zowel in de import van diensten uit de VS als de dienstenexport naar het land schommelingen voor, zie figuur 3.4.1. Voor beide handelsstromen geldt dat de waarde in 2017 kleiner was dan in 2014.noot1 Net als bij de goederenhandel, heeft Nederland in diensten een tekort op de handelsbalans met de VS. In 2017 bedroeg het handelstekort meer dan 6 miljard euro.

In 2017 kromp de waarde van ingevoerde diensten uit de VS met meer dan 6,6 miljard euro tot 20,7 miljard euro, een daling van 24 procent. De dienstenimport uit de VS nam in 2017 voornamelijk af doordat Nederland 5,5 miljard euro minder vergoedingen betaalde voor het gebruik van intellectueel eigendom. Deze categorie draagt in de laatste jaren in absolute zin ook het meest bij aan de schommelingen in de import van diensten uit de VS.

Voor de export van diensten was er een kleine toename in 2017 ten opzichte van een jaar eerder. In 2017 exporteerde Nederland diensten voor een bedrag van 14,6 miljard euro naar de VS. De waarde van geëxporteerde diensten naar de VS nam met 36 miljoen euro of 0,2 procent toe. Tussen de verschillende exportcategorieën vonden wel grote verschuivingen plaats. Zo nam de export van het gebruik van intellectueel eigendom toe met 314 miljoen euro, terwijl de uitvoer van financiële diensten met 324 miljoen euro afnam.

Ondanks het feit dat de totale Nederlandse import en export van diensten tussen 2014 en 2017 toenam, nam het belang van de VS in zowel de totale Nederlandse import als de totale export van diensten af. Tussen 2014 en 2017 nam het aandeel van de VS in de totale Nederlandse invoer van diensten af van 19,4 procent naar 11,3 procent, zie figuur 3.4.2. Desalniettemin blijft de VS de belangrijkste dienstenleverancier voor ons land, voor Duitsland (met een aandeel van 11,1 procent) en Bermuda (met een aandeel van 11 procent).

Tijdens diezelfde periode nam het aandeel van de VS in de totale Nederlandse uitvoer van diensten zelfs af van 11 procent tot 7,6 procent. Daarmee was de VS in 2017 de op drie na belangrijkste markt voor Nederlandse dienstenexporteurs, na Duitsland (met een aandeel van 12,8 procent), Ierland (met een aandeel van 11,9 procent) en het Verenigd Koninkrijk (met een aandeel van 11,8 procent).

Dominant in de Nederlandse diensteninvoer uit de VS is het gebruik van zakelijke diensten, zie figuur 3.4.3. Deze zakelijke diensten bestaan voornamelijk uit technische diensten en professionele en managementadviesdiensten. Vergeleken met 2014 is het aandeel van zakelijke diensten sterk toegenomen ten koste van het aandeel van het gebruik van intellectueel eigendom. Ook het aandeel van telecommunicatie- en computerdiensten is bijna verdubbeld tussen 2014 en 2017. De aandelen van vervoersdiensten en financiële diensten in de Nederlandse uitvoer van diensten naar de VS zijn nagenoeg gelijk gebleven.

Een vergelijkbaar patroon is zichtbaar in de verandering van de samenstelling van de dienstenimport uit de VS. Evenals bij de export is het aandeel van zakelijke diensten gegroeid ten koste van het aandeel van vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom. Ook is het aandeel van telecommunicatie- en computerdiensten in de samenstelling van de import van diensten uit de VS meer dan verdubbeld. Het belang van financiële diensten is ook toegenomen.

Om een duidelijker beeld te krijgen van de belangrijkste diensten die worden verhandeld met de VS, is in tabel 3.4.4 voor 2014 en 2017 een top tien voor zowel de invoer uit de VS als de uitvoer van diensten naar de VS weergegeven. Het jaar 2014 wordt hier gekozen, omdat tussen 2013 en 2014 een methodebreuk plaatsvond waardoor geen vergelijking gemaakt kan worden met oudere data.

Zoals eerder vermeld, zijn de door Nederland betaalde vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom uit de VS gedaald. De waarde in 2017 is drie keer kleiner dan in 2014. De invoer van professionele en managementadviesdiensten zijn wel gestaag gegroeid, terwijl de waarde van de import van technische en overige zakelijke diensten is afgenomen. De waarde van ingevoerde computerdiensten is daarentegen verdubbeld. De groei van Nederlands toerisme naar de VS komt ook naar voren in de positieve ontwikkelingen in het reisverkeer voor privédoeleinden.

