Uitkeringen
Minder personen met een werkloosheidsuitkering
In 2018 ontvingen gemiddeld 266 duizend personen een uitkering in het kader van de Werkloosheidwet (WW). Dat waren er 59 duizend minder dan in 2017. Dit is het vierde opeenvolgende jaar dat het aantal mensen met een werkloosheiduitkering daalt, en tevens de grootste daling. Desondanks is het aantal WW’ers nog fors hoger dan in 2008, toen de laagste stand van het laatste decennium werd bereikt. De WW-cijfers betreffen hier de ontslagwerkloosheid. Bijzondere uitkeringen als gevolg van tijdelijke werktijdverkorting, werkloosheid door meteorologische omstandigheden of faillissement zijn buiten beschouwing gelaten. Iets meer dan de helft van de WW’ers is vrouw, 6 op de 10 zijn 45 jaar of ouder (zie StatLine: Personen met WW-uitkering).
Tussen de cijfers over het aantal WW’ers en die over de werkloze beroepsbevolking bestaan grote verschillen. Niet alle mensen die volgens de definitie werkloos zijn ontvangen immers een werkloosheidsuitkering. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om jongeren die tijdens of na hun opleiding op zoek gaan naar werk, of andere werkzoekenden die nog niet eerder of niet lang genoeg gewerkt hebben om voldoende WW-rechten te hebben opgebouwd. Verder gaat het om mensen die werkloos zijn en al de maximale WW-duur hebben bereikt (mogelijk kan men daarna wel in aanmerking komen voor een bijstandsuitkering), om mensen die werkzaam waren als zelfstandige of freelancer, of om werknemers die verwijtbaar ontslag kregen of op eigen initiatief ontslag hebben genomen.
In 2017 hadden van de 438 duizend werklozen er 332 duizend geen WW-uitkering. Onder hen zijn naar verhouding veel jongeren van 15 tot 25 jaar. Aan de andere kant worden ook niet alle mensen met een WW-uitkering als werkloos beschouwd. In 2017 hadden 144 duizend mensen een WW-uitkering in aanvulling op een betaalde baan en 66 duizend waren niet op zoek en/of konden niet op korte termijn starten en worden daarom niet geteld als werkloos.
StatLine: Personen met een uitkering.
Arbeidsongeschiktheid
In 2017 ontvingen gemiddeld 762 duizend personen een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Het gaat hierbij om de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet wajong), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Het aantal personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering vertoont al langere tijd een dalende tendens. Voor 2018 zijn de uitkomsten nog niet bekend.
Het gemiddeld aantal WAO’ers nam in 2017 af met 21 duizend tot 276 duizend. Tegelijkertijd groeide het aantal personen met een uitkering in het kader van de WIA (de regelingen IVA en WGA) met 23 duizend tot gemiddeld 263 duizend. Per eind 2005 is de WAO vervangen door de WIA. De WAO bestaat sinds die tijd alleen nog voor mensen die toen al recht hadden op een WAO-uitkering. Het gemiddeld aantal Wajong’ers kwam uit op 218 duizend.
Minder mensen in de bijstand
Vanaf 2015 geldt de Participatiewet. Doel is om zoveel mogelijk mensen met of zonder arbeidsbeperking (zo nodig) aan het werk te helpen. De Participatiewet vervangt de Wet werk en bijstand (WWB), de WSW en een groot deel van de Wajong. Omdat een bijstandsuitkering voor meerdere personen kan gelden, is het aantal personen met een bijstandsuitkering hoger dan het aantal bijstandsuitkeringen.
In 2017 ontvingen gemiddeld 570 duizend mensen een bijstandsuitkering. Dit is inclusief 50 duizend personen vanaf de AOW-leeftijd, met name mensen die geen volledige AOW-uitkering hebben opgebouwd door verblijf in het buitenland. In bepaalde gevallen kan men dan recht hebben op een aanvullende bijstandsuitkering. Verder is dit cijfer inclusief de bijstandsgerelateerde uitkeringen op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Voor 2018 zijn nog niet alle cijfers bekend. Wel is bekend hoeveel mensen een bijstandsuitkering op basis van de Participatiewet hadden, waarbij dak- en thuislozen en personen die verblijven in een instelling buiten beschouwing worden gelaten. Op basis van dit cijfer treedt er voor het eerst in tien jaar tijd een daling op in de jaarcijfers, van gemiddeld 515 duizend bijstandsontvangers in 2017 naar 498 duizend in 2018 (zie StatLine: Personen met een bijstandsuitkering).
5 miljoen uitkeringsontvangers
Het is mogelijk dat een persoon meerdere uitkeringen ontvangt. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van een verschillend type (zoals een WW- en een bijstandsuitkering). Eind 2017 ontvingen 4 973 duizend mensen een uitkering op grond van werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, bijstand of de Algemene ouderdomswet (AOW). Van hen ontvingen 3 422 duizend personen een AOW-uitkering. Een op de vijf mensen met een uitkering woont in Zuid-Holland. Urk is de gemeente met relatief het kleinste aantal uitkeringsontvangers.