Technische en overige zakelijke dienstverlening voert de ranglijst in 2017 aan in de lijst van belangrijkste exportcategorieën van diensten naar de VS, hoewel de waarde sinds 2014 nauwelijks is gegroeid. Professionele en managementadviesdiensten nemen de tweede plaats in. In 2014 was dit nog de op vier na belangrijkste categorie. Deze categorie zag een gemiddelde jaarlijkse groei van meer dan 17 procent tussen 2014 en 2017. De uitvoer van financiële diensten nam af in waarde, waardoor deze categorie zakt van plaats 3 naar 4. Wat ook opvalt is dat research en development (R&D) diensten zijn afgenomen. Deze categorie is gezakt van plaats 4 in 2014 naar plaats 8 in 2017. Informatiediensten zijn verdwenen uit de top tien.

3.4.4Top 10 diensten in de dienstenhandel met de VS

Invoer uit VS, 2014 Mln euro
1 Gebruik intellectueel eigendom 13 138
2 Professionele en managementadviesdiensten 3 280
3 Technische en overige zakelijke diensten 2 979
4 Financiële diensten 2 012
5 Computerdiensten 1 371
6 Research & development (R&D) 1 357
7 Overig vervoer: vrachtvervoer 980
8 Privé reisverkeer 698
9 Onderhoud en reparatie 351
10 Luchtvaart: passagiersvervoer 338
 
Uitvoer naar VS, 2014
1 Gebruik intellectueel eigendom 4 894
2 Technische en overige zakelijke diensten 3 326
3 Financiële diensten 1 894
4 Research & development (R&D) 1 284
5 Professionele en managementadviesdiensten 1 109
6 Zeevaart: vrachtvervoer 1 035
7 Luchtvaart: passagiersvervoer 787
8 Computerdiensten 613
9 Informatiediensten 448
10 Zakelijk reisverkeer 240
 
Invoer uit VS, 2017
1 Gebruik intellectueel eigendom 4 180
2 Professionele en managementadviesdiensten 3 977
3 Technische en overige zakelijke diensten 2 702
4 Computerdiensten 2 629
5 Financiële diensten 2 194
6 Research & development (R&D) 988
7 Privé reisverkeer 833
8 Overig vervoer: vrachtvervoer 682
9 Zakelijk reisverkeer 340
10 Luchtvaart: passagiersvervoer 330
 
Uitvoer naar VS, 2017 Mln euro
1 Technische en overige zakelijke diensten 3 396
2 Professionele en managementadviesdiensten 1 793
3 Gebruik intellectueel eigendom 1 551
4 Financiële diensten 1 431
5 Zeevaart: vrachtvervoer 973
6 Computerdiensten 955
7 Luchtvaart: passagiersvervoer 950
8 Research & development (R&D) 853
9 Zakelijk reisverkeer 359
10 Privé reisverkeer 280

Bron:CBS.

Tabel 3.4.5 laat zien welke diensten in de Nederlandse export het meest gericht zijn op de VS. Van de uitvoer van audiovisuele en verwante diensten heeft 26 procent de VS als afnemer, research en development diensten 22 procent, persoonlijke, culturele en recreatieve diensten en financiële diensten eveneens 22 procent. De export van passagiersvervoer door de luchtvaart is voor 16 procent afhankelijk van de Verenigde Staten.

3.4.5Top 10 meest op de VS gerichte exportdiensten, 2017

Totale uitvoer Uitvoer naar VS Aandeel VS
Mln euro %
1 Audiovisuele en verwante diensten 841 220 26
2 Research & development (R&D) 3 821 853 22
3 Persoonlijke, culturele en recreatieve diensten 1 158 257 22
4 Financiële diensten 6 463 1 431 22
5 Luchtvaart: passagiersvervoer 5 776 950 16
6 Zeevaart: vrachtvervoer 7 147 973 14
7 Luchtvaart: vrachtvervoer 1 890 195 10
8 Professionele en managementadviesdiensten 17 591 1 793 10
9 Technische en overige zakelijke diensten 35 208 3 396 10
10 Computerdiensten 12 889 955 7

Bron:CBS.

26% van alle audiovisuele diensten die Nederland exporteert, heeft de VS als bestemming Buitenvorm Binnenvorm

3.5Nederlands-Amerikaanse dienstenhandel vanuit Amerikaans perspectief

In deze paragraaf wordt de dienstenhandel belicht vanuit Amerikaans perspectief. In tegenstelling tot de goederenhandel is helaas geen data beschikbaar op het niveau van de Amerikaanse staten. In de vorige paragraaf hebben we gezien dat de Verenigde Staten een belangrijke handelspartner voor Nederland is op het gebied van de dienstenhandel. Hoe is dat omgekeerd?

Volgens data van het Bureau of Economic Analysis (2018b), was het Verenigd Koninkrijk in 2017 de belangrijkste Amerikaanse importpartner voor diensten, gevolgd door Duitsland en Japan. Nederland was in deze rangschikking terug te vinden op de dertiende plaats. De belangrijkste Amerikaanse exportpartner voor diensten was in 2017 eveneens het Verenigd Koninkrijk met Canada en China als nummers twee en drie. Nederland was terug te vinden op plaats zestien in deze rangschikking van belangrijkste afnemers van Amerikaanse diensten.

Het aandeel van Nederland voor de import van diensten van de VS is de laatste jaren toegenomen. Tijdens en vlak na de kredietcrisis schommelde het aandeel van Nederland in de import van diensten van de VS net iets onder de 2 procent. Vanaf 2013 nam dit aandeel toe tot 2,1 procent in 2017, zie figuur 3.5.1. Het aandeel van Nederland als bestemming van de export van diensten van de VS is juist afgenomen sinds het hoogtepunt van de kredietcrisis. In 2008 was het aandeel van Nederland nog 2,9 procent, maar dat is gestaag gedaald tot 2,2 procent in 2017.

Als we kijken naar het aandeel van Nederland in de totale import en export van diensten van de VS, is dit bij de import het grootst binnen de categorie bouwdiensten. Ruim 10 procent van alle internationale bouwdiensten die de VS importeerde, waren afkomstig uit ons land. De bouwdiensten worden wat betreft belang gevolgd door onderhoud- en reparatiediensten en zakelijke diensten, zie figuur 3.5.2. Verzekeringsdiensten worden verhoudingsgewijs amper afgenomen uit Nederland. Bij de export is het aandeel van Nederland het grootst bij het gebruik van intellectueel eigendom, gevolgd door onderhoud- en reparatiediensten, zie figuur 3.5.3. Vanwege geheimhoudingsredenen is niet bekend hoe groot het belang van Nederland is bij de uitvoer van Amerikaanse bouwdiensten.

3.6Samenvatting en conclusies

In dit hoofdstuk is onderzocht hoe de bilaterale goederen- en dienstenhandel zich ontwikkeld tussen de Verenigde Staten en Nederland. Deze vraag is zowel vanuit het Nederlandse als het Amerikaanse perspectief belicht. Zo wordt niet alleen duidelijk hoe belangrijk de Verenigde Staten is voor ons land, maar ook omgekeerd.

Het moge duidelijk zijn dat de VS een belangrijke handelspartner is voor Nederland. Dit belang is in de afgelopen jaren nauwelijks veranderd. De VS is de belangrijkste niet-Europese bestemming voor zowel de Nederlandse goederenuitvoer als de dienstenuitvoer. De VS is het op drie na belangrijkste land van herkomst voor de Nederlandse goedereninvoer en de belangrijkste leverancier voor diensten. Nederland heeft een aanzienlijk goederenhandelstekort met de VS, maar uit eerder CBS-onderzoek blijkt dat het merendeel van dit handelstekort toe te schrijven is aan grote wederuitvoerstromen (CBS, 2018). Belangrijke producten voor de Nederlandse goederenuitvoer naar de VS zijn geraffineerde aardolieproducten, chipmachines, bier en personenauto’s. De uitvoer van kunstvoorwerpen, van gedroogde, gerookte en gezouten vis en van bier is verhoudingsgewijs het meest op de VS gericht.

Technische diensten, professionele- en managementadviesdiensten en vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom zijn diensten waar de VS bedrijven in Nederland het meest voor vergoeden. De uitvoer van audiovisuele diensten, R&D-diensten, persoonlijke, culturele en recreatieve diensten en financiële diensten zijn het sterkst op de VS gericht.

Tabel 3.6.1 geeft een overzicht van de belangrijkste kerncijfers betreffende de Nederlandse-Amerikaanse handel in goederen en diensten, gezien vanuit het Nederlandse perspectief.

3.6.1Kerncijfers Nederlandse handel met de VS

2015 2016 2017
aandeel plaats aandeel plaats aandeel plaats
Goederen % % %
Aandeel VS in goederenuitvoer 4,3 5 4,2 5 4,2 5
Aandeel VS in uitvoer NL makelij 5,7 5 5,5 5 5,5 5
Aandeel VS in wederuitvoer 2,4 8 2,4 8 2,7 8
Aandeel VS in goedereninvoer 8,1 4 8,2 4 7,6 4
Diensten
Aandeel VS in dienstenuitvoer 9,5 4 8,5 4 7,6 4
Aandeel VS in diensteninvoer 13,9 1 16,5 1 11,3 1

Bron:CBS.

Vanuit het perspectief van de VS is Nederland sinds de kredietcrisis minder belangrijk geworden voor zowel de Amerikaanse goedereninvoer als de Amerikaanse goederenuitvoer, ondanks het feit dat zowel de invoer uit Nederland als de uitvoer naar Nederland in absolute zin zijn toegenomen. Van alle Amerikaanse staten werd in 2017 de meeste goederenhandel gedreven met Texas. Andere belangrijke staten zijn Californië, New Jersey, New York en Illinois. Dit zijn tevens de staten met de grootste economische activiteiten in de VS.

Voor de VS is Nederland een belangrijke leverancier van looi- en verfextracten, chipmachines en vogeleieren. Nederland heeft ook een aanzienlijk aandeel in de Amerikaanse invoer van bouwdiensten. Daarnaast is uit dit hoofdstuk gebleken dat Nederland voor Amerikaanse bedrijven een belangrijke bestemming is van radioactief en aanverwant materiaal, margarine en bereide oliën, vetten en was. In de Amerikaanse uitvoer van diensten is het aandeel van betalingen voor gebruik van intellectueel eigendom het grootst.

3.7Bijlage

Data en methoden

Voor de verschillende onderdelen van dit hoofdstuk worden naast cijfers van het CBS ook cijfers gebruikt van het United States Census Bureau (US Census Bureau) en van het Bureau of Economic Analysis (BEA). De internationale handel in goederen wordt in categorieën opgedeeld volgens de Standard International Trade Classification (SITC), de goederenindeling van de Verenigde Naties. Deze indeling kent verschillende niveaus, van twee tot vijf cijfers. Ieder extra cijfer houdt een verdere detaillering in. Voor de beschrijving van de handel in verschillende soorten goederen vanuit Nederlandse perspectief (paragraaf 3.2) worden zowel de SITC1 als de SITC3 indeling gebruikt. Voor twee goederengroepen (bier en chipmachines) wordt ter verduidelijking de goederengroep op SITC5 niveau vermeld tussen SITC3 goederengroepen, omdat deze een groot deel van de categorie vormen op SITC3 niveau (respectievelijk Alcoholhoudende dranken en Machines en toestellen n.a.g). De bilaterale handel in diensten wordt in categorieën opgedeeld volgens de Extended Balance of Payments Services Classification 2010 (EBOPS 2010), de dienstenindeling van de Verenigde Naties.

De bilaterale handel van goederen vanuit Nederlands perspectief (paragraaf 3.2) wordt beschreven aan de hand van CBS-cijfers tot en met het jaar 2017. Cijfers uit 2017 worden voornamelijk vergeleken met cijfers uit 2007, omdat dit het jaar is van het uitbreken van de kredietcrisis en de daaropvolgende sterke daling van de wereldhandel. CBS-cijfers over handel in diensten met de VS (paragraaf 3.4) zijn beschikbaar van 2013 tot 2017. De handel in hightech goederen wordt geclassificeerd volgens de internationale hightech definitie ontwikkeld door de OESO (Hatzichronoglou, 1997), aangevuld met elf extra goederensoorten waarbij hightech een grote rol speelt en die voor de Nederlandse economie van belang zijn (CBS, 2017c).

Voor het analyseren van de bilaterale handel in goederen vanuit Amerikaans perspectief (paragraaf 3.3) wordt gebruik gemaakt van data van het US Census Bureau. Op nationaal niveau is deze data beschikbaar op SITC3 niveau, maar voor de federale staten is de data alleen beschikbaar volgens het Harmonized System (HS), de goederenindeling van de Werelddouaneorganisatie. Deze indeling kent niveaus van twee tot zes cijfers. Regionale data geclassificeerd op HS6 niveau is met behulp van een koppeltabel van Eurostat omgerekend naar de SITC-goederenindeling. Amerikaanse cijfers over de bilaterale handel in diensten zijn aangeleverd door het BEA in dezelfde EBOPS 2010 classificatie die het CBS gebruikt. Regionale cijfers over bilaterale handel in diensten zijn niet beschikbaar. Cijfers voor 2018 van het CBS zijn voorlopig.

Een belangrijke opmerking die gemaakt moet worden is dat er op totaalniveau verschillen zijn tussen de Nederlandse en de Amerikaanse handelscijfers. Dat heeft zowel te maken met handelsasymmetrieën als met bewuste (conceptuele) verschillen. Asymmetrieën in de handelsstatistieken tussen landen komen wereldwijd vaak voor en hebben betrekking op een afwijking in de opgave tussen, in dit geval, Amerikaanse en Nederlandse bedrijven met betrekking tot dezelfde goederenstroom of dienstenstroom. Dat kan veroorzaakt worden door een foutieve opgave door een bedrijf of een interpretatieverschil door een bedrijf ten aanzien van het land van herkomst of bestemming. Ook kunnen handelsasymmetrieën ontstaan doordat specifieke goederenstromen op een afwijkende manier worden bijgeschat, indien dat nodig is.

Een gedeelte van de handel is niet toegewezen aan één van de 50 federale staten. Handel naar de hoofdstad Washington D.C. valt niet onder één van de staten, maar ook de handel naar de overzeese gebiedsdelen Puerto Rico en de Amerikaanse Maagdeneilanden zijn wel opgenomen in de totale Amerikaanse handelscijfers maar vallen eveneens niet onder één van de federale staten. Tezamen omvatten deze gebieden 5,6 procent van de totale export van de VS naar Nederland en 1,3 procent van de totale import van de VS uit Nederland. Dan is er ook nog een gedeelte van de handel dat niet specifiek naar één van de federale staten of naar één van de voorgenoemde andere gebieden kan worden toegewezen en is daarom gecategoriseerd als ‘onbekend’. Voor 0,9 procent van de Amerikaanse import uit Nederland is niet bekend in welke regio de goederen het land binnenkomen. Van de export van de VS naar Nederland is voor 1,3 procent niet bekend uit welk Amerikaans territorium deze export afkomstig is. In paragraaf 3.3 worden deze gegevens daarom eveneens niet meegenomen in de analyse met betrekking tot de regionale verschillen. Om het verschil in gebruikte data te onderstrepen, wordt in paragraaf 3.3 en paragraaf 3.5 dan ook gesproken over de import van de VS vanuit Nederland en niet over de export van Nederland naar de VS.

Het is ook belangrijk om te realiseren dat de genoemde federale staten niet noodzakelijkerwijs de staten zijn waar de goederen daadwerkelijk geproduceerd worden, of de staten waarvandaan de goederen naar het buitenland worden gestuurd of juist ontvangen worden. Exporterende Amerikaanse bedrijven moeten bij het invullen van de douaneformulieren aangeven in welke staat de geëxporteerde goederen worden getransporteerd naar de zee- of luchthaven waar de goederen het territorium van de VS verlaten. Importerende Amerikaanse bedrijven moeten de eindbestemming binnen de VS aangeven op het douaneformulier van de goederen die vanuit zee- of luchthavens worden aangevoerd.

De handelsstatistiek naar zee- of luchthavens is gebaseerd op de zee- of luchthaven waar de geëxporteerde Amerikaanse goederen door de douane worden uitgeklaard of geïmporteerde goederen worden ingeklaard (United States Census Bureau, 2007). Tabel 3.7.1 vat de belangrijkste verschillen in de data samen. De Amerikaanse data zijn aangeleverd in Amerikaanse dollars. Met wisselkoersgegevens van de Europese Centrale Bank zijn deze cijfers omgerekend naar euro’s.

3.7.1Verschillen tussen Nederlandse cijfers, VS cijfers op nationaal niveau en VS cijfers op federaal staatsniveau, 2017

Nederlands perspectief Amerikaans perspectief
Totaal VS Totaal VS Som alle 50 federale staten
Mld euro
Goederen vanuit Nederland naar VS 19,8 16,3 15,4
Goederen vanuit VS naar Nederland 30,9 36,7 34,2
Diensten vanuit Nederland naar VS 14,6 11,1
Diensten vanuit VS naar Nederland 20,7 17,3

Bron:CBS, US Census Bureau, Bureau of Economic Analysis; eigen berekeningen.

Amerikaanse data zijn aangeleverd in Amerikaanse dollars. Met wisselkoersgegevens van de Europese Centrale Bank zijn deze cijfers omgerekend naar euro’s.

3.8Literatuur

Open literatuurlijst

Literatuur

Bureau of Economic Analysis (2018a). Foreign Direct Investment in the United States: Selected Items by Country of Foreign Parent, 2014–2017. [Database]. Geraadpleegd op